vrijdag 31 oktober 2014

Hongarije in Nederland

Eigenlijk heb ik niet zo heel veel te melden deze keer. Normaal gesproken gaan we in oktober altijd nog even naar Hongarije, maar omdat Mario het zo druk heeft gaat dat dit keer dus niet lukken. Dat is de eerste keer sinds wij in 2008 ons huis kochten. En dat is toch wel een beetje jammer, maar soms kan het gewoon niet. En natuurlijk vermaken we onszelf hier in Nederland ook wel daar niet van. 

Zo was ik vorige week naar de OEQC, The Open European Quilt Championships in Veldhoven geweest. Voor de niet-quilters onder ons, en dan zijn er een hele hoop, zoiets bestaat gewoon. Ik had 2 vrijkaarten gewonnen en was daar heel blij mee. Maar omdat ik niemand ken die net zoals ik dagen en dagen met zijn neus in lappen stof kan zitten, ben ik er alleen naartoe gegaan. En daar kwam ik in de hemel op aarde voor mij! Want er hangen daar quilts van mensen uit heel Europa en dus ook uit Hongarije! Hongaarse quilts dat is toch het mooiste wat er bestaat J

Fire, Earth, Water, Metal, Wood gemaakt de Dunakanyar Quilt Groep


Life at the river gemaakt door Katalin Székely

Ik liep naar het tafeltje waaraan de Hongaarse dames van de Magyar Foltwarró Céh, oftewel de Hongaarse quiltgroep zaten. Ze verkochten kaarten en een boekje met daarin hun gemaakte quilts. Ik vroeg eerst netjes of ik een foto mocht maken. 


En daarna ging ik over in het Hongaars en zei dat ik een boekje wilde kopen. Ineens gingen de andere hoofden ook omhoog en vol verbazing keken ze mij aan. En kwam bij alle drie de dames een lach op hun gezicht. Beszél Magyarul? Spreek je Hongaars? Beszélek egy kicsit Magyarul…. Ik spreek maar een beetje Hongaars, zeg ik tegen de dames. Maar dat horen ze volgens mij niet, want ze bestoken mij met vragen. Gelukkig snap ik het meeste wel en vertel hun dat ik het geweldig vind dat zij hier op deze kampioenschappen zijn in Nederland. Dan vragen ze mij waarom ik Hongaars spreek. (een beetje dus) Ik vertel hun dat wij een vakantiehuis hebben in Torvaj. Maar ik weet natuurlijk dat niemand weet waar Torvaj ligt, maar ik woon nou eenmaal in een kis falu. Maar Tab weet bijna iedereen wel te liggen en inderdaad ook hun ogen lichten op bij het noemen van Tab. Maar dan gaan ze zo snel en enthousiast praten dat ik er niet veel meer van begrijp en me een beetje ongemakkelijk begin te voelen. Ik vraag of ik ook met forinten kan betalen, maar nee ze willen euro’s. Ja geef ze eens ongelijk, haha. Ik krijg er nog een mooi stoffen tasje bij en nadat we hartelijk afscheid hebben genomen, voel ik me in de zevende hemel. 

            Hymen gemaakt door Edith Jóföldi Fejes

De rest van de middag vergaap ik me nog aan alle prachtige werkstukken die er hangen en koop ook nog een nieuwe snijmat en wat lapjes. Bij binnenkomst kreeg ik een formulier waarop ik kan stemmen op de 3 mooiste quilts. Ja en dan ben ik niet helemaal objectief meer en zet gewoon de mooiste Hongaarse quilt op nummer 1. Kan mij het schelen.

                   Galaxy gemaakt door Mária Somogyi Mina

En zo heb ik toch wat Hongaarse cultuur gehad in oktober en dan maakt het gemis een heel klein beetje goed.


Groetjes, Marti

dinsdag 30 september 2014

Het grote zwarte gat

Zoetjes aan worden we al wat ouder en komen we op een leeftijd waarbij we steeds vaker gaan nadenken over later. Wat gaan we doen als we later groot zijn. Als we op een leeftijd zijn dat we ons geen zorgen meer hoeven te maken over werk. Want dat nu nog de enige stoorzender, dat er nog gewerkt moet worden voor geld. En wat wij gaan doen  als we later groot zijn, lees gepensioneerd, is niet zo moeilijk te raden. Wij gaan lekker heeeeel veel naar Hongarije. Naar onze huisjes op de heuvel. Dus wij hoeven niet bang te zijn dat we in een zwart gat vallen, want als je een huisje in Hongarije hebt val je nog niet eens in een lichtgrijs gat. En echt ik kan het iedereen aanraden! Heb je geen hobby’s, hoef je niet op je kleinkinderen te passen, koop dan een klushuis in het buitenland! Je verveelt je nooit want er is altijd iets wat fout of kapot gaat. Deze zomer hebben we dat weer volop kunnen ervaren. 

