zaterdag 28 april 2012

Met het vliegtuig


Nou het is gelukt hoor! De uitdaging waar ik in mijn vorige blog over schreef, bleek helemaal geen uitdaging te zijn…. Makkie, piece of cake. Want het miniatuur koffertje bleek toch groot genoeg, alles paste er in en toen het koffertje gewogen werd, had ik zelfs nog 70 gram over, zonde hè? Mario had zelfs nog 100 gram over! Maar toch had ik alles bij wat nodig was, dus no problem. Alleen toen het koffertje gescand moest worden begon het apparaat te piepen. Het koffertje werd opengemaakt en de mevrouw van de douane greep meteen naar het saté-emmertje met sleutels. Verbaasd begon ze in het emmertje te roeren op zoek naar een steekwapen. Ik zei tegen haar: er zitten alleen maar sleutels in. Maar ze hoorde niks van wat ik zei, en roerde met haar wijsvinger driftig door het emmertje. Ja wij hebben nou eenmaal veel sleutels van ons huisje… iedere deur heeft zijn eigen sleutel en dan heb je nog de hangsloten die overal zijn… Dus nadat ze klaar was met roeren mocht het koffertje weer dicht. Dus wij gaan op zoek naar een stoel op te wachten tot we het vliegtuig in mogen, zie ik daar ineens mijn nichtje zitten! Hee, roep ik, wij gaan ook naar Budapest. Dus we hebben in het vliegtuig gezellig langs elkaar gezeten en heerlijk bij gekletst. Want zij woont alweer een aantal jaren in Hongarije, dus zo vaak zien we elkaar niet. De vlucht duurde anderhalf uur, dus voordat je er erg in had, waren we al in Hongarije. En dat vond ik nou zooooo raar! Ik ben al zo vaak naar Hongarije geweest, en daar hoort altijd anderhalve dag reizen bij. Dat is nou eenmaal zo. Maar nu, ’s morgens hadden we thuis nog ontbeten en nu om 11 uur waren we al daar, nog voor de lunch! Gek joh. Echt vreemd, maar wel heel fijn….
Toen we in de aankomsthal aankwamen, stond daar een jongeman met een bordje met daarop onze naam. Cool. Wij voelden ons effe heel belangrijk, haha. Dit was de man van het verhuurbedrijf van de auto. We gingen met hem mee naar buiten en het eerste wat we voelden was de warme zon op ons gezicht. Heerlijk, hier deden we het voor. Nadat we uitleg hadden gekregen over hoe de auto werkt, ja misschien dacht hij dat wij in Nederland het stuur aan de rechterkant hebben, vertrokken we richting Tesco. 


Want ja in het miniatuur koffertje konden we natuurlijk geen eten meenemen.  Maar ach, in Hongarije kun je ook alles kopen, dus waarom zouden dat überhaupt nog doen? Het zal wel met gewoonte te maken hebben, denk ik. Alhoewel, hagelslag, fritessaus en lekkere magere kaas hebben wij nog niet gevonden, dus dat gaat de volgende keer gewoon weer mee. Nadat we de boodschappen hadden gedaan gingen we als de wiedeweerga naar ons huisje op de heuvel! Want we waren toch wel benieuwd wat we zouden aantreffen na de winter… Maar het viel mee, er was niks kapot gevroren, niks omgevallen of ingestort. Alles zag er perfect uit, het gras was zelfs keurig gemaaid! Margit kwam ons al tegemoet met open armen. Ze kuste ons en begon meteen volop te kletsen. Heerlijk we waren weer thuis! Het lijkt iedere keer wel dat ze blij is dat wij er weer zijn.. Nouja dat hopen we dan maar, haha. Meteen kregen we te horen dat János, onze bovenste buurman in het ziekenhuis ligt. En het was niet goed met hem. En ze wees naar haar tenen en maakte een hak beweging, ja ik weet niet hoe ik het anders moet omschrijven. Dus wij schrokken er van, zou zijn teen eraf gehakt zijn? Toen vertelde ze iets over een groot rond ding. Ze maakte cirkels met haar armen en zei steeds ; nagy, nagy. Wat groot betekent. Ooo zei Mario, ik weet het al, hij heeft een grote boom op zijn voet gekregen. Nee zeg ik, hij heeft in zijn tenen gehakt. Maar we wisten geen van beiden wat het was, maar het was niet goed, dat was één ding wat zeker was. En wat ook zeker was, was dat ons Hongaars nog veel te wensen over laat…  Nou, zei Margit, dan laat ik jullie nu verder met rust, want jullie zullen wel moe zijn van de reis. Kijk en das nou het grote voordeel van vliegen, we waren helemaal niet moe! Zo fit als een hoentje waren we. Mario ging het water aansluiten en ik gooide alle deuren en ramen open. De frisse lentelucht mocht de muffe wintergeur verjagen. 


We inspecteerden ons bezit en voelden ons wederom de koning te rijk. Dit is het beste wat we ooit gekocht hebben in ons leven, maar volgens mij heb ik dat al vaker gezegd….
De volgende dag zijn we ons gaan uitsloven in ons bosje. Boven bij het grasveld waar de fruitbomen staan, is nog een stuk grond wat bijna helemaal dichtgegroeid was met vlierbessenstruiken en acacia. Normaal gesproken is dat helemaal groen en kun je er niet doorheen lopen, maar nu begonnen de bomen net blaadjes te krijgen. Dus nu was de tijd om het eens flink te gaan uitdunnen. Eerst maar eens het sprokkelhout verzamelen en dat op een grote berg gooien. Ik zag Mario al glunderen, want een stapel hout, betekent fikkie stoken. Dus lucifers erbij en hoppa daar kwamen de eerste vlammen al opstijgen. 


Machtig mooi is dat zeg! Ik zag dat onze bovenbuurvrouw ook hout aan het opstapelen was, dus ik liep er even naartoe om te vragen hoe het met János was. Maar jeetje zij praat zo ontzettend snel, dat ik er geen snars van begrijp. En ze lacht en praat aan één stuk door. In het begin deed ik altijd nog moeite om het te vertalen, maar dat heb ik opgegeven, want ze wacht niet tot ik zover ben, ze praat maar door. Dus meestal lach ik maar wat en zeg op goei geluk igen en nem. Maar nu zei ze een zin, die wij pas in de les hadden gehad. Kijk daar kon ik iets mee. Ze zei dat het vandaag een goede dag was om te stoken, omdat het niet waaide. En dan in hetzelfde rappe Hongaars zoals ze altijd doet. Maar ik verstond het meteen, en dat gaf zo’n kik! Zo wil ik het eigenlijk altijd… er staan ons nog vele jaren les te wachten… maar afijn, ik vroeg haar toen zo goed en zo kwaad als mogelijk, hoe het met haar man was. Nem jó, niet goed. En haar gezicht betrok. Ze vertelde weer een heel verhaal en ik stond er wat schaapachtig naar te luisteren. Wat erg, stort ze haar hart uit bij een Nederlander die haar niet verstaat. Ik had zo met het mens te doen. Maar opeens maakte ze dezelfde hakbeweging naar haar voet, zoals Margit had gedaan. Mijn aandacht was weer gewekt. Misschien zou ik nu aan de weet komen wat hij precies had. Toen ging haar hand naar haar knie en maakte ze daar die hakbeweging. Waat? Moest zijn hele onderbeen er af, of was dat al gebeurd? Toen begon ze over diabetes en suiker. Ja dat had Margit ook al verteld. Het had dus duidelijk iets te maken met het feit dat János suikerpatiënt is. Maar hoe ik ook door vraagde ik kwam er maar niet achter wat er nou aan de hand was met de lieve man… ze liep weer naar haar huis en ik weer naar het vuur. Mario was druk aan het zagen en snoeien.


