zaterdag 22 september 2018

Het einde van een lange zomer.


Ik ben er weer.
We zijn ondertussen al een paar weken in Nederland, maar ik heb altijd even de tijd nodig om te landen. Ik moet zo wennen als we terug zijn. Wennen aan het drukke Nederland. Aan het fileparkeren, in Torvaj parkeren we ergens onder aan de heuvel, gewoon daar waar de weg stopt. Ik moet ook heel erg wennen aan alle geluiden hier. Auto’s, radio’s, kinderen, vliegtuigen, (we wonen dicht bij Eindhoven), in Torvaj kijkt iedereen om als er een auto door de straat rijdt. Soms zien we heel hoog in de lucht een witte streep, dat was dan een vliegtuig. Je hoort een haantje kraaien, een hond blaffen en bosmaaiers. Voor zover de geluidsoverlast in Torvaj. Ik moet ook zo wennen aan de stank van de uitlaatgassen hier. Verschrikkelijk, dat kan toch niet gezond zijn? Het moge duidelijk zijn dat ik nu alweer heimwee heb. Heimwee naar de rust en de ruimte. Iets wat hier ver te zoeken is… Ik had gisteren gewoon de Hongaarse radio aanstaan om maar wat Hongaarse stemmen te horen…
Ik weet dat Hongarije de laatste tijd niet zo positief in het nieuws is, maar daar ga ik niet op in. Ik heb mijn eigen mening en dat hou ik graag zo. Voor ons is het land goed, zijn de mensen goed. Omdat wij er niet altijd zijn, heeft de politiek vooralsnog weinig invloed op ons. Dus wij hebben het goed daar, nee wij hebben het supergoed daar!!

We hebben een heerlijke zomer gehad. Met af en toe wat bezoek, altijd leuk. Met lekker klussen, ook altijd leuk. Met gezellige uitjes met vrienden, altijd heel leuk. Maar vooral een heerlijke zomer door gewoon daar te zijn, te leven. Wat iets minder leuk was, was het feit, natuurlijk dat Margit overleden is, dat was zelf verschrikkelijk! Maar ook dat we wederom niet konden vertrouwen op het werkvolk. Ja dat was echt niet leuk.

Het begon allemaal zo mooi. Ze begonnen op de afgesproken dag. Mario moest ze dan wel weer op gaan halen, want ja een rijbewijs hadden ze (nog) niet. Maar dat had hij er wel voor over… Niet meer om 3 uur uit zijn zoals vorige zomer, maar om 6 uur. Konden ze om 7 uur beginnen. Dat ging goed en we waren ook heel tevreden over het werk wat ze leverden. 


Maar omdat we bezoek zouden krijgen, had Mario al meteen tegen de werkers gezegd, dat ze anderhalve week niet hoefden te komen werken. Maar daarna waren ze meer dan welkom. Maar helaas pindakaas, ze zijn niet meer op komen dagen. De eerste keer niet omdat er onenigheid onderling was, dus de stukadoor wilde niet meer met de opperman samenwerken en zei dat hij de week erna met zijn broer zou komen. pff het gezeik begon alweer… De tweede keer kwamen ze niet opdagen omdat hij aan zijn rijbewijs moest werken. Rijlessen neem ik aan. Maar er was duidelijk afgesproken dat ze maandag zouden beginnen. Mario had de betonmolen weer uit de schuur gehaald en op zijn vaste plek gezet. De gele kliko was weer gevuld met water, dat gebruiken ze voor de cement te draaien. En we hebben op die plek geen kraan in de buurt, dus doen ze het altijd zo. We hadden de ramen afgeplakt, mijn mooie Japanse esdoorn met plastic omwikkelt. Hij stond al weken met een oude trap om zijn kruin, zodat de werkers hem met de steiger niet zouden breken. Maar nu had ik er plastic omheen gedraaid, zodat hij niet onder de cement kwam te zitten. Want de voorkant van het huis zou dicht gemetseld en gestuukt worden. Maar maandagmorgen kwam er niemand opdagen. Toen we na uren wachten eindelijk iets te horen kregen, zeiden ze dat ze de week erna wel tijd hadden. Nou nee, bij ons zijn niet welkom meer! We zoeken wel weer iemand anders. Toen ik daarna de Japanse esdoorn van zijn plastic en trap ging bevrijden, bleek dat hij al kromgegroeid was…

