donderdag 14 februari 2013

Met vreugde en dankbaarheid geven wij kennis van de geboorte van:



Ons 2e huisje op de heuvel!


Wij waren er al vanaf vorig jaar juni mee bezig en in januari van dit jaar is alles rond gekomen. We hebben het huis van de buren erbij gekocht. Het huis waar János en Erszi met hun gezin altijd gewoond hebben. János overleed in april 2012 en in  mijn blog van mei 2012 vertelde ik al over János. Meteen na zijn overlijden is zijn vrouw teruggegaan naar haar geboortestreek. János is daar ook begraven. En toen stond het huis dus leeg. Mario en ik hadden er al wel eens over gefantaseerd, wat zou het toch fijn zijn als we dat huis er eens bij konden kopen.....  Maar de vraagprijs was veel te hoog vonden wij. Het huis stond al 2 jaar te koop bij de makelaar, maar zoals zoveel huizen werd het huis niet van eigenaar verwisseld. Tot die dag dat hun dochter op Facebook tegen mij begon te praten. Of wij misschien iemand wisten die nog op zoek waren naar een huis in Hongarije. Of wilden wij het zelf niet kopen? Nou is die vraag de afgelopen jaren al wel vaker aan ons gesteld, en net zo vaak zeiden wij nee. Maar nu niet. Dit was anders. Dit was het huis van de buren. En dat kun je maar èèn keer kopen, zegt men altijd. Buiten dat, leek het ons wel erg gaaf om er nog een huis bij te hebben. Dus ik zei tegen Mario: de dochter van János vraagt of wij hun huis niet willen kopen. Mario komt uit zijn kamertje en kijkt mij verbaasd aan. Voor hoeveel, vraagt hij. Dus ik in mijn beste Hongaars weer tegen haar: Mennyibe kerül? Mario roept er nog achteraan, als ze dit bedrag zegt, dan is het verkocht. En jawel, na een paar minuten zegt ze exact het bedrag wat Mario zei. Net of ze hem gehoord heeft, haha. Maar dan word het stil, en blijft het stil. Jahee wat is dat nou, ons eerst lekker maken en dan niks meer laten horen. Ik besluit onze Hongaarse juf in te schakelen. Want ons Hongaars is nog niet toereikend genoeg om over dit soort belangrijke zaken te onderhandelen. En zei schakelt haar zus weer in die in Györ woont en veel verstand van huizen kopen en verkopen heeft. En dan vooral van moeilijke gevallen. Want het blijkt al snel dat het genoemde bedrag veel te laag is. Er zijn meerdere erfgenamen en die zijn het er niet mee eens. Er komt heel veel bij kijken om deze koop rond te krijgen. Over de prijs zijn we het snel eens, het is dan wel wat meer dan in eerste instantie gezegd werd, maar het is nog steeds een goeie prijs voor ons en ook voor hun. Maar omdat het huis nog op naam van de overledene staat en er nog allerlei papieren moeten worden aangevraagd, van het kadaster enzo, duurt het al met al een half jaar voordat alles in kannen en kruiken is. Dit huis viel onder de categorie heel moeilijke gevallen, en we zouden het dan ook nooit zonder de hulp van Gizella en Andrea gekocht kunnen hebben! Toen wij afgelopen januari naar Hongarije vertrokken wisten we nog steeds niet zeker of alles wel door zou kunnen gaan. Alle zeilen werden bijgezet om te zorgen dat wij in die week dat wij daar waren naar de advocaat konden de papieren te tekenen. Maar helaas toen wij onze telefoons in het vliegtuig uit zetten, was er nog steeds geen berichtje gekomen van Andrea. We waren een beetje teleurgesteld, maar och we gingen er hoe dan ook een fijne week van maken met onze kinderen. Toen we in Budapest de telefoons weer inschakelden, was daar dan het verlossende berichtje: it giet oan! Jippiieeee helemaal blij waren we! Op donderdag zijn we dan ook afgereisd naar Györ en hebben daar, ik weet niet hoeveel papieren ondertekend. En nu zijn we dan in het gelukkige bezit van nóg een huisje op de heuvel. En we hebben er een hectare grond bij. 




Wat gaan we er mee doen, vraagt iedereen. Ja, dat weten we nog niet. Verhuren misschien? Weten we niet. Het is gewoon fijn om ons paradijsje nog wat uit te breiden..... De bedoeling is gewoon dat we een fijne plek hebben waar al onze vrienden en familie welkom zijn en waar we lekker met zijn allen kunnen genieten van als het moois wat Hongarije biedt. En als ik dan ver in de toekomst kijk, zie ik mijn kinderen, schoonkinderen en hopelijk kleinkinderen lekker bij ons vakantie vieren. Zucht. Maar dat gaat nog wel een tijde duren, want eerst moet er nog verbouwd worden..... Het nieuwe huis is in een veel betere staat dan ons andere huis, dus er hoeft niet zoveel aan vertimmerd te worden. In dit huis is al water binnen en er is ook al een septic tank. Er is alleen geen gas binnen, maar je gebruikt hier gewoon flessen gas. Dat is in Hongarije trouwens heel normaal. Het is ook veel groter dan het andere huis. Er is in de tachtiger jaren een groot stuk aangebouwd. 