Het dak van het 2e huis is toch veel slechter als we eerst dachten… het is niet waterdicht. En dat is best belangrijk bij een dak. Gemakkelijk ook. Want is het is niet fijn als je op de wc zit en dat er bij een stevige regenbui de modder gewoon langs je heen spettert. En het is ook echt niet leuk als je net opnieuw geschilderd plafond na een plensbui weer bruine kringen begint te vertonen… en wat te denken van het irritante getik van de regendruppels op de plafondplaten. Afijn dat dak heeft dus nu onze prioriteit. Terwijl we eigenlijk verder willen gaan met het gastenverblijf… Maar plannen is sowieso lastig. Want we wilden van de zomer lekker gaan uit eten, toen ik zei dat ik nog even naar het toilet moest. Kom ik bij het toiletgebouw aan, stap ik zo in het water. Het hele toiletgebouw stond blank! Er was een of ander ding van de boiler losgeschoten en het water spoot eruit! Ikke roepen naar Mario dat er een overstroming was. Hij als een gek de hoofdkraan dichtgedraaid… dus in plaats van uit eten, werd het water scheppen. Afijn en zo gebeurt het regelmatig. Never al dull moment in Torvaj.


Het fijne van een huisje in Hongarije zijn ook de acacia’s. Die groeien als onkruid! Echt ik vind het prachtige bomen en het hoort ook echt bij Hongarije, maar ze moesten ietsje minder hard groeien. 


Had Mario in het voorjaar flink gesnoeid en verschillende bomen omgezaagd, in de zomer tralalalala, stonden ze er weer gewoon! Overal waar eerst grote acacia’s stonden, stonden nu boompjes van een ruim een meter hoog ons gewoon uit te lachen. Zo van, wij zijn echt niet weg hoor. Die Hongaren lachen ons uit en zeggen dat als we ze niet uitgraven ze gewoon terug blijven komen. Maar ze hebben daar wel een oplossing voor, pietsie olie op de stronk sprayen. Dit na een tijdje herhalen en ze zijn weg en blijven weg. Of het waar is weet ik niet…. Hongaren hebben wel vaker aparte ideeën.. Als Mario buiten gaat stoken, gebruikt hij meestal een beetje aanmaak vloeistof. Toen ze dat zagen lachten ze hem nog net niet uit, maar ze zeiden wel hoe het volgens hun moet. Je pakt een plastic zak, doet die over een stok en steek hem in de fik. Het plastic gaat smelten en je laat dat over het hout druipen. Nou en dan gaat het vuur dus aan. En dat hebben we wel geprobeerd en het werkt J
Maar ik wil nu niet klagen omdat we altijd aan het werk zijn, we hebben er zelf voor gekozen en hebben er nog geen moment spijt van gehad! Het is de beste aankoop die we ooit gedaan hebben. En we zijn natuurlijk nog in de opbouwende fase en dat is ook voorlopig nog keileuk. Ook al gaan we wel eens vermoeider naar huis dan dat we gekomen zijn.

Soms sta ik voor mijn boekenkast en denk bij mezelf, zal er ooit een tijd komen dat ik lekker lui in de hangmat kan gaan liggen lezen… Een beetje dommelen en genieten van de krekels… Kopje thee binnen handbereik. Mario roept mij dan om zes uur, Marti ga je mee uiteten? Om vervolgens met mijn oude knoken die klote hangmat niet meer uit te kunnen. Want dat is een nadeel van ouder worden en tijd zat te hebben, je bent niet meer zo soepel en gracieus J Pff eerst nog maar eens zien te halen. Tot die tijd blijven we stug water en acacia’s bestrijden . En we gaan er voorlopig maar van uit dat onze tijd nog wel komt! Maar waar wij dus echt niet bang voor zijn, is het grote zwarte gat.

Groetjes,
Marti


zondag 31 augustus 2014

Tis weer voorbij, die mooie zomer

Maar deze zomer was eigenlijk niet zo heel mooi… qua weer dan. En we hebben ook wel wat pechgevalletjes gehad. En die pech begon al onderweg. We waren mooi op tijd vertrokken, om half 5 ’s morgens gingen we vol goede moed op pad. Voordat we goed en wel op de snelweg waren, sliep ik al. Om vervolgens 2 uur later wakker te schrikken van een hard ratelend geluid. Ik zeg tegen Mario, huh wat is dat? Ja weet ik ook niet, zegt hij, hij begint ineens te ratelen. Eer brand geen enkel rood lampje en er komt geen rook onder de motorkap vandaan. Maar we besluiten om toch maar snel een parkeerplaats op te zoeken. Daar aangekomen maakt Mario de motorkap open en hij kijkt. Maarja hij heeft er ook geen verstand van en hij zegt dat hij niks geks ziet. Ik zeg tegen hem, ik zou de ANWB bellen. Hij kijkt nog een keer onder de motorkap en ziet nog steeds niks geks. Dan gaat hij de ANWB toch maar bellen. Ja en dan kom je er achter dat het hoogseizoen is. Wachten en wachten. Als we dan eindelijk aan de beurt zijn en Mario heeft zijn verhaal gedaan, moeten we weer wachten want de ANWB gaat contact opnemen met de ADAC. Dan bellen ze weer terug en zeggen dat er een auto komt van de ADAC. Dus wij weer wachten. ik vraag aan Mario, zijn we Montabaur eigenlijk al voorbij? Dat is een soort van ijkpunt voor ons geworden. Zijn we Montabaur voorbij dan gaat de rest van de reis ook voorspoedig. Onzin natuurlijk, maar omdat we daar 3 jaar geleden beland zijn na dikke pech met de auto, zijn we altijd blij als we daar voorbij zijn. Maar helaas we waren slechts 200 km van huis…. Nog niet voorbij Montabaur dus. Als dan eindelijk de ADAC arriveert zijn we blij. Niet dat hij iets doet, behalve hetzelfde wat Mario deed, luisteren en onder de motorkap kijken. Hij zwaait met zijn armen en zegt dat de motor kapot is en dat we niet verder kunnen reizen. 