Langzaam maar zeker kwam er meer en meer licht in het bosje. Het snoeihout belandde op de vuurstapel en wij genoten. Ik dacht opeen gegeven moment: hier kan de meest luxe vakantie niet tegenop! Wat is nu fijner dan buiten bezig zijn op je eigen landgoed(je)? En het was zo’n heerlijk weer, 23 graden! En dat bleef het de hele week. We hebben dan ook verschillende andere klusjes kunnen doen. Op een gegeven moment was Mario aan het graven in de tuin, toen hij met zijn schop op iets hards stootte. Ikke meteen kijken, bleek het een oud emaillen pannetje te zijn! Prachtig gewoon! Ik heb het goed schoongeboend en nu hangt het alweer te pronken in het zomerkeukentje, tussen mijn andere schatten.
We hebben niet alleen gewerkt, maar ook gewoon vakantie gevierd. En dat is bij ons lekker naar het thermaalbad gaan, uit eten en doen waar je zin in hebt. Op zondag zijn we naar de markt in Kaposvár geweest en daar heb ik ook weer een paar schatten kunnen kopen. 





Toen we richting Igal wilden gaan om te gaan zwemmen, vroeg ik aan Mario of hij een andere weg wilde rijden dan normaal. Ik wilde nl. graag naar Dombovár om te gaan eten bij de Nederlanders die daar een friettent hebben. Ik had er al zoveel over gehoord. Dat wilde Mario wel, we hadden tenslotte tijd zat. Maar toen we daar aankwamen bleek de zaak op zondag gesloten te zijn! Jammer maar helaas. Ik zag nog wel een boekenwinkel waar allemaal Márti boeken in de etalage hingen. Gauw een foto maken. 


Maar jammergenoeg was ook die gesloten.  Nouja dan maar weer verder richting Igal. Ik bedacht me opeens dat de ouders van goede vrienden van ons, nu ook in Hongarije waren. Ik zei tegen Mario, lijkt het jou niet leuk om daar langs te gaan? Hij kijkt me aan en zegt: ja maar die mensen weten van niks, dan kun je daar toch zomaar niet aankomen? Natuurlijk wel, zeg ik, is juist gezellig. Hij kent mij al langer en weet dat het geen zin heeft om met excuses te komen, en eigenlijk vind hij dat ook gewoon leuk! Dus na een half uurtje stoppen we bij het huis van H. en N. en ik roep bij de poort: Bezoek, hallooooo. Mario draait zijn gezicht weg, want dit vindt hij toch een beetje gênant . Al snel komt de moeder van H. eraan gelopen en ze zegt: ik weet al wie jullie zijn, jullie zijn die Brabanders uit Rooi. Ik vraag haar hoe ze dat weet, ze heeft ons nog nooit gezien. Ja, dat hoor ik toch, zegt ze. Ja ik praat best wel plat, maar om dat aan 2 woordjes al te kunnen horen…. We worden gastvrij onthaald en nemen plaats op het terras, het is warm. We krijgen koffie en thee en al snel zijn we in een leuk gesprek verwikkeld. Na een uurtje vinden wij het lang genoeg om onverwachts bij iemand op bezoek te gaan en voldaan rijden we weer verder. Bij het thermaalbad in Igal blijkt dat ze aan het werken zijn en het grote thermaalbad staat leeg.


Dat is nou jammer. Maar er zijn nog 2 buitenbaden over, die wel open zijn. Gaan we daar toch in. En het lijkt wel zomer zo lekker warm is het in het zonnetje.


Nog even binnen poelieën en nadat we aangekleed zijn, gaan we in het restaurant meteen een hapje eten. Terwijl we op het eten zitten te wachten krijg ik weer een goed idee! Het is nu toch al langer licht, zeg ik tegen Mario, kunnen we mooi even bij L. en J. op bezoek gaan. Ik zie Mario denken: is het nou nog niet genoeg geweest. Maar ik zeg, vandaag hebben we onze rakdag. Ja kunnen we wel doen, zegt ie. Leuk, denk ik. Dus als we een uur later bij hun voor de poort staan, roep ik weer: volk! Verbaasd komt L. naar buiten en ik zie haar denken, wie zijn dat nu weer? Als ze wat dichterbij is, ziet ze het. Hoi zegt ze gastvrij, kom binnen! Dat laten we ons geen 2 keer zeggen. J. is nog niet thuis, die is vissen met iemand uit het dorp. Maakt niet uit, zeggen wij, wij komen ook onverwachts langs. L. gaat koffie zetten en we kletsen honderduit, net of we elkaar al jaren kennen. Gezellig rommelt ze wat in haar keukentje en Mario zit rustig in de kamer te wachten. Als de koffie is doorgelopen, nemen we plaats in de gezellige kamer. Als we druk in gesprek zijn komt J. thuis. Hij is net zo verbaasd als L. was, haha. We buurten nog een tijdje en dan is het toch echt tijd om op te staan. J. en L. moeten tenslotte ook nog eten! Ze vragen een paar keer of een hapje mee eten, maar onze buiken kunnen niet zoveel eten meer hebben, want we hebben al gegeten bij het thermaalbad. Het is pikkedonker als we in de auto stappen. Wat was het toch een heerlijke dag, zeg ik tegen Mario, en val in slaap…..

Op maandag doen we wat kleine klusjes rondom het huis en op een gegeven moment komt Mario naar me toe en zegt dat Margit weer begon over János en zijn teen/been. Het gaat echt niet goed met hem. En hij weet nu ook dat ze nog niet weten hoever zijn teen of been of voet eraf moeten. Ik vraag aan hem, is het er dan nog niet af? Jaaaaa, zegt ie twijfelend, dat weet ik ook niet hoor….nog niks wijzer dus, maar we weten zeker dat het ernstig is.
En dan is het alweer dinsdag, nog 1 dag en dan moeten we alweer terug naar Nederland.. Wat zullen we vandaag eens gaan doen…. Het is zo’n lekker weer dat we besluiten om daar van te profiteren, we gaan zwemmen. Ditmaal naar Tamási. Het is alweer een tijd geleden dat we daar zijn geweest. En ondertussen is het zwembad helemaal verbouwd. Echt prachtig is het geworden! Een groot binnenbad, op de verdieping is het thermaalbad. 


En ook een mooi buitenterras. Dan zijn er beneden nog verschillende sauna’s, een Finse sauna, een aroma en lichttherapie sauna, een paar infrarood sauna’s en stoombad. 




We hebben ook nog even buiten gezwommen en met verbazing gekeken naar de bar plus barkrukken in het zwembad…. 


Helemaal rozig en lekker schoon geweekt vertrokken we naar ons favoriete restaurant, om ons laatste avondmaal in Hongarije te nuttigen. En na een hele korte nacht was het toen weer tijd om te vertrekken naar het vliegveld van Budapest. We vertrokken om 6 uur ’s morgens weer richting Eindhoven. We waren amper opgestegen en Mario viel al in slaap. Ik niet, ik zat te genieten van het uitzicht, Budapest dat ontwaakt, de Donau die door het landschap slingert. 


En even later de zon die langzaam opkomt. 


Wat is de wereld mooi van boven…. Na een ontspannen vlucht waren we om kwart voor 8 weer in Eindhoven. Dit was voor ons de eerste keer met het vliegtuig, maar zeker niet de laatste keer!