Het huis heeft 2 grote kamers, 2 kleinere kamers, een toilet, een keuken, een badkamer en een kamra.







Plus nog een grote zolder, waar naar goed Hongaars gebruik niks mee gedaan wordt....en er is ook een wijnkelder in de tuin, maar we weten niet in welke staat die is, want die logt nog vol met afval en rommel.
De bedoeling is dat we eerst het gastenverblijf verder afmaken en dan gaan we overhuizen naar het nieuwe huis. Dan kunnen we bij het andere huis los gaan, want dat moet eerst een nieuw dak op. Eerst was het bedoeling dat we dan zolang in het gastenverblijf gingen wonen, maar hè nu wijken we toch uit naar het grote nieuwe huis. We hebben al wat gewerkt in het nieuwe huis. Al veel opgeruimd en de oude keuken is er al uit. We zijn zelfs al bezig met het plaatsen van een nieuwe keuken. Dit huis krijgt een best wel moderne keuken, nouja het is maar wat je modern noemt.... Er zit iig veel apparatuur in. Een vaatwasser, koelkast, diepvries, een oven, een combioven en een keramische kookplaat. Het probleem is dat we nog niet weten of we wel genoeg stroom hebben om alles te kunnen gebruiken..... Maar och dat zien we wel, komt allemaal goed! We willen wel het karakter van het huis behouden, want dat is toch waar we verliefd op zijn geworden. En je moet ook geen westers huis in Hongarije willen, vinden wij dan.... Dat hebben we al een eentje in Nederland.

Op deze foto kun je de 2 huizen mooi naast elkaar zien. 

Er is echter èèn probleempje waar we maar niet uitkomen, hoe noem je al die huizen en gebouwen/tjes? In het begin zeiden we, ons huis en János' huis. Maar dat kan natuurlijk niet meer. We zeggen nu, het eerste huis en het nieuwe huis. Dat kun je ook niet blijven zeggen, want het huis blijft niet nieuw. En ik vind het ook niet klinken. Ik had al bedacht, het zomerhuis en het winterhuis. Dit omdat het nieuwe huis groter is en we daar in de winter dus beter uit de voeten kunnen. En omdat het eerste huis een mooiere ligging heeft waardoor je in de  zomer fijner buiten kunt zitten. Ook had ik het idee van een Kékház en een Zöldház. Een blauw en een groen huis. Dat is pas gemakkelijk, 2 verschillende kleuren. Maar omdat we er toch één geheel van willen maken, gaan we de huizen plus de bijgebouwen in dezelfde kleuren schilderen.  Blijft nog de optie van jouw huis en mij huis, net als met de auto's. Maar dat vind ik zo ongezellig, net of we niet samen willen wonen. En geloof me, ik ga deze droom echt niet alleen aan, nee hoor dit is een project van ons samen. Ja en nu weten we het dus niet meer, als iemand een goed idee heeft hoor ik het graag!



Groetjes,
Marti 

donderdag 31 januari 2013

Een goed en een slecht begin van 2013


Hoewel er eerst nog wat twijfels waren,  hadden we besloten om de vlucht die we nog hadden staan toch maar te verzilveren. Want deze keer zouden onze kinderen en schoonkinderen ook komen. Wij vertrokken op dinsdag en de rest zou op vrijdag volgen. Hadden wij mooi de tijd om alles in orde te maken voor onze logés. Onze verbazing was dan ook groot toen Manon op vrijdagmiddag half 6 belde vanaf vliegveld Eindhoven. Lichtelijk in paniek zei ze: Menno mag niet mee met het vliegtuig. Hoezo, zei Mario. Hij is zijn ID kwijt, zei Manon. Wij alletwee zuchten van, echt een actie voor Menno. Maar hij wist zeker dat hij hem meegenomen had. Terwijl Menno zijn tas aan het binnenstebuiten keren was, groeide bij ons de paniek… Wij konden vanuit Hongarije niks voor hem doen, alleen maar hopen. Toen we naar een paar minuten weer terug belde, waren Manon, Bram en Marloes al door de douane. Ze moesten nu echt gaan boarden. Maar Menno mocht niet mee, zijn ID was nog steeds spoorloos. Jeetje ik had zo met hem te doen! En hij snapte er ook niks van, hij had nog zo opgelet dat hij alles bij zich had. Maar helaas zijn vriendin ging de lucht in, en hij stond daar moederziel alleen. Hij is nog in de auto gaan zoeken, maar ook daar lag geen ID met zijn foto erop. Zijn schoonouders hebben hem toen opgehaald en hebben zich over hem ontfermd. Hij is dan wel 20 jaar, maar als moeder ben je dan ontzettend dankbaar dat er iemand is die hem in zo’n situatie opvangt. Hij heeft daar mee gegeten en naderhand hebben ze hem thuis afgezet. Toen hij de voordeur open deed, zag hij meteen zijn ID in de gang op de grond liggen…… Gelukkig was er de volgende middag weer een vlucht naar Budapest en die heeft hij toen genomen. En toen hij er dan eindelijk was, waren we compleet en hebben echt een heerlijke tijd gehad! 