Dus toen hadden we geen werkers meer en gingen we gewoon verder wat we al de hele tijd gedaan hadden, zelf klussen. Dat is ook gewoon het fijnste wat er bestaat, maar sommige dingen kunnen we niet zelf. Niet omdat we de kennis niet hebben, maar gewoon niet de mankracht of de tijd…
Het eerste waar we mee begonnen was een nieuwe verdiepingsvloer maken. 

De oude vloer was gemaakt van planken en die waren er slecht aan toe. De draagbalken waren nog wel oké dus daar konden we verder op bouwen. 


We besloten om als ondergrond osb platen te nemen die je in elkaar klikt. Die werken minder als gewone osb platen en blijven daardoor mooier aansluiten.


En het was nog een hele klus, want het was zo scheef als een hoepel, dus moesten we alles ook goed uitlijnen. Houtje erbij of houtje eraf, een hele puzzel.


Zo ver zijn we gekomen, de helft van de zolder is klaar. De rest hebben we bewaard voor in het na/ of voorjaar. Want jeetje wat was het warm boven op de zolder! En dan was het niet eens zo’n superwarme zomer. Het was rond de 30 graden en we hadden iedere week wel een flinke regenbui. Ja dat was een rare gewaarwording. 


Terwijl wij in Hongarije mooi groen gras hadden, zagen wij het gras in Nederland en zelfs in Zweden bij mijn broertje, steeds geler worden. Echt de omgekeerde wereld. Maar we vonden het niet erg, zo konden we lekker vooruit. Maar de laatste maand van ons verblijf in Torvaj was het weer gewoon zomers heet en gingen we weer met de schaduw meewerken.

Ook hebben we luiken gemaakt voor de ramen op de veranda. Ik heb dit al jaren geleden gezien op internet en Mario was het met me eens, die zouden we een keer gaan maken. De uitleg had ik opgeslagen en nu was het dan zover. 






Het was zo leuk om te doen! En gelukkig kunnen die lelijke rolluiken daar nu wegblijven. We hadden voor 2 ramen de luiken klaar en toen we bezig waren met het opmeten van het derde raam, bleek dat er tussen de bovenkant raam en onderkant raam, 5 cm verschil zit. Dus de onderkant, waar de vensterbank zit, steekt 5 cm verder naar voren. Ja en dat kan natuurlijk niet. Nog een erfenis van de frotkees die vorig jaar bij ons bezig geweest is… En dit zou dus door de stukadoor van dit jaar verholpen worden, maarja die kwam niet meer opdagen. Dus die luiken konden we nog niet maken. Balen!



Verder hebben we aan de voorkant van de veranda regengoten opgehangen. En heeft Mario de regenpijpen ook in de grond gelegd. Gelukkig was er toen nog wel hulp bij om mee te graven.
En dan hebben we ook nog het buitenkeukentje voorzien van een aanrechtblad, compleet met spoelbak en kraan. Het werkt nog niet, maar dat komt wel. Ook moeten we er nog deurtjes voor maken.






Maar buiten het klussen om hebben we echt weer heerlijk genoten met ons bezoek wat we gehad hebben. Eerst was daar mijn vriendin met haar man. We zien elkaar in Nederland minstens 1 keer per week, maar om haar dan ook in mijn geliefde Torvaj te hebben, maakt het extra speciaal.
We zitten sinds kort samen op schilderles en omdat ik in Torvaj ook verf en doeken heb, besloten we om maar eens lekker te gaan schilderen. 