Groetjes, Marti

Ps. Ik kreeg gisteren te horen dat János in coma ligt, dus het gaat echt niet goed met hem. Helaas weet ik nog steeds niet wat hij nu precies heeft…

maandag 19 maart 2012

De uitdaging

Ik sta voor een nieuwe uitdaging. Een best wel heftige uitdaging. Tot voor kort dacht ik dat ik de grootste uitdaging in mijn leven wel gehad had. Dat was namelijk: afvallen. Beetje bij beetje was ik zwaarder, ronder en voller geworden. En nooit kon ik de moed opbrengen om er iets aan te gaan doen. Ik ben namelijk een grote smulpaap, ik vind bijna alles lekker! Chips, friet, chocolade, koekjes, heel veel koekjes, pizza, noem het maar op en ik lust het! En als je dan ook nog bedenkt dat ik echt niet van sporten houd, ja dan kun je op je vingers natellen dat het fout gaat. En dat was ook gebeurd. 20 kilo overgewicht…. Best veel om iedere dag mee te sjouwen. En de weegschaal bij de diëtiste loog er niet om. Ik had veel te veel vet. Oké, dat was slikken. Maar wat ik nog het ergste vond, was mijn leeftijd, mijn échte leeftijd. Ik ben 49 jaar, maar die weegschaal zei dat ik 64 jaar was!!!! Kijk en dat was voor mij de bekende druppel die de emmer deed overlopen. Ik zei tegen haar dat ik het even moest verwerken. Wij gingen een week daarna naar ons huisje op de heuvel. En ik noem het altijd zo omdat het ook echt op een heuvel staat, een hoge bult. Dat betekent dat wij de auto onderaan de heuvel moeten parkeren en het laatste stukje te voet omhoog moeten. Nu gaat dat nog goed, maar stel je voor als ik 64 ben… en ècht het is niet hoog of veel of lang, maar als ik zo doorging, dan zou mijn lichaam denken dat ik 80 ben als ik in werkelijkheid op papier pas 64 ben! Dan zou Mario mij op de rollator moeten zetten en omhoog duwen, want dan kom ik echt die heuvel niet meer op! Die week in oktober in Hongarije, bleef die leeftijd maar door mijn hoofd spoken. 64 64 64 64 64    Kijk dat is de leeftijd waarop wij hopelijk heel veel en heel vaak in Hongarije willen zijn. En dat gaat op deze manier niet lukken. Dus er hing nogal veel vanaf. Ik heb toen de beslissing genomen dat het roer echt om moet. En het is gelukt! Ik ben nu 12 kilo kwijt en Mario ook 10 kilo! Dus we zijn er nog niet, maar ik ben ervan overtuigd dat het nu gaat lukken. En dat wil niet zeggen dat ik nu ineens niks meer lust, onee ik vind alles nog steeds even lekker. Het water loopt me in de mond als ik aan een Mars denk, hetzelfde bij een ijsje van Ben en Jerry’s. Een bord friet met een dikke klodder fritessaus, heeeeerlijk! Maar ik haal het gewoon niet in huis. Ik zal wel moeten. Straks is ons huisje op de heuvel klaar, en dan zijn we te dik om die bult op te komen. Nee, dat gaat niet gebeuren. En natuurlijk heb ook ik geen garantie dat ik de 64 ga halen…. Maar dat is een heel ander verhaal, je weet immers nooit wat je onder de leden hebt, zonder dat je het zelf weet. Maar ik ga er wel alles aan doen om te zorgen, dat ik mijn droom kan verwezenlijken. Tot zover het schrikeffect van mijn echte leeftijd.

Nee, de uitdaging waar ik nu voor sta is van een heel ander kaliber. Want zeer binnenkort gaan wij weer naar ons huisje op de heuvel. Met het vliegtuig. Dat hebben we nog nooit gedaan. Zoals te lezen valt in mijn andere blogs, gaan we altijd met een volle auto en een nog vollere aanhanger. Dat zijn we zo gewend, zo doen we het al jaren. Ik begin al maanden van tevoren met het verzamelen van spullen, dat wordt dan overal in het huis opgestapeld. Een dag voor vertrek beginnen we het volladen van de auto en aanhanger en we hebben ons huis weer terug. Totdat we weer van voor af aan beginnen. Maar we hoorden altijd verhalen van mensen die voor een appel en een ei met het vliegtuig naar Hongarije gaan. Onze kinderen hebben het ook een paar keer gedaan. Kost bijna niks en je wint enorm veel tijd. Nu vonden wij de tijd rijp, om dat ook eens gaan te proberen. Dus in januari zijn we gaan zoeken, en jawel hoor we hadden iets gevonden. 85 euro met zijn 2en Eindhoven-Budapest en weer terug. Dat was wat we zochten, lekker goedkoop. Van vrienden van ons het adres gekregen van een betrouwbare autoverhuurder. Een mailtje gestuurd of ze nog een auto vrij hadden in die week, en jawel ook dat was oké. Dus alles is geregeld en we kunnen bijna vertrekken. En natuurlijk vind ik het best spannend. Ik ben nou eenmaal een schijtboks, zoals ze dat hier zeggen. En ik heb wel vaker gevlogen, maar het opstijgen vind ik dus echt niet leuk. Afijn, er staat een uur en 50 minuten voor de vlucht, dus ik kan net 1 film kijken en dan zijn we er al. Ik ga dat wel overleven hoor….. 

Maar in ons enthousiasme hebben we besloten om alleen met handbagage te reizen! Over een schrikeffect gesproken. We hebben ieder een ieniemienie koffertje tot onze beschikking. Kijk en dat is nou de uitdaging! Want wat neem je in hemelsnaam mee als je maar 10 kilo mag meenemen? Het miniatuur koffertje alleen weegt al  3,2 kilogram. Blijft er nog 6,8 over. Nou eerst maar een kijken wat echt mee moet. Fotocamera en medicijnen zijn natuurlijk een eerste levensbehoefte. Paspoort en Ipad ook. Telefoon plus alle opladers. Sleutels van het huis, ook wel handig. Zonnebril en zwemkleding hebben we hopelijk ook nodig. Laptop moet mee, weegt 3 kilo…Navigatie, want die zal in de huurauto ook niet in zitten. Een woordenboekje, want ja we kunnen nog steeds niet zonder. Natuurlijk mijn tas, die trouwens al ruim 1 kilo weegt….. Jeetje er blijft niet veel over voor kleding en schoenen.  Ik zal straks eens beginnen met pakken, dan weet ik of ik nog een broek of vest kan meenemen…. Want alles, echt alles moet in de koffer. Op de site staat dat je extra mag meenemen: een jas of deken, een mobiele telefoon, lectuur voor onderweg, ja en krukken als je gehandicapt bent. Nou de jas hoeft er dus niet ingepropt te worden, dus dat scheelt. Maarja welke jas neem ik mee? Winterjas lijkt me niet meer nodig, maar mijn zomerjas van vorig jaar is echt veel te groot geworden. Een warme vest dan maar? Ga ik lekker in Hongarije een nieuwe jas kopen. Och dat kan natuurlijk niet, want die moet ook weer mee terug. Of ik moet iets anders daarlaten….Maar wat dan, want ik neem al bijna niks mee! Jeetje, wat een dillema’s zeg. En wat te denken van schoenen! Normaal gesproken neem ik toch wel een paar of 6, 7 mee. Maarja dat kan natuurlijk niet, past niet eens in het miniatuur koffertje.  Dan doe ik een paar dichte schoenen aan en neem mijn fijne fitflops mee in het koffertje. Mario zei al dat hij gewoon wat dingen over elkaar aan doet, haha. Kan gemakkelijk want al zijn kleren zitten nu toch te ruim. Het is maart en dat betekent dat het ’s nachts koud is, maar overdag kan het al gemakkelijk 20 graden zijn in Hongarije. Lekker, maar wel lastig met kleren. Want je hebt dus dikke en dunne kleren nodig, om zo maar te zeggen. Ik doe de dikke wel aan en neem de dunne mee. Van elk 1 setje, dan is het koffertje propvol. Gelukkig hebben we in ons huisje op de heuvel nog wel wat boxen met kleren staan, werkkleren wel te verstaan. Maakt gelukkig maakt dat daar niks uit. Dat is een groot voordeel, je loopt nooit voor joker. Dus waar maak ik me eigenlijk druk om?