We hebben eerst 2 dagen in Torvaj doorgebracht. Bram was nog nooit in Torvaj geweest en we wilden hem toch heel graag laten zien waar wij onze vrije tijd doorbrengen en waar wij ons zo gelukkig voelen…. Dus zijn we begonnen met een wandeling door Torvaj. Toen we bij Ferry aankwamen, zagen we een dun straaltje bloed over de straat sijpelen. Ferry zag ons voorbijkomen en riep ons, we moesten komen kijken wat hij aan het doen was. Er was die morgen een varken geslacht en ze waren het vlees aan het bereiden. 


Er stond een schaal vol met vlees en een grote bak met gehakt. In de grote kookpot was hij de ingewanden aan het koken, maar er dreven ook oren en poten in… 


Met een houten lepel viste hij er de lever uit en sneed er voor ons een stukje af. Trots bood hij dat aan ons aan. We keken elkaar aan, wie zou het aandurven? Maar aangezien wij allemaal geen lever lusten, sloegen wij zijn aanbod toch maar af. In de stal stonden nog 3 varkens waarvan de ene de naam februari had, waarom kun je wel raden.....

Het was gaan sneeuwen en kinderen vinden niks leuker dan sneeuw, hoe groot ze dan ook zijn, dat maakt niks uit! Wij hadden in december toen we met de auto naar Hongarije waren, al een slee meegenomen. En daar werd nu dankbaar gebruik van gemaakt. En dan weet je wat er nou weer leuk aan is om op een heuvel te wonen J




Na 2 dagen zijn we naar Budapest gegaan en hebben de toerist uitgehangen.  


We zijn met een Hop-on-hop-off bus door de stad gereden en hebben zo de meeste toeristische trekpleisters gezien. 




Voor ons niks nieuws, ik kom vaker in Budapest dan in Eindhoven, maar ik vond het toch wel leuk om Budapest in de sneeuw op deze manier te bezichtigen. En het is natuurlijk heel gemakkelijk zo. We hadden ook een lekker hotel, midden in de stad voor 10 euro p.p.p.n. Ideaal hoor, als ik ooit nog in Budapest ga logeren, ga ik gewoon terug naar dit hotel. Gewoon een goed bed, tv, airco, douche en toilet. Meer heb je niet nodig, toch? Maar het mooiste van alles was wel de binnenplaats. Dat verwacht je toch niet, als je door de voordeur naar binnen gaat, de trap op, en dan kom je in een grote ruimte waar de sneeuw zo op je snoet valt! Prachtig vond ik het, mooie oude statige deuren, een gammel rood liftje, en een mooie oude stenen vloer.


Maar ook hier in Budapest genoot de jeugd van de sneeuw. Ik vond het vooral prachtig om mooie plaatjes te schieten. 




Na 2 dagen vlogen we ’s morgens om 6 uur weer terug richting Eindhoven. En ook daar lag nu sneeuw. Al met al hebben we echt een heerlijke tijd gehad en er zeker geen spijt van gehad dat we alweer naar Hongarije zijn geweest. Alhoewel, toen in de eerstvolgende morgen wakker werd, moest ik eerst even rondkijken in welke huis ik was. O ik ben nu in Rooi, dacht ik. Volgens mij is het dan even tijd voor een pas op de plaats…..

Het slechte nieuws is dat afgelopen weekend mijn lieve schoonmoeder is overleden. Ze is 85 jaar geworden. We zullen haar ontzettend missen! Maar tegelijkertijd zijn we ons terdege bewust dat het goed is. Ze was op, haar lichaam wilde niet meer. En gelukkig is haar een lange lijdensweg bespaard gebleven. 2 dagen voor haar overlijden hebben we samen nog alle foto’s van onze laatste reis naar Hongarije zitten kijken. Ze heeft hard gelachen om de filmpjes van onze kinderen op de slee. Genoten heeft van de mooie foto’s van Torvaj in de sneeuw. Deze momenten met haar hebben nu een gouden randje gekregen. Wat zou ze graag ons huisje op de heuvel in het echt gezien hebben, maar helaas was dit vanwege haar gezondheid onmogelijk. Het was een lief optimistisch mens, die nooit kwaad sprak over andere mensen. Ik weet zeker dat ze een mooi plekje in de hemel heeft gekregen!

Groetjes,
Marti

zondag 23 december 2012

Het huisje op de witte heuvel

Wat waren we toch een bofferds, want we konden nóg een keer naar Hongarije toe.  Het ene jaar kun je wat minder vaak, maar dit was een jaar waarin we lekker veel richting het zuidoosten konden afreizen. Dit was een goed jaar. Omdat we weer een aanhanger vol hadden, gingen we deze keer met de auto. De winterbanden werden onder de auto gedaan en we kochten sneeuwkettingen. Wij waren er helemaal klaar voor. En gelukkig hadden we net over de Duitse grens al de eerste sneeuw, dus alle moeite was niet voor niks geweest J


Het was een mooie reis die goed verliep en hoe verder we richting ons huisje kwamen hoe witter de wereld werd. Dit was voor ons de eerste keer dat wij in de winter in Hongarije waren, maar zeker niet de laatste keer. We weten nu zeker dat Hongarije het hele jaar rond gewoon mooi is!