De mannen zaten te genieten van de Tour de France. En wij waren heel goed bezig, haha. Aan het einde van de middag hadden we alletwee ons doek vol gekliederd.

We hebben lekker geluilakt bij het huis, lang ontbijten, lekker zwemmen en natuurlijk bij buurten.  Echt vakantie!


Ook zijn we met de 4wd lekker offroad wezen rijden. Toen we bijna 10 jaar geleden ons eerste huisje in Hongarije kochten, zagen we op Google Earth dat er dichtbij ons een klein meertje moest liggen. We hadden het al aan verschillende mensen gevraagd, waar dat was. Maar daar kwam nooit een duidelijk antwoord op. Het zou moeilijk te bereiken zijn, er zou niks te zien zijn, etc. Maar nu was onze kans! Gewapend met de Frontera en Google Maps gingen we op pad. En het was goed te doen hoor. 



Een stukje over landweggetjes rijden, hier en daar wat kuilen ontwijken (of juist niet), over een heel smal bospaadjes rijden, en daar lag het meertje opeens! 


Het was een heel mooi vismeertje. Er stonden steigers, waar kleine bootjes aan vast lagen. Ook stonden er hier en daar wat houten hutjes, waar je kon schuilen voor regen en zon. Er was verder helemaal niemand en het was er zo vredig.


Toen we naderhand weer verder reden, stonden we oog in oog met 2 jonge reeën. Wij bleven stilstaan en ze waren net zo verbaasd als wij. In stilte genoten we van dit schouwspel. En toen kwam daar de moeder aan en het leek alsof ze haar kinderen op kwam halen. Ze keken ons nog even aan  en weg waren ze.



We hebben hun op de laatste dag naar Budapest gebracht, maar niet nadat we in Gödöllő naar het paleis waren geweest. Dit paleis is bekend omdat het ook wel het zomerpaleis van Keizerin Sissi wordt genoemd. Het is een prachtig barokke kasteel dat je echt ooit gezien moet hebben. Mensen wat een rijkdom!






Toen Menno en Susan nog een paar daagjes kwamen zijn we ook met de 4wd wezen crossen. Mario was gefascineerd door een landweggetje dat we altijd zien als we over de nieuwe weg van het Balaton naar huis rijden. Waar zou dat toch naartoe leiden? En omdat we toch vrij waren toen zij er waren, besloten we het er op te wagen. Het was een mooi ritje naar boven op een heuvel. En toen we daar aangekomen waren, was het echt de moeite waard! Wat was het mooi daarboven! We konden het Balaton zo mooi zien! 


Maar wat wonen we toch in een prachtige omgeving zeg. Het was er heerlijk rustig, je hoorde alleen het gezoem van de bijen en het geritsel van de bloemen en grassen. 


Er stond een uitkijktoren en daar moesten de mannen natuurlijk even op klimmen.



We zijn met hun ook naar het circus geweest, jeetje dat was lang geleden zeg! We zijn zo’n 20 jaar geleden ook een keer naar een circus in Hongarije geweest. Dat was nog in de tijd dat alle dieren nog toegestaan waren. En dat vonden we toen ook al zielig, maar het was heel normaal bij een circus. Wat ik toen wel echt zielig vond, was dat de kinderen na afloop met een aap op de foto mochten. Die aap zat aan een ketting vast, had gewone kleren aan, en kwam bij de kinderen op het bankje zitten. Ondertussen dat wij de foto namen, zat die aap steeds kleine velletjes te knijpen bij de kinderen in hun armen. Haha geef hem eens ongelijk. Ik ben wel blij dat je zoiets echt niet meer ziet hoor! Zelfs in Hongarije niet. Er was nu wel een olifant bij, maar die liep maar 1 rondje in de piste en in de pauze stond hij er 10 minuten en dan kon je tegen betaling op de rug gaan zitten en een foto maken. Maar er kwam naderhand nog een olifant bij en toen gingen ze toch nog een kort optreden verzorgen. 