De auto gaat op de sleepwagen en wij in de sleepwagen. We worden naar een garage van de ADAC gebracht en ondertussen is het gaan regenen. De ANWB belt ons en vraagt of de auto nog gerepareerd kan worden. Als wij dat ontkennen, zeggen ze dat ze op zoek gaan naar een vervangende auto. En dan begint het echte wachten pas. Gelukkig hebben we de ipad en ons eigen internet zodat we nog iets te doen hebben. We bellen regelmatig met de ANWB, maar het enige dat zij zeggen is dat ze er bezig mee zijn. Ja het valt nog niet mee om een auto te vinden waar onze 2 bedden, tuinmeubels, kussens, kleden en tig bananendozen in passen. Rond 15:00 uur komt er een man aangelopen en die zegt dat wij over 10 minuten van de parkeerplaats af moeten omdat ze gaan sluiten. Ik kijk hem verbaasd aan en zeg dat we op een huurauto aan het wachten zijn en dat we onze spullen dan ook nog moeten overladen. Hij haalt zijn schouders op en loopt weer weg. Hij zoekt het maar uit, ik ga hier echt niet weg zonder auto/spullen! Als we weer naar de ANWB bellen om te vragen hoe het ervoor staat, schiet ik uit mijn slof. Godverdorie wanneer komt er nu eens een auto. Krijg ik weer dat slap verhaal te horen, dat ze echt aan het zoeken zijn maar dat het lastig is om een auto te vinden die groot genoeg is. Ik wil het niet meer horen en zie het even niet meer zitten…. We moeten echt nog even wachten. Dus ik loop nog maar even een rondje en kijk eens goed rond en dan zie ik dat je nog veel meer pech kunt hebben. Er staat daar allemaal auto’s die flink in elkaar zitten. Auto’s zonder voorkant, auto’s mèt voorkant maar met uitgeklapte airbags. Dan besluit ik om niet meer te zeuren, want het kan altijd veel erger! Als om 7 uur  ‘s avonds dan eigenlijk ons busje arriveert kunnen we beginnen met overhuizen! 


Anderhalf uur later zijn we klaar en we hebben ondertussen besloten om de nacht door te brengen in een hotel en de volgende morgen weer verder te reizen. Eind goed, al goed. Maar niet heus. Want ik heb nog nooit zo lastig gezeten in een auto/bus. Mario had vanzelfsprekend een stoel tot zijn beschikking. Maar ik had anderhalf bankje en dat lijkt luxe en ruim maar dat was het dus niet. In het midden zitten ging niet, want omdat het een splinternieuwe bus was, dat dan weer wel, had een soort van bult in het midden. Het bankje was nog niet gevormd. Deed ik dat wel, dan schudde ik van de ene naar de andere kant en niet te vergeten, de sluiting van de gordel zal ook midden in het bankje en dat drukte heel pijnlijk tegen je kont. Nou ik heb daar vet genoeg zitten, maar toch deed dat verrekes zeer. Dus ik zat helemaal rechts tegen het raampje aan met een kussentje op mijn buik, achter de gordel, want de gordel kon niet lager gezet worden en sneed bijna dwars door mijn keel. Tel daar nog bij op dat de rugleuning van het bankje alleen maar keirecht was en ik dus de hele reis kaarsecht heb moeten zitten. Zie je het al voor je? …. Toen wij in Hongarije aankwamen waren mijn benen zo dik als van een olifant. Maar hé we waren er weer en we waren blij.



De zonnebloemen stonden er prachtig bij en het gras was groen. En dat hoort eigenlijk niet in de zomer. Normaal hebben we hooi ipv groen gras. Maar het gras bleef maar groen. En het bleef maar groeien. Ja de Hongaren hadden nou iets anders om over te klagen, ze moesten maar blijven maaien! Wat een pech zeg J


In mei hadden we toch in die ene kamer een nieuwe betonvloer laten storten, nou wij dachten dan gaan we nu eindelijk de laminaat leggen. We moesten nog even wachten tot de werkers klaar waren met stuken en schilderen, want die waren nog buiten bezig. Daar waren ze bezig met het leggen van drainage. Rondom het gastenverblijf en het toiletgebouw hadden ze een brede geul gegraven, daar kwam drainageplastic in, dan kwam er grond op en daar weer speciale grond en dan een laag beton erop. Hopelijk hebben we zo minder last van vocht in huis. Maar op een gegeven moment begon het te regenen en zagen we in de nieuwe kamer het water zo naar binnen lopen. Tussen de nieuwe muur en vloer door. Nou ik was blij dat de laminaat er nog niet lag! Wat een pech zeg! Dus voordat we echt verder konden moest ook eerst die muur aan de buitenkant aangepakt worden. 