Toen wij in Torvaj aankwamen werden we blij verrast met een verlichte kerstboom en een grote kerststal, onder aan onze weg. Wat leuk zeg! Dat ze die moeite doen in zo’n klein dorpje.


Omdat de aanhanger zo zwaar en vol was én omdat er sneeuw lag, konden wij die never nooit niet met onze auto naar boven trekken. En wat doe je in zo’n geval; je gaat naar de kroegbaas. Want Ferry heeft naast zijn kroeg ook een hoop land en een stevige tractor. Maar Mario viel met zijn neus in de boter, want hij had nèt die dag zijn naamdag. Dus Mario moest even de huiskamer inkomen, waar zijn vrienden zaten. En je komt dan niet weg zonder mee geproost te hebben. Dus die dag kon Ferry niet, de volgende dag pas. Maar niet ’s morgens want dan moest hij met de burgemeester ergens naar toe. Hij kon pas om 11 uur. Ja voor ons is dat nog morgen, maar een Hongaar heeft er dan al een halve dag opzitten….. Maar hij kwam en het klusje was zo geklaard!

Wij waren nog nooit in de winter hier omdat we dan het toiletgebouw niet kunnen aansluiten op het water. Want dat loopt nog door een tuinslang daar naartoe. Dus moesten we ons in het huis weer zien te redden. En dat lukte goed hoor. We hadden het camping wc-tje weer neergezet en een tafel in de andere kamer was onze wasruimte.


Het lampet set was onze wastafel met kraan. En de Tupperware emmer was onze wasmachine. Het koude water hadden we in pannen op de kachel staan, zodat we ook warm water hadden. De was droogde ik bij voorkeur ook boven de kachel.  


Iedere keer als ik buiten water ging halen genoot ik van het uitzicht. Dit voelde steeds als een beloning, zo mooi was het. 


De besneeuwde heuvels, de verlichte kerstboom en de rust die dit alles uitstraalt.



We hadden wel geluk trouwens, want de nieuwe weg naar het Balatonmeer was nu officieel geopend! Hij was al sinds de zomer klaar, maar het openen werd steeds maar uitgesteld. Milieu organisaties waren er op tegen. Ergens wel begrijpelijk want de weg loop dwars door de mooie natuur. In het begin kon je dat wel merken ook, want er staken steeds reeën de weg over. We reden gewoon door hun leefgebied! Maar de weg lag er al, dus het kwaad was al geschied. Maar voor ons is het wel een uitkomst, we zijn nu in 15-20 minuten in Siófok, terwijl dat eerst 45 minuten was. Plus daar komt nog bij, als wij Torvaj uitrijden en we gaan rechtsaf richting het meer, dan hebben we een prachtig zicht over het meer.


En dat meer was trouwens bijna helemaal dicht gevroren, iets wat wij ook nog nooit gezien hadden. 



Vreemd gezicht, het leek wel of er golven vastgevroren waren. 



Alleen helemaal in het midden waren er nog vogels aan het zwemmen. Vreemd wel dat er niemand aan het schaatsen was….


Het centrum van Siófok zag er ook heel sfeervol uit. Er was een kerstmarkt en de 100 jaar oude watertoren was heel mooi verlicht. Het was erg koud en dat verklaard dan ook meteen waarom het bij de Pálinka kraampjes het drukst was J


Dus wassen en plassen konden we gewoon in ons huisje, maar voor een grote scrubbeurt moesten we toch om de paar dagen uitwijken naar een openbare wasgelegenheid, een zwembad wel te verstaan. Dus de eerste keer gingen we naar Tab, lekker dichtbij. Makkelijk dichtbij en niet geheel onbelangrijk, goedkoop. Nou en daar was dan ook alles mee gezegd. Het grote bad was afgesloten want daar was zwemles, dus moesten we in het kleine badje. Het water was zo koud, dat ik mezelf amper kon bewegen en ook nog kramp kreeg notabene! Na een kwartiertje hield ik het voor gezien en ging datgene doen waarvoor ik was gekomen: douchen. En eerlijk is eerlijk, de douche was wel lekker hoor. Lekker warm en ik had het rijk alleen. Als herboren gingen we weer naar huis. We zijn ook in Siófok wezen badderen en dat was echt heel fijn. Lekker warme thermaalbaden, gewoon zwembad, bubbelbad en je kon ook nog buiten zwemmen. Leuk joh, het vroor en het was donker. Paarsblauwe verlichting en die stoom die je dan ziet. Ja dat was genieten. Op zondag zijn we naar Kaposvár geweest, ook om te zwemmen. Ja en dat zoals verwacht ook super. We kenden het Virágfurdö alleen van het prachtige buitenbad in de zomer. Maar dit was ook echt fijn. Thermaalbaden, sauna’s, bubbelbaden, buitenbad, het was er allemaal. En ook lekker warme douches. Maar natuurlijk begonnen we Kaposvár met de markt. Waar in Nederland de vlooienmarkten zich in de winter verplaatsen naar grote hallen, blijven ze hier het hele jaar door buiten. Weer of geen weer, er staan gewoon dezelfde mensen als in de zomer. Toen wij er in de zomer waren met mijn broer was het zo heet, dat ik er akelig van werd. Nu was het eigenlijk te koud. Maar ik heb toch weer wat mooie schatten kunnen scoren. Op de gewone markt was het heel druk bij de snoepkramen. Nou zijn de Hongaren van nature al grote snoepkonten, maar nu was het echt heel opvallend druk. En nou hadden wij ze bij de Tesco ook al zien liggen: Szaloncukor, kerstsnoepjes. 