Ik ben benieuwd of er niks kapot gevroren is in en om het huis. Ik heb al van verschillende mensen gehoord dat er toch wel het een en ander kapot gegaan is. Bij vrienden van ons is de verwarmingsketel, de radiatoren en de vloerverwarming bevroren . Alles kapot en moet vervangen worden. Nou kan dat bij ons niet, want we hebben geen verwarming. Waterleiding kan ook niet, want we hebben geen waterleiding. Nou we gaan het zien. We hebben erin ieder geval keiveel zin in! En dan kom ik automatisch weer bij de volgende uitdaging: ervoor zorgen dat de kilo’s eraf blijven in Hongarije…

Groetjes, Marti

dinsdag 31 januari 2012

Ramen en andere rommel


De meeste mensen die mij kennen, weten dat ik van oude spulletjes houd. Van veel oude spulletjes, schatten oftewel zooi. En er komt een dag, dat me dat nekt. Dat kan niet anders, want als je een videocamera op mijn voordeur zou richten en die een paar dagen laat opnemen, zie je wat hier allemaal naar binnen gaat. En zou er dan ook nog eentje op de achterdeur gericht staan, dan zou je al snel gaan denken: hier klopt iets niet. Want er gaat bijna nooit iets weg uit het huis. Ja afval dat natuurlijk wel, maar spulletjes? Nee dat vind ik jammer hoor. Ik koester de schatten die ik overal op doe. En dat kan overal zijn, bij de kringloop, die breng ik elke week een bezoekje. Op de rommelmarkt, heeeeeerlijk vind ik dat, alleen kom ik daar niet zo vaak meer. Een soort van zelfbescherming, want dan kom ik echt met tassen vol naar huis. Op Marktplaats kun je ook de mooiste oude waardevolle spullen kopen voor een prikkie. Op de camping, ja zelfs op de camping zijn heel mooie spullen voor het oprapen. Zo heb ik in Hongarije op de camping wel eens een mooie blauwe stoel uit de vuilnisbak gevist. Ik kwam trots aangedragen met mijn nieuwe aanwinst en mijn gezin zei: wauw das een mooie stoel, mag ik erop zitten? Ik klapte de stoel uit en Menno, toen nog een jongentje van een jaar of 6, nam parmantig plaats in de stoel. Toen bedacht Mario ineens, waar heeft ze die toch vandaan? Ik zei eerlijk dat ik hem uit de vuilnisbak had gevist. Getver, riepen ze in koor, bah hoe kun je dat nou doen? En vervolgens werd de stoel aan de kant gegooid!  Nadat ik de stoel een grondige sopbeurt had gegeven is er nog jaren dankbaar gebruik van gemaakt. Kijk, ik bedoel maar.

Maar zo waren we ook een op een camping in Porec, in Istrië. Prachtige camping, mooi land en heerlijk weer. Maar het mooiste van alles vond ik toch wel de afvalberg die net buiten de camping te vinden was. We hadden in dat jaar 2 kleine tentjes bij voor de kinderen en daar was een tentpaal van kapot. 
Wij op zoek naar een nieuwe, maar in Porec en omgeving was geen de Wit. En ook geen andere winkel waar we zoiets konden kopen. Ik zie tegen Mario: Misschien ligt er op die afvalberg wel een tentpaal. Want dat was de stortplaats van de camping en daar werden dus ook kapotte tenten neergegooid. Ik ga niet kijken, zei Mario, doe jij dat maar. Hij heeft namelijk een hekel aan ouwe meuk…. Ik daar naartoe met Menno, die was wel te porren voor zoiets. Moest je nog goed opletten met je teenslippers dat je niet in een stuk glas ofzo trapte. Het was een walhalla! Want behalve een tentstok, hadden we ook nog allerlei andere schatten gevonden! Onderdelen voor de partytent van thuis, haringen en nog meer andere dingen we echt niet konden laten liggen.  Wij blij naar de camping en nadat alles goed schoon gemaakt was, werd de tentstok onder de tent geplaatst en de rest werd uiteindelijk nooit gebruikt….

Eén van mijn hobby’s is mozaïeken. En daar heb je veel gekleurde tegeltjes voor nodig. Ik ging naar een tegelhandel om te kijken wat die dingen kosten. Kei- en kei duur zijn die! Je betaalt gewoon de hoofdprijs per tegeltje. Dat moet anders, dacht ik. En zo geschiedde. Op een gegeven moment heb ik de stoute schoenen aangedaan en ben naar een andere tegelhandel gereden. En ik heb binnen netjes gevraagd of ze misschien goedkope gekleurde tegeltjes hadden om te mozaïeken. Nee, zie de lieve man, die hebben we net allemaal in de container gegooid. Mag ik ze er misschien uithalen vroeg ik. Ja natuurlijk, zei de man. Ik mijn autootje naar achteren gereden en langs de container geparkeerd. Ik probeerde erin te kijken, en dat viel nog niet mee, want ik ben niet zo groot. Maar wat ik wel zag was een scala aan gekleurde tegeltjes! En het mooie was, ze waren gratis! Maar hoe kreeg ik die er nu uit? Het was al laat in de middag en ik besloot het erop te wagen. Ik ben naar huis gegaan en heb tegen Mario verteld dat hij echt mee moest naar Schijndel. Hij kijkt me aan zo van: mens ben je nou helemaal gek geworden? Maar die lieve schat, hij gaf zich gewonnen. Want hij weet ook wel, dat ik anders over blijf zeuren. Dus de volgende dag was het zaterdag en wij gingen terug naar de tegelhandel. En nu maar duimen dat niemand anders me voor was geweest. Ik eerst weer binnen netjes vragen, geen enkel probleem zeiden ze. Vol verwachting reden we naar de container. Ik sprong op het randje zodat ik er net overheen kon kijken en mijn hart maakte een sprongetje! Ze lagen er nog! Ik wist niet hoe snel we alles in de auto moesten krijgen, want stel je eens voor, dat er nu net nog iemand aankwam die gratis gekleurde tegeltjes zocht! Rustig maar, zei Mario, die wil echt geen hond, die rommel. Het enige waar Mario zich min of meer druk om maakte, was dat bij deze tegelhandel een fietsmaatje van hem werkte. En hopelijk was die vandaag niet aanwezig. Want het is nogal wat, dat je door je vrouw de container in gejaagd wordt. Maar alles ging vlekkeloos en met een heel laaghangende auto togen wij weer naar huis. Ik heb die winter een heel mooie tafel gemaakt van die tegeltjes.


De tafel staat er nog steeds en ik krijg nog regelmatig complimentjes, en als mensen dan vragen hoe ik aan die mooie tegeltjes ben gekomen, slaakt Mario een diepe zucht. Daar wil ie niet meer aan herinnerd worden. Ik had trouwens nog heel veel tegeltjes over en die gaan allemaal mee naar Hongarije, want ook daar ga ik ooit een tafel maken.