En toen dat eindelijk klaar was, lag de vloer er zo in en was ik keiblij met het resultaat. De gasten konden komen.


En die kwamen, de volgende dag al. Menno kwam met zijn meisje, Susan. Het was voor haar de eerste keer in Torvaj, dus we hebben haar vol trots ons landgoed(je) laten zien. 


Ook hebben we het bruisende centrum van Torvaj bezocht en zijn zelfs op het terras van de plaatselijke kroeg gaan zitten. 


Menno en Susan wilden allebei een glas sinas en Mario en ik vroegen om water met bubbels. Maar dat had ze niet, ze vroeg wat we dan wilden. Ik zei toen tegen haar, doe maar spuitwater. Ze keek me aan of ik gek was geworden.  Ze wees naar de grote fles en vroeg of ik dat bedoelde. Ja, is goed, zei ik. Toen ik naderhand ging betalen moesten ik 300 forint, omgerekend een euro, betalen. Het spuitwater kregen we gratis. Kijk in Hongarije kan dat nog.


Een week later kwamen de volgende gasten in de vorm van Marcel en Marjolijn. Ook zij waren nog nooit bij ons in Torvaj geweest. En weer een dag later kwamen Piet en Betsie, ook al voor de eerste keer. We hebben het heel erg naar ons zin gehad met zoveel gasten, keigezellig! En wat hebben we toch gelachen om een potje Party on the Beach. 


Vooral het liplezen is een crime als je het moet raden, maar voor de omstanders o zo grappig om te zien. En als je gasten hebt, heb je zelf ook vakantie. Want dan kunnen we niet klussen. Maar dan moeten we allemaal leuke dingen doen, zoals naar de markt gaan.


En naar het Balaton gaan zwemmen en langs de boulevard lopen. Daar nemen we meestal de tijd niet voor als we met zijn 2-en zijn. En als we dan bij het meer zijn dan vind ik het nog steeds ontzettend luxe dat wij zo’n mooi meer hebben, op 10 minuten rijden van huis. 


En na bijna 20 jaar verveelt het Balaton nog steeds niet en kan ik me nog steeds vergapen aan de omvang ervan. We hebben onze gasten vooral ook kennis laten maken met de Hongaarse lekkernijen die je gewoon geprobeerd moet hebben, zoals Lángos en Kürtöskalács. 

 

Wat ook leuk was, we zijn sinds lange tijd weer eens in Tihany geweest. Dat is een klein schiereiland aan de overkant van het meer. Het is er ontzettend toeristisch maar ook ontzettend leuk. 





Een beetje het Volendam van Hongarije. De laatste keer dat wij er waren, waren Manon en Menno nog klein, het zal rond 1997 geweest zijn. Dus het was erg leuk om weer boven bij het kerkje te zijn en uit te kijken over het meer.

Maar het is ook altijd leuk om met gasten met het pontje mee te gaan, want midden op het eer ervaar je pas echt goed hoe groot het is.

Toen 4 van onze 6 gasten weer naar huis waren, kwamen er weer nieuwe, dit keer was het onze Hongaarse juf Gizella met haar gezin. Ze heeft 6 jaar lang al onze verhalen aan moeten horen en wilde wel eens zien waar wij nou altijd zo enthousiast over waren. Haar ouders wonen nog in Hongarije en daar waren ze al geweest en ze gingen nog een paar dagen naar Kroatië naar de Plitvicemeren. En wij wonen op die route, dus dit was een mooie kans om eens langs te komen. Ze zijn eigenlijk maar 1 dag geweest, maar niettemin weet ze nu precies waar wij het altijd over hebben. 

Toen Piet en Betsie vertrokken naar Budapest zijn wij met ze mee gegaan. Zij zouden nog een paar dagen in een hotel logeren om de stad te ontdekken. Maar wij gingen met zijn 4-en naar een badhuis. In al die jaren waren wij nog nooit in Budapest naar een badhuis geweest!


We kozen voor deSzéchenyibaden. En daar hebben we geen spijt van gehad. Want wat is het toch een prachtig gezicht en wat waren het toch lekkere baden zeg. 



En dat midden in de stad. En dan voel ik me weer zo rijk en dan ben ik zo trots op ons prachtige Magyarország! We kwamen helemaal rozig en verrimpeld uit het bad.  


En toen de laatste gasten vertrokken waren uit Torvaj, hadden wij nog een weekje tegoed voordat ook wij weer terug moesten naar Nederland.
Het was een rare zomer. Het was overdag wel warm, maar bijna iedere avond betrok de lucht en kwam er onweer en/of regen. 


Het zwembad is nagenoeg niet gebruikt en ik had nog wel een mooi klein badje meegenomen waar je met 4 volwassenen in kunt zitten. Ik zag het al helemaal voor me, ’s avonds onder de sterrenhemel lekker afkoelen en een drankje drinken. Maar niks hoor, het was daar echt echt geen weer voor geweest. Èèn troost, het was in bijna heel Europa wisselvallig weer, behalve in Nederland schijnbaar. En toch liep bij thuiskomst het zwembad helemaal over….