Een soort van fondant bedekt met chocolade. En allemaal mooi verpakt in fel gekleurde papiertjes. Een kerst is in Hongarije niet compleet zonder die snoepjes. Dus hebben wij ze ook gekocht in verschillende smaken. Ik vind ze niet zo heel lekker, maar het ziet er zo mooi uit!
En toen kwam daar de uitnodiging van de burgemeester, om op vrijdagavond 21 december naar de kerststal te komen. Er zou wat te eten zijn en zelfs warme wijn! Maar dit aanbod moesten wij helaas afslaan, we hadden beloofd om met de kerst weer in NL te zijn. En het was ook goed zo, we hebben een paar fijne weken gehad. 




Wij kwamen aan in een wit Torvaj en vertrokken uit een groen Torvaj. Wij hebben er een mooie herinnering bij. Rest mij nog om jullie allemaal hele fijne kerstdagen en het allerbeste voor het nieuwe jaar te wensen!


Oja omdat ik toch tijd genoeg had tijdens de autorit, heb ik wat foto’s zitten bewerken. Daarom deze keer alleen bewerkte foto’s, gewoon omdat ik het leuk vind. Ik heb ze wel gewoon zelf gemaakt.

Groetjes, Marti





donderdag 29 november 2012

Dubbel genieten in Hongarije


Dubbel genieten in Hongarije

We zouden in oktober voor een weekje naar Hongarije gaan. Maar het was zo fijn om daar te zijn, en het was zooooo moeilijk om na een week de deuren weer te sluiten…..


Het landschap was gehuld in de meest prachtige kleuren, de zon scheen uitbundig. Het gras wat we in de zomer ingezaaid hadden, was nog uitgekomen ook! Een mooi groen tapijt bedekt met ochtenddauw. Je zou er zo met je blote voeten in willen stappen, ware het niet dat ik als de dood ben voor spinnen. En die zitten er, hele grote! De bruidssluier van Manfred hangt te glanzen in de zon. Zucht wat is het hier mooi….


De vloer in het gastenverblijf is tijdens onze afwezigheid gestort. Dus kunnen wij mooi verder met het zetten van een nieuwe muur. Dit doen we in fases, iedere dag een beetje metselen. 


Er moeten bogen gemetseld worden, iets wat we nog nooit gedaan hebben. Maar nadat we een mooi houten systeempje in elkaar getimmerd hebben, gaat ook dat lukken. 


We zijn er gewoon een beetje trots op dat wij dat toch maar mooi doen… Dit is het leven, samen op de heuvel een beetje keuvelen. Een beetje klussen, een beetje relaxen. Maar we krijgen ook regelmatig bezoek, en ook dat vinden we heerlijk. János komt regelmatig even langs, hij helpt ons met veel praktische zaken. 


Hij woont aan het einde van onze straat, langs het kerkhof. Geboren in Budapest en op zijn 12e verhuisd naar Duitsland. Daar heeft hij zijn verdere leven doorgebracht, hij is er getrouwd en zijn kinderen zijn daar opgegroeid. Op een gegeven moment is hij met zijn vrouw teruggegaan naar Hongarije, naar Torvaj wel te verstaan. Dus hij spreekt perfect Duits en Hongaars. Tel daarbij op dat het een heel lieve man is, die tijd genoeg heeft en ons heel graag helpt. Dus je begrijpt wel dat hij voor ons heel waardevol is! Plus hij kent heel veel mensen uit de omgeving en weet zodoende waar het beste naartoe kunt als je een goeie timmerman nodig hebt. Hij was ook degene die met de man op de proppen kwam die het aandurfde om onze kelder op te knappen. Helaas vinden wij dat op dit moment te duur voor ons. En dat zit die man nog steeds niet lekker. Hij vind het jammer, want hij vind onze kelder zo uniek en zo mooi. Dus op een gegeven moment krijgen wij de uitnodiging om naar zijn wijnkelder te komen kijken. János komt ons ophalen met zijn Mercedes en op het dooie gemakje tuffen we naar een dorpje verderop ons daar de man op te halen. Met zijn 4-en rijden we het dorp uit en de bossen in. Als we bij een open vlakte aankomen zien we allemaal kleine huisjes staan. Het blijken allemaal wijnkelders te zijn. Het ene nog mooier dan het andere. Als we de man zijn huisje binnen stappen is het eerste wat Mario zegt: Dit wil ik ook, een mannenhuis! Het huisje is net zo groot als on toekomstige gastenverblijf. In een hoek staat een klein keukenblokje, langs de muur staat een kachel. Maar in het midden van de ruimte staat een grote lange tafel. Aan weerszijden staan houten bankjes. 