Als wij in Hongarije zijn, gaan we op zondag vaak naar Kaposvár, naar de markt. Aan de rechtse kant van de markt verkopen ze nieuw spul, niet interessant. Maar aan de linkse kant is de 2ehands markt. Heel interessant. Voor de vorm lopen we ook altijd even langs de nieuwe spullen, en kopen soms ook wel iets, maar ik kom eigenlijk alleen maar voor de oude schatten.


Een leuke markt is dat zeg, hij is niet groot, dat is dan weer fijn voor Mario. Maar groot genoeg om er lekker een tijdje rond te snuffelen. Ik heb er al regelmatig leuke dingen gekocht, en echt heel goedkoop. Een ouderwetse spuitfles, een mooi oud bord, verschillende emaillen spulletjes.


Die staan nu allemaal te pronken in mijn huisje op de heuvel.

Maar dit alles valt is het niet bij de grote slag die we deze herfst hebben geslagen! We hadden van vrienden gehoord dat er in Tab bij de schilder zo’n mooie oude ramen stonden. En die stonden bij de glascontainer, klaar om weg te gooien. Zij hadden nog getwijfeld, maar konden er niks mee, en hadden ze niet meegenomen. Mijn aandacht was gewekt. Mooie oude ramen, gratis, klaar om mee te nemen. Ja, zei Mario, wij kunnen er ook niks mee. Oja dacht ik, dat zullen we dan nog wel eens zien. Want ik weet nog wel dat wij een jaar geleden, onderweg naar vrienden, langs een huis kwamen wat ze helemaal aan het verbouwen waren. En bij dat huis lagen langs de weg, de mooiste oude paneeldeuren die ik ooit gezien had. Echt Hongaarse. Ik riep tegen Mario: stop, ik moet even kijken. Ik stapte uit de auto en Mario, och ik wist al wat hij dacht… daar gáán we weer! Er kwam een man naar buiten en hij begon tegen mij te praten. Hij zei dat alles wegging en dat ik alles mee mocht nemen. Ik heel blij naar de auto en zeg tegen Mario: we mogen die oude deuren meenemen. Wat moeten wij daarmee? Wij hebben geen deuren nodig. Ja maar, zei ik, dat weet je niet, we moeten nog een heel huis en een gastenverblijf verbouwen. En we mogen ze gratis meenemen. Hij stapte uit, en keek naar de deuren. En zei: hoe moeten we die meenemen. Wat dat je van gewoon in de auto, dat kan gemakkelijk. Ja, maar we hebben ze niet echt nodig en ze zijn zo groot en het zijn er zoveel. Nee, doe maar niet, is zo’n gesjouw, zei hij. Mokkend stapte ik weer in de auto en we reden verder naar onze vrienden. Daar aangekomen vertelde ik het verhaal en zij verklaarden mij voor gek dat we de deuren niet mee hadden genomen. En sindsdien heb ik me heilig voorgenomen, dat me dat nooit meer overkomt! Het is altijd blijven knagen, die mooie deuren. Misschien zijn ze wel in de kachel belandt, erg hè? Moet je niet aan denken… Maar op de een of andere manier, waren de ramen toch naar de achtergrond geraakt, en had ik er helemaal niet meer aan gedacht! Tot we er eigenlijk toevallig bijna langskwamen. Ik zeg tegen Mario: zullen we eens gaan kijken of die ramen er nog staan. Een diepe zucht volgt. Maar denkt Mario, ik wil dat gezeur van die deuren, die ze van mij niet mocht meenemen, niet meer horen. Nou wij komen daar op dat terrein aangereden en in een vlucht zie ik het al, die gaan mee. Rijen dik staan ze opgesteld! Mooie oude Hongaarse ramen. Van die dubbele en het originele beslag er nog aan. We kijken even en jawel de achterklep gaat open en Mario begint ze zowaar in te laden!


Hij is ondertussen de schaamte allang voorbij…. Nouja niet helemaal dan, hij kijkt af en toe rond en vraagt aan mij: zouden die echt weg mogen. Ja, natuurlijk zeg ik, schiet nou maar op. Want weer bekruipt mij hetzelfde gevoel: want stel je eens voor, dat er nu net nog iemand aankomt die die mooie ramen ziet staan en denkt: het zijn er zoveel die zullen ze echt niet allemaal nodig hebben, ik pak er ook een paar. Nodig, nodig, natuurlijk heb ik ze niet echt nodig. Maar ik moet ze wel hebben!


Gestaag sjouwen en proppen wij verder. De auto begint ondertussen aardig vol te raken. Maar het past, alles zit erin! Voorzichtig gaan wij op weg naar ons huisje op de heuvel. Daar weer aangekomen moeten ze één voor één weer omhoog gedragen worden. Maar ik doe het met liefde, en ben Mario dankbaar dat hij zonder mokken gewoon meewerkt en net doet of hij ook heel blij is met de deuren….. Blij begin ik al te plannen waar we de ramen allemaal gaan gebruiken. In het gastenverblijf, in de ‘serre’ die aan het de voorkant van het huis is. Daar zitten nu van die grote ramen en die vind ik al vanaf het begin spuuglelijk. Ik vind de verhouding niet kloppen… dus daar zijn ze ook goed voor. En wie weet waar nog meer. En zo zijn er weer wat spullen bijgekomen, maar nu in ons andere huis. En daarom maak ik me voorlopig ook nog geen zorgen, want als het hier vol raakt, neem ik het gewoon weer mee naar Hongarije. Daar heb ik (voorlopig) nog ruimte zat!
Groetjes, Marti

zaterdag 31 december 2011

Een overpeinzing

En dan is het alweer eind december, alweer een jaar voorbij. En het was een bewogen jaar. Een jaar van toch wel grote veranderingen. Het begon al in januari, toen onze dochter voor een half jaar vertrok. Ze ging voor stage naar Curaçao, ik heb hier ook over geschreven in mijn blog van januari, die als titel heeft: Mijn dochter. Dit was een emotioneel begin van het jaar 2011. En het begin van een stille tijd in huis. Want aan tafel zitten met 2 mannen is toch heel anders... Die buurten niet, die geven alleen antwoord. Hoe was het op school? Saai. Hoe was het op het werk? Goed. Is het eten lekker? Ja lekker. Hebben jullie niks te vertellen? Nee, eigenlijk niet. Pfff dat was wennen zeg. Zat Manon in Curaçao voor de webcam te vertellen en ik aan deze kant te luisteren, en dan was het net of ze thuis was. Het was zo vertrouwd meteen. Gelukkig hadden we de kans om haar in april op te gaan bezoeken en hebben daar een heerlijke vakantie gehad van 2 weken.



Het was voor het eerst sinds 20 jaar dat we weer gevlogen hadden. En dat is zo goed bevallen dat we besloten hebben, dat we ook eens met het vliegtuig naar Hongarije gaan. Is wel gemakkelijk als je bv. maar een weekje gaat. Kost minder als met de auto en het scheelt een hoop tijd. Nadeel is dat je niet veel mee kunt nemen, maar we hebben goede hoop dat er een tijd komt dat wel alleen met een koffertje af kunnen reizen naar Torvaj, haha.


We hebben nu al een aantal jaren kippen en een haan, maar dit jaar mochten we onze eerste kuikentjes verwelkomen. Het waren er 3, waarvan er helaas maar eentje in leven is gebleven. 

Ik was dolgelukkig met de geboorte van de kleintjes en toog met beschuit met muisjes naar mijn badmintonclubje!