Groetjes,

Marti

maandag 18 augustus 2014

De tragiek van het Zweedse houtje

Wat een gedoe was dat toch in mei, het uitzoeken van de goeie kleur blauw. Dacht ik toen nog dat het wel een mooie kleur was, een paar dagen later dacht ik daar alweer heel anders over. Schijtziek werd ik van mezelf. Of ik nou recht voor de deur ging staan of van opzij door een spleetje in mijn ogen keek, het was gewoon niet de kleur die ik bedoelde. Grrrrrr. En de kleur hadden we al doorgegeven aan de timmerman die de nieuwe deuren en ramen ging maken. Ja we moesten wel, want we gingen weer terug naar Nederland. Maar eenmaal thuis kon ik me er niet zo druk om maken, want ik ging met mijn oudste broer een weekje naar Zweden naar mijn jongste broer. En we hebben genoten van het mooi Zweden. Van de mooie natuur, de rust, de ruimte en ook van het samenzijn natuurlijk. 



Op een gegeven moment gingen we een dagje naar Marstand, een prachtig eilandje aan de westkust van Västra Götaland. Een heel gezellig eiland waar het heerlijk wandelen en winkelen was.



Het eiland staat vol met prachtige authentieke Zweedse huizen. En laat die huizen dáár nou gewoon echte mooie kleuren hebben, in mijn optiek dan J 




Ja en dan snap je het wel, dan dwalen mijn gedachten weer af naar het huisje op de heuvel…. En opeens was daar dè kleur. Het was notabene een toiletgebouw. 


Ik riep tegen mijn broers: deze kleur bedoel ik gewoon! Ik een foto maken van het toiletgebouw. Maar dat zou geheid weer fout gaan. De kleur op een foto is altijd anders dan in het echt. Dus ik stiekem op zoek naar een loszittend stukje hout. Dat was nog niet zo gemakkelijk… Maar uiteindelijk had een stukje, niet veel groter dan een flinke splinter, maar de kleur verf was duidelijk zichtbaar en daar ging het tenslotte om. Ikke blij het houtje in mijn portemonnee gestopt. Als het nu nog niet ging lukken met de verf….

Toen ik weer thuis was uit Zweden liet ik Mario vol trots het houtje zien. Hij keek mij aan van, maar je was er toch al uit met de kleur? Oeps, ik was hem nog vergeten te zeggen dat de kleur toch niet helemáál goed was… Ik zei dat ik nu gewoon in Nederland de verf liet mengen want dan kon ik tenminste goed uitleggen  wat ik bedoelde. Het houtje belandde op tafel en dat had ik beter niet kunnen laten gebeuren. Want toen ik het de volgende dag veilig op wilde bergen was het houtje weg! Foetsie, verdwenen. Potverdriedubbeltjes en ik was nog wel zo blij met het houtje…. Dat was mijn houtje naar de goeie kleur blauw en de goeie kleur blauw zou op alle ramen en kozijnen op alle gebouwen op heuvel komen. En dan zou ik daar heel blij van worden, dus het houtje was van levensbelang! En dat was nu kwijt. Maar aangezien wij een paar dagen later alweer naar Hongarije zouden vertrekken had ik geen tijd om lang naar het houtje te zoeken. Ik hoopte dat het houtje alsnog tevoorschijn zou komen. We zouden zaterdagmorgen heel vroeg vertrekken dus op vrijdagavond ging ik nog even stofzuigen. Toen ik de bank naar voren schoof eronder ook te zuigen zag ik iets liggen en floep het schoot de slang in. En ineens beseft ik: het was mijn Zweedse houtje! Ik vlug de stofzuiger uitgezet en met de stofzuigerzak naar buiten. Het was 20:00 uur. Zul je zien dat de je de zak eigenlijk al had moeten vervangen omdat hij toch wel heel vol zit. Vol met stof en haren. En daar zat dus mijn houtje tussen. Als de zak dan bijna leeg is, komt daar het houtje tevoorschijn. Halleluja! Ik laat de stofzuiger voor wat hij is en roep Mario die in de tuin bezig is. Ik roep heel blij dat ik het houtje weer gevonden heb. Hij antwoord niet maar ik hoor een hele diepe zucht. Ik zeg, kom vlug want we moeten naar de schilder. Ik ben helemaal hyper als we om 20:10 in de auto stappen op weg naar Schijndel naar de Karwei. Als we daar even bij de verfbalie staan te wachten komt er een man op zijn elfendertigste aangesloft en gooit zijn hoofd naar achteren als groet. Zeg ut is, komt er sloom uit zijn mond. Ik moet deze verf, zeg ik tegen die slomerik. Niet ik wil, nee het is nu vort, ik MOET deze verf. Hij wijst naar een kleurige wand en zegt, daar hangen alle kleuren die we hebben. Ik zeg, nee je snapt het niet, ik moet Deze kleur. Dat kan niet, zegt hij. Wij hebben geen scan die de kleur scant en dan precies namaakt. Waar hebben ze die wel, vraag ik weer. Hier in het dorp zit een ouderwetse schilder en die heeft er eentje, zegt hij. Wij bedanken hem voor zijn gedane moeite en racen naar de auto. Het is ondertussen 20:30. En hier gaan de winkels op vrijdagavond gewoon om 21:00 uur dicht. Gelukkig is de schilder gemakkelijk te vinden en we lopen blij naar binnen. Een heel aardige mevrouw vraagt aan ons of ze ons kan helpen. Jaa heel graag, denk ik, kom maar op met die superdeluxe scan. Maar helaas die hebben ze niet, zegt ze. Ojee wat nu? Maar deze mevrouw heeft verstand van zaken en laat ons 4 dikke blokken met alleen maar blauwe kleurstalen zien! Ze weet precies waar ze moet zijn en pakt er zo de kleur uit. Ja maar ik ben niet meer zo snel overtuigd, dus ik loop met de kleurstaal en het Zweedse houtje naar buiten. Ik kan er niet omheen, dit is gewoon exact dezelfde mooie kleur. Om 10 over 9 lopen wij met ons blik verf naar buiten en het voelt alsof ik een hele grote schat in handen heb. En het houtje zit weer veilig in mijn portemonnee en gaat morgen ook mee naar Hongarije.