Het ziet er zo gezellig uit! Maar het meest aandacht trekkende is toch wel de dubbele deur die open staat. Want daar is het grote pronkstuk, de wijnkelder. Mooie houten en iets minder mooie RVS wijnvaten sieren de ruimte. In de nissen achterin liggen wijnflessen. 



Hij vertelt trots dat hij de wijn allemaal zelf maakt. We mogen proeven. Maar dan heeft hij aan mij een slechte, want ik houd alleen van heel zoete wijn. Oké ik krijg een glaasje fehér édes aangeboden. Getver, ik vind het niet lekker, maar dat laat ik niet merken. Het lukt met moeite om mijn gezicht in de plooi te houden. Ik houdt eigenlijk van mierzoete wijn met bubbels, limonade dus want ik drink ook geen alcohol. Mario vind de wijn wel lekker, zegt ie. Ik maak wat foto’s en Mario zegt dat ik vooral een foto moet maken van de kandelaars die in de muren steken. 


Want die wil hij dan ook, als hij zo’n mannenhuis met kelder heeft J. Nadat we een flesje wijn hebben gekregen om mee naar huis te nemen, krijgen we ook nog een rondleiding . Goh wat ziet het er leuk uit zeg! Zo gezellig. Op de terugweg ben ik aan het denken. Ik snap nu wel dat de man het zonde vind dat wij niks aan onze kelder doen. En dan is onze kelder nog 3 keer zo groot als die van hem… Is het eigenlijk raar om een wijnkelder te willen ook al lust je geen wijn? Nee toch?

We hebben ook bezoek van Eric en Nicole, vrienden van ons. Zij zouden 4 dagen naar Budapest gaan. Maar gelukkig ze konden de verleiding toch niet weerstaan om ons te verblijden met een bezoekje. Het was al een week heerlijk weer, maar laat het nou net die dag heel slecht zijn. Regen en harde wind… Als ze bij ons aankomen hebben ze het koud, maar gelukkig staat bij ons de tegelkachel al lekker te branden en kan Eric zijn voetjes lekker opwarmen aan de warme tegels. 


Als we boterhammen gegeten hebben, gaan we ons mooie Torvaj aan hun tonen. Maar dat gaat niet zo snel, want overal moeten we even buurten. Als we bij Ferry onze kroegbaas aankomen, blijven Eric en ik staan luisteren. Hij is mais aan het malen en dat hoort Eric meteen, niet gek voor een boerenzoon J Als Ferry ons voor het hek ziet staan, wenkt hij dat we dichterbij moeten komen. Mario en Nicole zijn al doorgelopen. Wij willen dat wel eens zien. Het eerste wat mij natuurlijk opvalt zijn de kippen.


Heerlijk zoals die hier lopen te scharrelen. Maar de herrie overheerst toch wel en ook ik ga kijken bij Ferry. Hij houdt een grote zak onder een maalmachine. Bovenin gaan de maiskolven en als die gemalen zijn, valt het maïsmeel in de grote zak. Ik vraag wat hij daar mee doet. Voor de dieren zegt hij. Kom maar eens kijken naar de dieren.  We komen bij een hok wat vreselijk stinkt, hier staan de varkens. Wat een grote dieren zeg! Ondertussen probeert het kefjoekeltje wat er ook rondloopt, mijn broek te ruïneren. Hij krabt steeds met zijn scherpe nageltjes over mijn benen. Op een gegeven moment  vind ik het genoeg en geef hem een zacht doch dringend duwtje. Er komt een lief oud dametje aan het geeft ons een hand. Het is de moeder van Ferry. Ze begint volop tegen ons te kletsen, en gelukkig versta ik het meeste ook. Op een gegeven moment worden wij toch een beetje ongeduldig, want Nicole en Mario zijn allang thuis. Dus nadat we alles bewonderd hebben lopen we het poortje weer uit en gaan weer verder. Ik zeg tegen Eric dat dit veel tijd kostte, hij kijkt me aan en zegt: nee, dit ís tijd. Hier draait het om, dit is belangrijk. Ik val even stil, en moet hem gelijk geven. Dit zijn gouden momentjes… We sluiten deze heerlijk dag af in Siófok, waar we hun eerst vol trots ons mooie Balatonmeer laten zien. Nicole is verbaasd dat het zo groot is. Maar als je bij de haven in Siófok staat, kun je maar een kwart van het meer zien, kun je nagaan hoe groot het hele meer is. 