Toen onze dochter in augustus weer thuis kwam na haar stage en een mooie vakantie in Amerika, was het wederom wennen. Voor ons, maar ook voor haar. Ze had immers  4 maanden samengewoond met haar vriend. En met hem wilde ze verder. Dus sinds een tijdje woont ze nu met hem samen. Mijn meisje is nu echt het huis uit. Maar ik snap het wel. Toen ik die leeftijd had, wilde ik ook niets liever dan samenwonen met mijn lief. Het is goed zo, ze woont op zichzelf, maar lekker dichtbij, zodat ik de kans niet krijg om haar te missen!

Mijn moeder werd dit jaar 85, is al een hele mijlpaal op zich. Maar ze kreeg dit jaar ook een kamer toegewezen in het bejaardentehuis. Die ze vervolgens resoluut van de hand wees. Daar is ze nog niet aan toe, zegt ze. Nou dat moet ze het lekker niet doen, vind ik.

Er was dit jaar reünie van de basisschool. Ik heb vroeger op de huishoudschool gezeten. En de meeste meisjes had ik nooit meer gezien nadien, want toen ik ging samenwonen met Mario ben ik mijn geboortedorp uit gegaan. En ik vond het zo spannend! Kijk ik was in die 35 jaar toch wel wat killotjes aangekomen. En ik ging er vanuit dat de rest mooi slank zou zijn, dat ik de enige dikkerd zou zijn. Onzin natuurlijk. Kijk er waren genoeg slanke dames bij, maar de meeste daarvan die rookten als een ketter. En als je dan die gezichten van dichtbij bekeek. Nou begrijp ik wel waarom ik regelmatig te horen krijg dat ik jonger lijk dan ik ben, haha. Ik heb nooit gerookt en nagenoeg nog geen rimpels. Maarja dat heeft natuurlijk ook met die extra kilootjes te maken.. Maar ik herkende bijna iedereen en het was een heel leuke dag!

In maart van dit jaar kreeg ik te horen dat mijn contract op mijn werk niet zou worden om gezet naar een vast contract. Dit vond ik in eerste instantie echt niet leuk. Ik had het altijd met veel plezier gedaan... Maar na een tijdje ging er toch ander over denken. De lente was in aantocht, Mario was eigen baas. Dat schepte mogelijkheden. Nu konden we zovaak en zolang naar Hongarije, als we zelf wilden. Een euforisch gevoel maakte zich meester van mij. Jippiiiee, dit was wat we wilden! Maar ik kwam al snel tot de ontdekking dat het zo gemakkelijk niet ging. Want dochterlief zat aan de andere kant van de oceaan en dat betekende dat, als wij naar Hongarije zouden gaan voor langere tijd, dat onze zoon alleen thuis was. En ja ik weet dat het een grote jongen is die gemakkelijk voor zichzelf kan zorgen. Maar ik ben nou eenmaal een moederkloek.  Het liefste heb ik mijn kindjes altijd bij me. Ik hoop wel dat dat in de toekomst beter word. Maar als hij straks op zijn plekje is, gaat dat vast wel beter. Dat zal wel moeten, willen wij onze droom najagen! Maar er was nog iets waar ik in eerste instantie niet aan gedacht had, als Mario niet werkt, komt er ook geen geld binnen. Dat is het nadeel van eigen baas zijn. En dat gaat wel een tijdje goed, maarja met 2 studerende kinderen en een hypotheek…. Plus nog een huisje in Hongarije wat opgeknapt moet worden. Afijn ik genoot van mijn leven hier, en had tijd genoeg voor mijn hobby’s. Maar toen mij in september de kans geboden werd om terug te komen, was ik toch wel heel blij! Ik greep de kans met beide handen aan want, voorlopig zijn wij nog vaker in Nederland dan in Hongarije.

Een andere mijlpaal in ons leven was toch wel het opstarten van een KFT in Hongarije. Dit was voor ons gevoel toch wel een heel mooi moment! Het moment dat we bij de advocaat in Szigetvár zijn statige kantoor binnenliepen, zal ik nooit vergeten. Ik had echt het gevoel dat wij daar thuishoorden. En dan bedoel niet in zijn kantoor natuurlijk, maar in het land, in Hongarije. Maar als je zin hebt, kun je dit teruglezen in mijn vorige blog.

En eindelijk zijn we dit jaar weer op bezoek geweest bij mijn broer in Zweden. Dat was toch weer enkele jaren geleden. Want sinds we het huisje op de heuvel in Hongarije hebben gekocht, was het er niet meer van gekomen om naar Zweden af te reizen. Want ja je moet toch keuzes maken, waar gaan we naartoe in de vakanties. En gelukkig komt mijn broertje met zijn vrouw en kind toch ieder jaar naar Nederland, dus dat maakt voor ons de keuze dan weer een stuk gemakkelijker! Dan kiezen we toch voor ons fijne plekje in ons 2e vaderland. Maar niettemin wilden we toch al weer een tijdje naar Zweden. Dus deze kerstvakantie hebben we doorgebracht in Bollebygd. 


En het gekke is, als die Zweden tegen mij beginnen te praten, geef ik antwoord in het Hongaars! Echt belachelijk natuurlijk, maar ik ben het zo gewend. Als ik in een andere taal moet praten, dan ik het Hongaars. Ook al vragen ze in het Engels: Are you having a good time? Dan zeg ik: Igen. Stommerik denk ik dan, verkeerde land, verkeerde taal. Maar ik denk dat het hun nog niet eens is opgevallen, alleen mij. Maar al met al kunnen we terug kijken op een heerlijke week bij mijn broertje, die begon met een kerstfeest bij de ouders van mijn schoonzusje. Is zo mooi om mee te maken. Eerst een traditioneel Zweeds kerstdiner. Heerlijk zeg, ik heb even niet aan mijn dieet gedacht. Daarna kwam de Tomten, dat is de Kerstman. Die werd dit jaar gespeeld door een kleinkind van opa en oma.


Grappig joh, hij hoeft niet eens te lijken op een Kerstman, een rood pak, een baard die met een elastiekje om de oren zit en een zak met kadootjes. En de kleintjes trappen er in. Die weten wel dat het niet de echte Kerstman is, maar toch.  Ik heb deze week ook weer mooie foto’s gemaakt, want dat is toch wat ik heel graag doe!  





We zijn ook naar 2 kringloopwinkels geweest, waar ik weer de nodige schatten (lees onnodige dingen) heb gekocht. Ik was daar tussen de stapels schalen en borden aan het snuffelen en opeens zag ik helemaal onderaan een mooie schaal staan. Ik dacht meteen: kom maar bij mama. Jij bent van mij! Nadat ik hem onder de andere schalen vandaan gehaald had, had ik een triomfantelijk gevoel. Zo de eerste buit was binnen. Maar de euforie werd nog groter toen ik hem omdraaide en de stempel met: Granit Made in Hungary, zag staan! Dit kon geen toeval zijn! Echt daar geloof ik heilig in, die stond gewoon op mij te wachten. Mario vond het wel zielig voor de schaal, hij zei, heeft ie zoveel moeite moeten doen om vanuit Hongarije helemaal naar Zweden te reizen, komt er een Hollander langs en die neemt hem weer mee naar Nederland en met een beetje pech weer mee naar Hongarije. Ik ben er gewoon heel blij mee! Voorlopig blijft ie lekker in Nederland. We hebben een heel fijne week gehad en we zijn helemaal ontspannen en uitgerust teruggekomen.