 Er waren ook kamelen, zebra´s, maar vooral heel veel paarden. Na de 20e knol vond ik het wel een beetje saai worden. Maar toen Menno en Susan uitgenodigd werden om in de piste te komen en daar heerlijk voor lul te staan, hebben we zo hard gelachen! Ze mochten mee muziek maken, heerlijk.



Wat we ook nog gedaan hebben, was een bezoekje brengen aan János Bäsci. We zagen dat al vaak voorbij komen op facebook en wilden daar ook wel een keertje gaan kijken. Dus wij dachten dat vinden Menno en Susan ook wel leuk. Ze vroegen ons, wat is dat voor iets? Tja wat is dat voor iets… dat wisten wij eigenlijk ook niet. Meer een oude man die zijn dromen najaagt, die leeft zoals hij het wil. Hij verzamelt bakstenen, vandaar de naam téglagaléria. 


Maar er is zoveel te zien! Je komt binnen in een mooie oude boerderij die ingericht is als museum. Prachtig gewoon! 




Dan loop je naar buiten en daar begint het eigenlijk pas. Er is een toeristische route aangelegd en als je die volgt, val je van de ene verbazing in de andere. 



In een wei zien wij de master zelf bezig. Hij is iets aan het metselen. Je ziet de meest vreemde bouwsels. 



Kippen, ezels, paarden, ganzen, varkens, schapen en konijnen, je ziet ze allemaal voorbij komen. Jeetje wat een heerlijke plek om te wonen!


Als we terug lopen naar het restaurant, komt János Básci eraan gelopen. Ik geef hem een hand en stel mezelf voor. Ik zeg dat we Nederlanders zijn en hij zegt dat hij al een auto had zien staan met gele kentekenplaten. Ik vraag aan hem hoelang hij hier al aan het bouwen is, en hij antwoord dat hij in 2000 met het buitengebeuren begonnen is. Nou dat valt me nog alles mee. Dan zegt hij dat hij een fles water ;-) nodig heeft en dat hij weer verder gaat. 


Wij lopen nog even rond en genieten nog van al het moois wat hier te zien is. Het is warm en we hebben dorst, dus gaan we in het restaurant wat drinken. We bestellen allemaal water en dus komen er 4 glazen met een fles ijskoud water op de tafel. De kosten zijn 70 cent. Dezelfde prijs als die fles water in de supermarkt kost! Jeetje waar maak je dat nog mee….



We sluiten die dag af met een bezoekje aan het Balaton, altijd fijn.


Nou ga ik nog 1 ding vertellen want anders word mijn verhaal veel te lang. We hebben ook nog een falunap gehad, maar dat vertel in mijn volgende blog. Maar weten jullie nog dat je op 27 juli de bloedmaan kon zien? Nou dat zal wel, want daar ging het al dagen over. De voorspellingen waren niet zo goed, er zou bewolking op komst zijn, maar we wilden het toch gaan meemaken. Maar helaas was er inderdaad veel bewolking die avond. We gingen regelmatig naar buiten kijken, en op een gegeven moment werd de bewolking iets dunner. Zou het dan nog?..... En toen kwam daar een berichtje van Machteld. Of wij de bloedmaan ook zo goed konden zien. Zijn wonen aan de overkant van Torvaj en misschien waren daar net gen wolken. Tja, wist ik veel. Nee zei ik, hier zien we niks. Nou hier wel hoor, en ze stuurde een foto naar mij. Kom maar gauw hier kijken zie ze. Ik roep naar Mario, Bij Dirk en Machteld kunnen ze de bloedmaan wel heel goed zijn en we zijn welkom. Nou dat doen we dan toch, zei hij. Dus wij het fototoestel pakken en in de auto, op naar de bloedmaan. En toen we daar aankwamen zag ik al meteen dat de maan wel erg laag stond…. 