Het is koud want het waait stevig, maar toch krijgen ze er een goede indruk van. We gaan ook nog even een kijkje nemen in het mooie oude treinstation. We zijn heel verbaasd als we zien dat een oude man geholpen word met oversteken. Over de rails dus. Normaal gesproken moet je in een tunneltje onder het spoor door. Maar omdat de man met een rollator loopt en dus niet over de trappen naar beneden en weer naar boven kan, mag hij zo oversteken. De conducteur die de man helpt zwaait ondertussen met een lampje naar de trein die langzaam nadert. Effe wachten, seint hij, want dit gaat niet zo snel. 


Bizar om te zien, maar uiteindelijk staat de oude man veilig aan de overkant en kan de trein weer verder rijden. Als we nog een hapje gegeten hebben zwaaien we onze vrienden uit en is deze leuk dag weer ten einde. Maar niet nadat we gevraagd hebben of ze morgen tegen de piloot willen zeggen dat wij niet mee naar huis gaan. We hebben besloten om er nog een weekje aan te plakken. Dus een nieuwe vlucht geboekt en nog een weekje genieten!

En dat hebben we zeker gedaan, want het weer werd steeds beter. Toen we op vrijdag met onze vrienden Han en Palinka naar Siófok gingen om te winkelen was het zo’n  prachtig weer, dat ik de driekwarts broek weer tevoorschijn gehaald had. 
Een lange broek was gewoon te warm! En op zondag zijn we nog naar Pécs geweest en toen was het zelfs 25 graden in het zonnetje. We gingen eerst naar de grote markt en naderhand nog even de stad in. 


Ik was alweer vergeten hoe mooi die stad is. Is ook al zeker zo’n 12 jaar geleden dat we daar voor het laatste waren.






We hebben ons vergaapt in de oude St. Petrus dom, door de mooie straatjes geslenterd en een lekker ijsje gegeten op het Széchenyi plein. 


We zien dat de hekken met liefdessloten er ook nog steeds zijn, maar die waren 12 jaar geleden ook al vol. Dus ik denk dat ze die regelmatig leegmaken. 



Is lekker als je daar ijzerboer bent.
Ja en dan moeten we toch echt terug naar Nederland. Maar ik wil niet. Ik wil nog blijven. Het leven is hier zoveel rustiger en relaxter…. Maar het zal toch echt moeten. Op naar de volgende keer!