Het was een jaar met ups en downs. De downs, daar denk ik liever aan terug, dat zit niet in mijn aard. Ik geniet van het leven en ben blij met de dingen die ik heb! Maar het blijste ben ik toch wel met mijn huisje in Hongarije, dat is de beste aankoop die we ooit gedaan hebben! Daar kan niks tegenop! Ik heb dan ook niet veel te wensen, behalve 1 ding: ik hoop dat we in het komende nieuwe jaar, wat vaker naar ons huisje op de heuvel kunnen gaan!
Ik wens jullie allemaal een heel gelukkig, gezond en liefdevol 2012!
Szeretnék mindnyájatoknak nagyon boldog, egészséges és szeretetteljes 2012!


Groetjes,
Marti

dinsdag 29 november 2011

Herfst in Hongarije

En wat was het een mooie herfst! Een zonovergoten, kleurige herfst. En ja in Nederland was de herfst ook mooi, maar omdat het bij ons in Torvaj een glooiend heuvelachtig landschap is, zie je de verschillende kleuren gewoon veel beter. Wat heb ik er van genoten, ik bleef maar kwijlend door de ramen kijken als we ergens naartoe reden. Ik heb er tientallen foto’s van gemaakt, tot Mario zei: Heb je nou nog niet genoeg natuurfoto’s? En dat heeft ie volgens mijn nog nooit gezegd, dat ik teveel foto’s maak….. Dus daar schrok ik toch wel van en ben er toen ook maar mee gestopt. Maar ik heb er genoeg en de mooiste laat ik nu even zien:






Maar het genieten van de mooie herfst begon eigenlijk al onderweg. Op de anders zo saaie parkeerplaatsen werden we nu al getrakteerd op de kleurige vallende bladeren. En nadat we overnacht hadden in onze auto werden we s ‘morgens wakker van de kou. Wat bleek, het had gevroren, geen wonder dus! En toen we weer verder reden zagen we ook de bevroren weilanden. Koud maar o wat een mooi gezicht!


De zon die de vorst deed glinsteren, en mij liet genieten van de prachtige natuur. Aangekomen bij de Hongaarse grens moest Mario natuurlijk eerst een vignet voor de snelweg kopen. Terwijl hij dat aan het doen was, maakte ik natuurlijk weer een paar foto’s.



En toen viel het me weer op dat de lucht zo blauw was, en Mario die in zijn shirt (dus zonder jas) buiten was. Als dit een voorbode was van het weer dat we zouden gaan krijgen……heeeerlijk!
Maar helaas pindakaas. Toen we de volgende ochtend de rolluiken van onze slaapkamer omhoog deden keken we op en grauw, mistig en somber Torvaj.


Hè bah, dit vind ik helemaal niks. We willen buiten nog wat gaan klussen, maar met dit weer heb ik geen zin om naar buiten te gaan. Nou dan eerst maar eens een kijkje gaan nemen in de wijnkelder. Deze was een paar maanden geleden een beetje ingestort. En zelfs de Hongaren vonden dit heel erg… Komt er in huis een halve muur naar beneden dan zeggen ze: nem baj, kicsi cement, kész. Maar als er in de wijnkelder hopen leem liggen, dan is dat voor een Hongaar toch wel een ander verhaal! Want een wijnkelder is voor Hongaar toch wel belangrijk. Afijn bij de onze waren dus de muren aan het afbrokkelen gegaan. Maar wij hadden afgelopen zomer geen tijd meer gehad om dit op te ruimen. Dus wij waren nieuwsgierig of de hopen leem nog groter waren geworden. Maar tot onze verrassing was de leem aan de kant waar het wijnvat ligt, helemaal weg! En de enige die daar ooit komt is de tuinman. De schat! Hij had het netjes opgeruimd! We moeten die man in ere houden. Alleen jammer dat de andere helft van de kelder nog niet opgeruimd was, maar afijn dat doen we nog wel. De kelder was in ieder geval niet verder ingestort. We zijn toen maar begonnen met het leeghalen van de aanhanger. Jawel, we waren wederom met een volle aanhanger met spullen naar Torvaj gekomen. We zijn hier mooi de rest van de dag zoet mee geweest.
In augustus hadden we de voordeuren mee naar Nederland genomen om op te knappen, en die waren klaar en hadden we nu weer meegenomen naar Hongarije. Spannendddd, waren de ruiten nog heel? Waren ze niet beschadigd door dat gehobbel in die aanhanger en de Hongaarse wegen? Was de door mij zorgvuldig aangebrachte stopverf er niet uit gesprongen? Dus heel plechtig werden de deuren uit het bubbeltjesplastic gehaald, de spanning steeg….


Wie had dat nou gedacht? Ze waren nog gewoon zoals ik ze thuis had ingepakt. Mooi strak in de lak. Niks beschadigd. Hè wat ben ik er toch trots op, haha. Dus ze konden weer op hun plek gehangen worden. Dit was een leuk karweitje. Ware het niet dat ze niet meer pasten! Omdat de deuren nu rondom in de verf zaten, klemden ze op verschillende plaatsen… maar wij zijn niet voor één gat te vangen, dus hup aan de slag met de schaaf en schuurmachientje. En jawel na wat noeste arbeid pasten ze perfect!


We hebben deze vakantie ook weer een bezoekje gebracht aan Han en Palinka, onze goeie vrienden. We zouden met hun een hapje gaan eten om weer lekker bij te kletsen. Maar voordat we naar het restaurant vertrokken, hebben we nog even staan te gluren bij de buren. Zij hebben een Hongaarse aannemer als buurman en die heeft zijn huis al bijna helemaal verbouwd. En mooi! Echt zo wil ik het ook! En nou zeg ik dat wel vaker, ben ik me zeer van bewust hoor… Maar dit was zo mooi, maar tegelijkertijd is dit voor ons niet haalbaar. Simpelweg omdat het een ander huis is op een andere plek. Ons huis heeft een heel andere ligging, dus daar moet je hoe dan ook rekening mee houden. Maar om terug te komen op het huis van de Hongaarse aannemer; het huis was helemaal in de oude stijl opgeknapt. Een beetje ruig, met en stoere stenen vloer. Een prachtige lemen kachel, en een veranda vol met antieke tegels.


Ter decoratie hingen er overal oude werktuigen. Prachtig gewoon! Wat ik zeker ga na-apen, zijn de gordijntjes. Van die witte valletjes met rood/wit geruite lintjes. Echt mijn stijl!

Weet je wat we nog meer gedaan hebben deze vakantie? Een bedrijf opgericht! Nou is dit niet helemaal waar, want het bedrijf was min of meer al opgericht, maar we zijn nu bij de notaris en de advocaat geweest om alles te ondertekenen. Het zit zo: Mario en André zijn samen een software onderneming gestart. Alle twee al jaren ervaring in de ict branche. En alle twee een grote liefde voor Hongarije. En dat hebben ze kunnen samenbrengen in een Hongaars/Nederlands bedrijf. Ze gaan software ontwikkelen met professionals in Hongarije, en dat doet ze dan voor klanten in Nederland. En dat voor ongeveer een derde van de prijs die er normaal voor staat! Mario werkt vanuit Nederland en André vanuit Hongarije. André en José zijn in juli samen met hun dochter naar Hongarije geëmigreerd. En het bedrijf heet: Zselic-Soft KFT.

Mooi logo, he? Heb ik ontworpen.....
Dit is de link naar de website: Zselic-Soft KFT Genoemd naar de streek waar het bedrijf gevestigd is. Dus ik ben nu voor de 1e keer bij een Hongaarse advocaat geweest. En ik moet zeggen dat ik het prachtig vond, in zo’n mooi oud statig gebouw. Gelukkig hadden we een tolk bij, want hij sprak zo snel.