In Torvaj aangekomen is èèn van de eerste dingen die ik doe, een streep verf over het al blauw geschilderde kozijn zetten. Ja het klopt helemaal. Dit is em. Oké dan ga ik gewoon alles overschilderen. 2 weken later belt de timmerman om te zeggen dat hij de deuren en ramen af heeft en dat hij ze wil komen plaatsen. Ik zeg tegen Mario dat hij moet vragen of alles al geschilderd is. Ja het is helemaal klaar, dus ook al mooi geschilderd. Jammer denk ik, dat moet straks ook allemaal overgeschilderd worden. Als een paar dagen later de timmermannen er aan komen met de grote boog, kijk ik heel verbaasd. 


Die kleur lijkt heel anders dan de verf die ik had gekregen. Terwijl het dezelfde verf was en hetzelfde kleurnummer...Als dan ook nog de ramen de heuvel opgedragen worden, weet ik het zeker; hij heeft wel de goede kleur gekregen in Tab bij de festékbolt! 


Zie je wel, ik wist het wel. Ik vond het al zo raar dat ik er zo langs had gezeten… je wilt niet weten hoe blij ik nu ben! Het toekomstige gastenverblijf is nu al zo mooi geworden. 


En weet je, de kleur van het Zweedse houtje is gewoon precies hetzelfde! Verloochen jezelf nooit en blijf op je strepen staan. Ik heb weer een hele wijze les geleerd door al dit gedoe. Blijf altijd in jezelf geloven, en volg je eigen gevoel dan doe je het altijd goed. En het Zweedse houtje? 


Dat ligt nu bij de stukjes muur van het politiebureau in een laatje. 1700 km van huis.

Groetjes, Marti

Omdat we zo tevreden zijn met het werk van de timmerman en met de service en de betrouwbaarheid, wil ik toch graag even reclame voor hem maken! Top gedaan, Tamás, http://www.gyorkeasztalos.hu/



maandag 30 juni 2014

Over kerken en meters maken in mei

Net terug van een weekje Zweden, moet ik nog een stukje schrijven over Hongarije. En dat is wel de moeite waard, want jeetje wat hebben wij hard gewerkt! We hadden de luxe om een hele maand in Hongarije te vertoeven. En dan kun je tenminste veel doen. Maar voordat we begonnen aan het harde werken hebben we in het begin eerste een beetje vakantie gevierd. En dat doen we meestal met vrienden. Zo zijn we eerst lekker op bezoek geweest bij John en Martine. Zij waren druk aan het klussen in hun buurhuisje en wij waren heel benieuwd hoever ze waren gevorderd. Maar onderweg naar hun toe gingen we in Andocs eerst eens bij het kerkje binnen, want daar was een tentoonstelling van doopkleden. 


Nooit geweten dat zoiets bestond en dat het dan ook nog eens leuk was om te zien! Ik wilde bijna zeggen in alle soorten en maten, maar dat was niet waar. Ze waren er in heel veel kleuren, maar er was maar 1 patroon voor gebruikt. Niettemin keileuk om al die verschillende stofjes bij elkaar te zien.


We zijn ook nog met Han en Palinka een dagje op rak geweest. We gingen een toeristisch rondje doen. Leuk, ben ik altijd wel voor te porren. Ik kan hier echt niet opnoemen wat we allemaal gezien hebben, maar het mooiste van die dag vond ik toch wel het bezoek aan de Hare Krishna en aan het Tájház van Buzsák. 



Dit was een museumboerderij waar je je weer even terug in de tijd kon wanen. Geweldig vond ik het! En buiten zat een oud vrouwtje haar eigen geborduurde handwerkjes te verkopen. Dit was het soort handwerk wat hier uit deze streek komt en hier ook heel gewild is. En ik wilde natuurlijk ook een stukje geschiedenis kopen. Ik liep meteen op een prachtig kleedje af. 