Groetjes, Marti





zondag 28 oktober 2012

Naar de kapper


Ik heb al jaren dezelfde kapper in Nederland, tot volle tevredenheid overigens. Maar aangezien wij steeds vaker in Hongarije vertoeven, komt het wel eens voor dat ik in de spiegel kijk en denkt, oeps daar moet eigenlijk een verfbeurt aan te pas komen.... Voorheen liep ik dan gerust de rest van de vakantie voor joker met een grijze scheiding. Als ik thuis dan foto's zag van mijn hoofd, schrok ik daar toch van. Ik weet wel dat je in Hongarije eigenlijk niet gauw voor joker loopt, maar ik vond dat toch niet echt leuk hoor. Dus besloot ik om maar eens de stap te wagen en in Hongarije naar de kapper te gaan. Dus wij op zoek. De eerste kapper zat de eerst komende 2 weken helemaal vol. Ja en dan zouden wij al weer in NL zijn. Dus op naar de volgende. Een aardige mevrouw van middelbare leeftijd stond ons vriendelijk te woord. Ik zei dat ik mijn uitgroei wilde laten bijverven. Dat kon, geen probleem, ga maar zitten. Maar nee, zei ik, ma nem. Vandaag niet. Dus vroeg ik of het op zaterdag kon. Dat kon, wist ze zo uit haar hoofd, om acht uur 's morgens.
Dus op zaterdagmorgen ben ik om 8 uur weer terug in de kapsalon. Ik zie de aardige mevrouw niet, maar een andere aardige mevrouw komt naar mij toe en kijkt me vragend aan. pfff nu moet ik weer in het Hongaars uitleggen dan ik mijn uitgroei wil laten bijverven. Gelukkig begrijpt ze me, maar ze vraagt voor de zekerheid even of ik ook geknipt wil worden. Nee, nee dat niet. Eerst maar eens kijken hoe dit bevalt. Ik moet nog even wachten want de enige stoel voor de spiegel is bezet. Ik neem plaats op een andere stoel en zie dat er tegenover mij een mevrouw zit die al verf in haar haren heeft. Even later komt haar man binnen en die begint tegen haar te praten en die vrouw pakt haar boodschappenmandje en gaat met haar man mee naar buiten. Met de verf in haar haren! Dat zou in NL toch niemand in zijn hoofd halen! Terwijl je kop vol met verf zit, even naar de AH om boodschappen te gaan doen...
Oké, ik mag plaatsnemen in de stoel die voor de spiegel staat. Ze kijkt op mijn scheiding, en voelt aan mijn haar. Sok, sok, zei ze. Ja veel haar, ik weet het. Ze pakt een tubetje verf uit een bakje. Ze doet wat van de verf in een schaaltje en doet er nog uit een grote fles bij en begint te roeren. Huh? Zal dat wel goed gaan? In NL zit mijn kleur in de computer. En dan heb ik nog highlights. Die hebben weer een andere kleur. Maar een computer, die is deze kapsalon niet rijk... Gestaag begint ze mijn haar te verven. Het lijkt wel of ze met een grote blokwitter aan de gang is. Ze begint een praatje met mij en vraagt waar ik woon. In Torvaj, zeg ik. In welk huis dan? Ik noem de naam van onze vorige bewoners.Oo die kent ze wel. Ze vraagt hoeveel kinderen ik heb, en of ze ook wel eens naar Torvaj komen. Afijn eigenlijk hetzelfde als in NL bij de kapper. Maar daar houdt elke vergelijking dan ook op....Terwijl ze met mijn haar bezig is, zie ik de prijslijst hangen. Een afgescheurd papiertje wat achter de spiegel is gestoken. Ik zie dat ze ook iets voor 200 forint doen. Maar ik kan niet ontcijferen wat dat is. Ook staat er een soort campinggasbrander met een ijzeren tang erop. Wat zouden ze daar toch mee doen? Als de verf in mijn haar zit, mag ik plaatsnemen op een andere stoel. De verf moet nu intrekken. Er hangt een droogkap boven die stoel. Maar ik hoef niet onder die droogkap en kan niet rechtop zitten. De kapster heeft denk ik even niks te doen. Ze pakt wat roddelbladen en gaat op de beste plaats zitten, recht voor de spiegel. Ze begint op haar dooie gemak de tijdschriften te lezen. Ik pak mijn NL tijdschrift uit mijn tas en probeer ook wat te lezen. Ik begin rugpijn te krijgen en probeer mijn rug wat te rekken. Bots, tegen de droogkap. Aan de rechterkant zit een oudere dame onder de droogkap te suffen. Ik glimlach tegen haar en kijk op mijn gemak eens rond. Ik zie geen wasbak of zoiets. Ze zullen hier de verf toch wel uit je halen spoelen? Of moet je dat thuis doen? In de hoek van de kapsalon staat een oude houtkachel. Ervoor staat een houten droogrek, met een bonte verzameling handdoeken die hangen te drogen. Boven de speigel hangen plastic bloemen en daarboven hangt een diploma. Voor de spiegel staan de houten föhnborstels gebroederlijk bij elkaar in een bakje. Bij mijn buurvrouw stond hetzelfde bakje in de keuken met lepels er in. In de borstels zitten allemaal haren. En ik bedenk me: als 1 mevrouw hier hoofdluis heeft, krijg ik het nu ook.... Na dik een uur gaat voor de eerste keer de telefoon. De kapster komt uit haar stoel en loopt naar de telefoon. Als ze daar klaar mee is, loopt ze naar de mevrouw onder de droogkap. Ze begint tegen haar te praten en wijst naar mij. Dan komt ze mij halen en ik wordt voorgesteld aan de mevrouw. Het blijkt dat zij altijd bij ons in de straat heeft gewoond en haar huis een tijdje geleden heeft verkocht. Dan weet ik ineens wie deze mevrouw is. Ik vraag haar waar ze nu woont? Hier tegenover zegt ze, en ze wijst naar een appartementencomplex aan de overkant van de straat. Leuk zeg ik. wil je het zien, vraagt ze? Ja daar sta je dan met je goeie gedrag. Nee nu niet, zeg ik, terwijl ik naar mijn haren wijs. Waarom niet , vraagt zij weer. Ik wijs nogmaals naar mijn haren en zeg dat ik zo dus echt niet de straat opga. Ze haalt haar schouders op, en ik zie dat ze het maar een rotsmoes vindt... Dan verlost de kapster mij uit deze netelige situatie en ik wordt meegeloodst maar een soort van pashokje achter een gordijn. Ahaaa daar staat de wasbak. ik ga achterover liggen en ga genieten. Want dit is het moment dat ik altijd het meeste geniet van een bezoekje aan de kapper. Nu wordt mijn hoofd gemasseerd. Ik schrik me een hoedje als ze begint te wassen. Ik wordt gewoon schoon gescrobd. Nog wat crèmespoeling er in en gelukkig houd het op. Als ik weer voor de spiegel zit vraagt of ze mijn haar moet föhnen. Ik denk aan de borstels in het bakje en twijfel. Maarja om met een druipnatte kop weer de straat op te gaan... Dus ik zeg dat ze het mag föhnen. Lok voor lok worden ze met grote precisie droog geblazen. Ik zie mijn haar gladder en rechter worden. Dat ben ik niet gewend hoor. Ik doe altijd maar wat. Ik ga voorover hangen en blazen maar, er komt geen kam of borstel aan te pas. Maar nu ben ik een gekapte mevrouw. Ze legt de föhn neer, kijkt op mijn hoofd, en roept verrukt: het is de Goeie kleur!! Wat een opluchting zeg! Het was een anderhalf uur durend bezoek vol verrassingen, maar de grootste verrassing was wel toen ik het hand geschreven bonnetje kreeg. Ik moest 3000 forint betalen, omgerekend zo'n 10 euro! Kijk en dat maakt alles weer goed. Alleen knippen dat laat ik voorlopig alleen bij mij vaste kapper in NL doen.


Groetjes,
Marti