Ik hing aan zijn lippen, in de hoop dat iets verstaanbaars uit kwam, ik zit tenslotte niet voor niks nu zo’n 4 jaar op Hongaarse les… Maar nee hoor, ik snapte er geen hol van! Voorlopig kunnen wij nog niet zelfstandig een formulier ondertekenen, stel je voor, je zou niet weten wat je tekent! Maar we zijn heel trots om te kunnen melden dat we weer een wortel meer hebben geschoten in Hongarije. En nu maar hopen dat we nu wat vaker naar Hongarije MOETEN voor zaken.

Zoals ik al vertelde hadden we wederom met een volle aanhanger met spullen bij ons. Het merendeel daarvan waren babyspullen, gekregen van vrienden die nu zeker weten dat er geen 3e kindje bijkomt. Campingbedjes, een mooie kinder/wandelwagen, een wipstoeltje, heel veel kleertjes en speelgoed, een kinderstoel enzovoort. En we wisten dat er 2 meisjes bij ons in het dorp een baby hadden gekregen. En we wisten ook dat die er heel blij mee zouden zijn. Het zusje van die meisjes heet Margit, net als onze buurvrouw. Margit is 21 jaar en woont samen met haar vriend en haar broer. Kun je nagaan, ga je samenwonen met je vriend, krijg je je broer er ook bij! En dat is allemaal een geldkwestie, omdat ze met zijn 2en geen huisje kunnen betalen. Ze wonen tegenover ons aan de andere kant van de vallei.


Op vrijdag hebben we al de babyspullen in de auto geladen en naar Margit gebracht, zodat zij ze aan haar zusjes kon geven. Binnen no-time stond de woonkamer afgeladen vol met spullen en Margit bleef maar roepen: Danke, danke. Ze spreekt een klein beetje Duits, vandaar. Wat het voor ons dan weer gemakkelijker maakt. Maarja we moeten natuurlijk ooit wel vloeiend Hongaars gaan spreken… Nadat de auto leeg en de huiskamer vol was nodigde ze ons uit om een kopje koffie te drinken. Natuurlijk deden we dat! Terwijl Margit met de koffie in de weer was keek in eens goed rond. Dit was het huisje van een jong stel, met een broer weliswaar. De inrichting deed meer denken aan een aanleunwoning waarvan de bewoner allang geleden overleden is… Zo oud en minimalistisch. Er stond een 50er jaren kastje met van die glazen deuren. In het kastje stonden welgeteld 4 ijscoupes en een koffieservies, bestaande uit een koffiepot en 4 kop en schotels. Op het koffieservies prijkte het logo van de diepvrieswinkel die 1 keer in de week aan de deur komt. Bij elkaar gespaard dus. Het geheel werd opgefleurd met plastic bloemen. Margit goot de koffie uit een kan in de bekers en warmde ze op in de magnetron. Nou weten wij dat Hongaren dat doen, maar voor ons is het altijd even slikken… maar eerlijk is eerlijk hij smaakte goed! Een lekker sterk bakkie. Margit kwam erbij zitten en we begonnen te kletsen over vanalles en nog wat. Ik vroeg aan Margit of ze werkte en ze vertelde dat in de fabriek in Tab werkt. Ze zei dat ze 5 dagen in de week in ploegendienst werkt. Ze verdient daar 200 euro per maand. Ze zag natuurlijk dat ik een beetje schrok. Ze vertelde snel dat haar vriend een betere baan heeft, hij verdient namelijk 300 euro per maand. En haar broer heeft varkens waarmee hij zijn bijdrage levert. Pfff zeg, dit vond ik toch wel even heftig. Werk je met zijn 2en, ieder 5 dagen in de week heb je een gezamenlijk inkomen van 500 euro! En nou weet ik heus wel dat de levensstandaard daar veel lager is dan hier, maar toch. Zij zijn heus niet achterlijk daar! Zij weten echt wel wat wij hier verdienen. Daarom komen er ook steeds meer mensen hier werken. Zo ook Margit. Ze had van iemand gehoord dat je hier heel gemakkelijk aan werk kunt komen. Maar dan moest ze wel zelf de reis en het verblijf betalen. Logisch natuurlijk. Dus hebben ze heel hard gespaard om de benodigde 10.000 forint bij elkaar te krijgen. En dat is voor Hongaar echt heel veel geld. In Rotterdam aangekomen bleek dat er helemaal geen werk voor haar was. Haar vriend mocht haar niet komen opzoeken. Later bleek dat die Rotterdammer verkeerde bedoelingen had met de meisjes. Toen zijn ze maar terug gegaan naar Hongarije, 10.000 forinten armer. Kun je natuurlijk zeggen stom, maar ik zeg liever naïef. Maar wat wil je? Hoe aanlokkelijk moet dat ook wel zijn voor hun. Zie hier maar eens iemand te vinden die voor 200 euro in de maand 5 dagen in de week in de fabriek gaat staan! Wij hadden ook zakken met kleding bij die van onze dochter was geweest. Die is net zo oud als Margit. Er zat nog kleding bij, die nog splinternieuw was. Wat zal ze daar blij mee zijn! Maar wat een verschil zeg, of je wiegje in Hongarije of in Nederland heeft gestaan. Ik moest steeds aan mijn eigen dochter denken toen wij bij Margit waren. Zij is ook gaan samenwonen, maar heeft alles nieuw. Wat een verschil. Toen we weer naar huis wilden gaan, riep Margit nog dat we even moesten wachten. Ze dook weg achter een gordijntje en kwam tevoorschijn met 2 potten ingemaakte paprika’s. Als dank voor de spullen. Ik heel blij, en dat zag ze waarop ze weer achter het gordijntje dook en terug kwam met een pot ingemaakte kool. Oo dat vind ik zo lekker. Ze zag mijn gezicht en zei dat ze mij nog wel meer wilde geven, maar dat ze niet meer had. Ik vroeg haar of ze zo’n slechte oogst hadden gehad dit jaar. Maar nee dat was niet het probleem, ze had niet genoeg potten. Lege potten. Ik dacht meteen aan de tas met hakpotten die ik de week daarvoor in de glasbak had gegooid omdat ik er niks mee deed… Ik wilde de potten terug geven, maar daar wilde ze niks van weten…..Toen we uiteindelijk weggingen bij Margit ben ik nog dagenlang onder de indruk geweest van wat ik daar hoorde en zag. En nu ik het verhaal hier neerzet, voel ik de tranen weer achter mijn ogen branden. Je wilt ze zo graag helpen. Maar het probleem is nog veel groter, want ook zij kunnen hun hypotheek niet meer betalen. Veel Hongaren hebben een hypotheek in buitenlandse valuta, omdat de rente bij een Hongaarse bank heel hoog is. Maar doordat de forint daalt komen ze in de problemen. Allemaal heel erg!

Oja voordat ik het vergeet: de weg van Tab naar het Balatonmeer is weer een stukje verder klaar! We hadden het niet verwacht maar het is echt waar. Hij is al breder enzo, maar er moet volgens ons nog wel een laag asfalt op.


Maar vooralsnog zit er vooruitgang in.
We hebben niet veel kunnen klussen deze keer, omdat we er gewoonweg niet genoeg tijd voor hadden. We zijn niet eens naar het thermaalbad geweest…Maar al met al hebben we een heerlijke week gehad, waarvan gelukkig alleen de eerste 2 dagen grijs en grauw waren. Voor de rest was het een prachtige herfst in een prachtig land.


Groetjes, Marti