Maar hij was wel heel goed te zien. Mooi oranje en perfect rond. Maar toen begon de bloedmaan te bewegen en weg was hij! En toen stond Dirk daar. In het weiland. Met een oranje teiltje op een stok, met daarachter een lamp. 


Whahahahaha die gekke Belg. We hebben zo gelachen, ik pieste bijna in mijn broek. Wat een geniale zet. Op facebook kreeg Mario complimenten voor de mooie foto. Hahaha, hij heeft er ff van genoten en toen gezegd wat het was.

Zo dat was het voor nu, zijn jullie weer een beetje op de hoogte.

Groetjes, Marti


dinsdag 31 juli 2018

Viszontlátásra kedves Margit ~ Tot ziens lieve Margit

Ik schreef in mijn vorige blog al hoe ziek Margit was. Helaas is ze op 20 juli overleden. Het zat eraan te komen, we hadden het verwacht, ze kon niet meer beter worden, maar godverdomme wat vind ik het erg! Verdorie zeg, Margit hoorde hier bij ons huisje op de heuvel. Ze kwam bijna dagelijks even aangelopen en riep dan: jó napot, mit csinálsz? Dan vroeg één van ons of ze zin had in een bakje koffie. Ze lustte altijd een klein beetje koffie met 2 scheppen suiker. Dan gingen we even bijbuurten en dan vertrok ze ook weer “omdat wij nog zoveel werk te doen hadden”. Haar kat volgde haar overal waar ze ging en kwam dus meestal ook mee naar ons. Als ze weer naar huis ging, tilde ze haar kat op en droeg haar als een baby mee naar huis. Ze was bijna altijd thuis. ‘S morgens ging ze even naar het winkeltje onder aan de straat, en als ze dan terug liep naar huis zwaaide ze vrolijk naar ons. De rest van de dag rommelde ze wat in en om het huis. Om de week ging ze naar de kerk, met haar mooiste kleren aan. 1 of 2 keer per week met de bus naar Tab, om bij haar zoon en zijn gezin op bezoek te gaan. Of om naar de markt of de kapper te gaan. Ze leefde een rustig leven, zoals de meeste oudere mensen hier in het dorp. Maar ze was wel ónze buurvrouw. De Family Frost wagen, waar Margit vaste klant was, komt niet meer ons straatje ingereden... De post wordt nu bij Manfred afgegeven. De deuren blijven dicht, niks geen kleurige sliertjes meer, die de vliegen buiten moesten houden... Wie zal mijn Trabant nu onderstoppen als het slecht weer is? (Toch maar snel een garage gaan bouwen voor de kisrakéta.)
Wij hebben altijd gezegd, als je een huis in het buitenland hebt is het heel belangrijk dat je goede buren hebt. Iemand die een oogje in het zeil hield als je er niet bent. Iemand die zich afvraagt waarom je er nu nog steeds niet bent. Iemand die blij is als je weer in Torvaj arriveert en verdrietig is als je naar Nederland vertrekt. En die hadden wij! Maar nu zitten we hier alleen en dat is best even wennen. Toen we ons eerste huis kochten hadden we nog 4 buren, nu geeneen meer.  Het schijnt dat Fery in augustus weer naar Torvaj komt. Of het waar is en voor hoe lang dat dan is, dat weet ik niet. Maar ik hoop natuurlijk wel dat het waar is!