Het tandeloze vrouwtje begon meteen in het Hongaars te ratelen tegen mij. Maar toen ik het prijskaartje zag gleden mijn ogen automatisch op een veel kleiner kleedje. Ze deed zo haar best, vertelde dat ze de hele winter op het kleedje had zitten borduren en dat het daarom zo duur was. Och het was zo’n schat dus wat was het moeilijk om nee te zeggen…. Maar ik kocht wel een kleiner formaat en was daar helemaal happy mee! Als ik geld genoeg had, had ik de hele tafel leeggekocht, zo mooi vind ik dat spul.


Daarna gingen we dus naar Somogyvámos naar de Hare Krishna. En ik was echt aangenaam verrast door de vriendelijkheid van de bewoners. We kwamen eerst binnen in een hal waar het toeristenwinkeltje! gevestigd was. Ik kocht wat kaarten en keek mijn ogen uit. Ik ben nooit verder geweest dan een katholieke kerk, dus alle andere vormen van geloven zijn nieuw voor mij. We vroegen aan de jongeman achter de toonbank of we ergens iets konden drinken. Dat kon, we mochten in het restaurant plaatsnemen. Ze vroegen wat wij wilden drinken en omdat het zo warm was, hadden de mannen wel zin in een lekker koud pilsje. Kérek egy sört, zei Han dan ook vol verwachting. We don’t drink alcohol, zei de priester die ons gevolgd was en bij ons aan tafel was komen zitten. Doe dan maar koffie. Helaas ze drinken ook geen koffie. Wat drinken jullie dan wel? Thee, gezonde vieze thee. Daar zaten we met zijn vieren aan een limonadeglas met thee. De priester begon ons antwoord te geven op onze vragen. Ondertussen zat hij met zijn handen een vegetarisch maaltje op te peuzelen. Nadat wij wat wijzer waren geworden kwam een jonge vrouw ons ophalen voor het bezoek aan de tempel. En die tempel was in 1 woord GEWELDIG! Wat een mooie kleuren zeg.




Even later waren we ook nog getuige van een soort van verering leek het wel… Ik weet echt niet wat de bedoeling was, maar er stond er eentje op een trommel te slaan, iemand anders stond met een theelichtje te zwaaien. Mensen kwamen binnen, kusten eerst de vloer en gingen mee staan te neuriën. 


Ik vond het heel vredig en mooi, en was dan ook heel blij dat wij bij zoiets intiems bij mochten zijn.

Het begint wel heel kerkelijk te worden allemaal, want we waren ook bij de heropening van de Evangelische kerk in Torvaj. Jaja en dat was me toch een feest! Torvaj was de gelukkige eigenaar geworden van een uniek orgel. Er schijnt er nog maar eentje van te zijn in heel Hongarije en die staat nu bij ons in Torvaj. Off al places. Het is een belachelijk duur ding voor die 4 á 5 mensen die om de week in de kerk zitten. Maar afijn, de kerk stamt uit 1835 en is helemaal opgeknapt, van binnen en van buiten. 


En dat werd gevierd met een kerkdienst waarbij het nieuwe orgel de hoofdrol speelde. Dus wij ook onze beste kleren aan en naar de kerk gewandeld. Maar het was zo druk dat wij maar buiten hebben gewacht. We verstaan er toch niks van en het was lekker weer, dus zijn we op de stoelen gaan staan die op de weg klaarstonden. 


Het duurde anderhalf uur en de Hongaren zuchtten net zo hard als wij. En toen de kerk leeggestroomd was, konden wij naar binnen om het grote wonder te aanschouwen. Het orgel was ietsje kleiner als ik had verwacht, maar de kerk zag er prachtig uit en al met al zijn we natuurlijk best wel trots op het orgeltje.


Maar we hebben deze vakantie vooral hard gewerkt! Ik heb al verteld dat de stukadoors bezig zijn geweest. Het gastenverblijf en het zomerkeukentje/toiletgebouw staan er mooi bij. 



De muren moeten nog wel geschilderd worden, maar het meeste werk is gedaan. Voor het gastenverblijf zijn nieuwe deuren en ramen besteld. Die komt de timmerman in juli plaatsen.

Mario heeft heel veel bomen omgedaan en heel veel gesnoeid. Het nieuwe huis heeft nu ook een mooi uitzicht en er komt veel meer licht naar binnen. Ook is het huis nu vanaf de weg goed te zien en dan vind ik toch een prettiger idee als wij er niet zijn.


In het nieuwe huis waren we begonnen aan de 2e woonkamer. Die stond nog steeds vol met kasten van de vorige eigenaars. De hele wand vol spuuglelijke kasten. De kamer stonk ook ontzettend muf. De vloerbedekking hadden we er een tijdje geleden al uit gegooid, maar de muffe lucht ging niet weg. Daarom werden de kasten nu weggehaald. En toen snapten we ook meteen waarom die wand vol stond met kasten. De muur was op zijn zachts gezegd, niet helemaal recht. 


Er zat wel fundering onder, dus dat was weer een meevaller. Maar die fundering was veel breder als de muur en omdat de vloer binnen lager is dan buiten, puilde die fundering naar binnen toe. Snap je het nog? De stukadoor werd erbij geroepen en die gaf ons het advies om ventilatie in de muur te maken en er een nieuwe muur voor te plaatsen. Dat hebben we toen gedaan en we waren een mooie rechte muur rijker. En de muffe geur was al een heel stuk minder. We hadden besloten om op de vloer laminaat te leggen omdat we dat in de andere kamer zo goed gelukt vonden. Dus wij op zoek naar mooie laminaat voor een mooie prijs. Kwamen we in Székesfehérvár terecht bij een laminaatboer. Ja daar hadden wat wij zochten. Doe die maar zeiden we. Oké dan ga ik hem nu bestellen, kunnen jullie hem over 2 weken komen ophalen. Huh, 2 weken? Nee joh wij moeten hem nu hebben, we moeten meters maken. Maar nee hoor, dat kon echt niet want de laminaat moest in Duitsland besteld worden. Pff wat jammer zeg, dan maar naar de doe-het-zelf zaak. Daar hadden ze ook best wel mooie, dus namen we die maar mee. Thuisgekomen gingen we de betonnen vloer die er al lag eens goed bekijken. En ineens schoot me iets te binnen; toen onze Marcel daar vorig jaar sliep, zei hij op een gegeven moment dat hij met zijn hoofd aan het voeteneinde was gaan liggen omdat hij anders zo met zijn hoofd omlaag lag. Dus toch maar even de waterpas erbij gepakt. Hij was niet helemaal waterpas. Dus moest de vloer eerst nog geëgaliseerd worden. Maar toen de stukadoor naar onze nieuwe muur kwam kijken, vroegen wij aan hem wat nu verstandig was. Hij pakte zijn lange waterpas en begon te fluiten. Het bleek dat er 10 cm verschil zat in de hoogte van de vloer. Zei ik toch, hij was niet helemaal waterpas… Er zat maar 1 ding op, vloer eruit en een nieuwe betonnen vloer storten. 


Gelukkig hebben we dat zelf niet hoeven te doen. Dat is toch best moeilijk hoor om dat precies waterpas te krijgen. Maar alles wat ik hier in een paar zinnen vertel duurt in het echt dus dagen zo niet weken…. 


Het komt er dus op neer dat we nu een nieuwe muur én een nieuwe vloer hebben, maar dat de laminaat nog steeds ligt te wachten om gelegd te worden. Dus hadden we eigenlijk gewoon die mooie kunnen bestellen…

Mario heeft nu beneden aan de heuvel ook een trap gemaakt. Nadat ik van de winter keihard op mijn kont was gevallen, (de buren lachen mij daar nog steeds over uit)  was voor mij de maat vol. Als er sneeuw ligt kunnen wij bijna niet op de heuvel komen. Als het geregend heeft veranderd alles in een grote gladde kleimassa. Er moest een trap komen! Mario heeft een dag of 3 flink doorgewerkt in de hitte, maar het resultaat mag er zijn. Een mooie trap, gemaakt van grote tegels, die je beneden vanaf de weg ziet liggen. We hebben er al vele complimentjes over gehad. Ja zoiets valt meteen op in ons dorpje.


Maar het grootste nieuws van alles is toch wel dat de omheining geplaatst is!!! Eindelijk na al het gedoe, staat het er nu. Ze kwamen ’s morgens om 5 uur met een man of 5 aangezet. 
En om 8 uur hadden ze de eerste blikken bier al achterover geslagen. En dan werken ze met een heel grote boor, die de gaten voor de acacia-palen boort. 


Maar volgens mij zijn ze hier immuun voor alcohol. Maakt mij ook niks uit, maar van ons krijgen ze geen alcohol als ze aan het werken zijn. Als ze klaar zijn kunnen ze een biertje krijgen, maar eerder niet. Tussen de middag kwam er zelfs een oudere man met een tas met bier voor de werkers. Maar nu lijkt het alsof ze alleen maar bier dronken, maar ze hebben ook gewoon hard gewerkt. En toen het ’s middags bloedheet was, waren zij klaar met werken. 





De volgende dag zijn ze de poort komen maken en hebben ze alles afgewerkt. Toen ze klaar waren zeiden wij, dit was eens maar nooit meer! Het heeft ons zoveel gezeik gekost en toen wij een opmerking maakten dat het niet goed was, kregen we daar toch een grote mond! Aan weerskanten van de poort aan de voorkant zou nl ander gaas komen als bij de rest. Nou had hij aan de ene kant maar een stukje van een meter van die andere gaas gemaakt. En dan zag er echt niet uit en was niet volgend de afspraak. Maar hij werd zo boos op ons. Echt niet normaal. Om het goed te kunnen maken, moest hij een nieuwe rol van 40 meter kopen. Ik schrok zo van hem dat ik naar binnen ben gegaan en hem geen blik meer waardig heb gegund. Naderhand kwam hij bij Mario een beetje mooi praten, maar hij hoeft bij ons nooit meer te komen werken. Er zijn er genoeg die het ook kunnen. En zo moet je door schade en schande wijs worden. Maar voor de rest is de omheining wel naar ons zin hoor.
Nou dit was wel echt een lang verhaal, maar we hebben ook zoveel gedaan en meegemaakt. Mijn verhaal had nog wel 3 keer zolang kunnen zijn, maar dat wil ik jullie niet aandoen.


Groetjes, Marti