Het is zo gek, zo klote. Ik weet nog dat we begin april hier weer vertrokken en dat we nog afscheid gingen nemen bij Margit en dat ze weer zei, dat ze de volgende keer wel op de temető zou liggen. Dit riep ze al een jaar lang. Ik zei steeds, neeee Margit, niet zeggen. Maar de laatste keer werd ze heel verdrietig toen ze het zei. En ik ook.. want ik dacht, ze kan weleens gelijk hebben...
Afgelopen vrijdag was de begrafenis van Margit. Het was een mooie dienst. Eerst een half uurtje een normale mis in de kerk. We konden er niet veel van verstaan, maar omdat wij vroeger altijd verplicht naar de kerk moesten, konden we het heel goed volgen. Het is gewoon hetzelfde als in de Nederlandse katholieke kerk, maar dan in het Hongaars. Dat dan weer wel, haha. De kist gaat hier niet mee de kerk in, maar buiten is een speciaal gebouwtje waar de kist staan, en daar staan dan bankjes omheen. Daar gaat de familie dan naartoe omdat daar een persoonlijk praatje wordt gehouden. En dan gaat iedereen naar het graf, waar ze na een paar weesgegroetjes begraven wordt. Het was een warme dag en halverwege de plechtigheid op het kerkhof begon het te onweren. En was ook regen voorspeld. Maar ik keek naar boven en zei in mezelf: Margit hou je aan je woord. Torvaj nincs. En daar bedoel ik het volgende mee; als we ooit aan Margit vroegen wat voor weer het ging worden, of het ging regenen ofzo, zei ze altijd Torvaj nincs. Dat betekent dat er in Torvaj niks zou vallen. En potverdorie, ze had echt altijd gelijk! En ook nu op het kerkhof viel er niks uit de donkere hemel. Naderhand zei Mario dat hij hetzelfde dacht, Torvaj nincs.


De kat van Margit loopt met haar ziel onder de arm, ze blijft maar miauwen en kopjes geven. Ze is altijd hier bij ons... ze is dol op aandacht, die kreeg ze van haar vrouwtje natuurlijk altijd...We geven haar eten en drinken, maar als wij straks weer terug moeten naar Nederland weet ik ook niet wat er met de kat gaat gebeuren.
De zoon van Margit komt haar wel eten geven enzo, maar de kat heeft nu geen thuis meer. Ik hoop dat iemand anders die taak op zich gaat nemen. Meenemen naar Rooi is geen optie, want ik hartstikke allergisch voor katten. En ik heb natuurlijk mijn kippies al en daar heb ik genoeg aan.

Wat zullen we Margit gaan missen! Maar vergeten doen we haar nooit, ik heb zoveel leuke herinneringen aan haar. Zoals vorig jaar toen ze bij ons aankwam met die lekkere tomaten. Ze had ze gekregen van iemand hier uit het dorp. Even later kwam ze weer naar mij en zei dat ik nog meer tomaten mocht gaan halen als ik wilde. Toen ik zei dat we met de Trabant zouden gaan, begon ze helemaal te glunderen! Of die keer dat ze hier was, toen Manon en Bram met ons wilden skypen. Ze zat met grote ogen te kijken. Manon en Bram helemaal in Australië en toch konden we elkaar zien en horen. Ze zei steeds tegen Manon: gyere Torvajba. Kom maar naar Torvaj. Of toen we nog maar net hier het huisje hadden, en ze zei dat we naar Erzsi moesten gaan. We begrepen haar niet helemaal en dachten dat zij naar Erzsi wilde gaan. We zeiden, stap maar in de auto dan brengen we je er heen. Ze sputterde tegen, maar wij dachten, ze hoeft toch niet met de bus te gaan, wij brengen haar wel even. Wij duwden haar bijna de auto in en reden naar Tab. Daar aangekomen begooen Margit en Erzsi smakelijk te lachen, toen Margit vertelde dat ze ontvoerd was door ons. Of vorig jaar, toen ze in paniek hier aangerend kwam, toen Mario op half elf met zijn motorzaag in de boom hing. Hij was mij keihard aan het roepen, maar ik was binnen aan het koken. Margit keek heel angstig en zie dat ik vlug moest komen, want Mario was heel hard aan het roepen. Ze ging toen oook nog aan Csaba vragen of hij kom helpen. Tja Mario nu niet meer van die gekke dingen doen, want Margit kan je nu niet meer horen...
Lieve Margit, je was onze beste buurvrouw en vriendin die we ons maar konden wensen. R.I.P. Volgende keer schrijf ik een vrolijker stukje, maar ik wilde dit graag even kwijt.