dinsdag 28 februari 2017

We mogen bijna weer naar het huisje op de heuvel in Hongarije!


Zie je wat er op de kalender staat? Misschien is het een beetje slecht te zien, maar het staat er echt! Hongarije. Nog 3 nachtjes slapen en dan gaan we eindelijk weer naar het huisje op de heuvel. Het is 3 maanden geleden dat we er waren, dus het wordt onderhand wel eens vort tijd! De hele koude winter hebben we niet meegemaakt. Toen we er de laatste keer waren, vroor het ook al een beetje, maar de diepvrieskou hebben we alleen meegekregen via internet en de tv. En daar ben ik niks rouwig om, ik heb een hekel aan de winter en de kou. Het lijkt wel, hoe ouder ik wordt, hoe meer hekel ik aan de winter krijg. Ik heb ervoor gezorgd dat ik bezig bleef met leuke klusjes binnenshuis. Ik heb de hal, de woonkamer en de werkkamer van Mario opgeknapt. Ik heb 3 quilts gemaakt en ben alweer aan de 4e begonnen. Als ik dat niet doe, wordt ik depressief en verdrietig. Dan mis ik mijn dochter en schoonzoon zo verschrikkelijk erg... Ze zijn nu 4 maanden op reis en wie weet wanneer hun weer in levende lijve zie. Maar ze maken het goed, ze genieten van Australië en het warme weer. En dat is toch het allerbelangrijkste, dat ze het Samen fijn hebben!

Nonneke fotografie.


Maar ik wil nu ook weer warmer weer, ik ben zo klaar met de winter, bah. Of dat in Hongarije zo zal zijn, ik weet het niet. Het is natuurlijk nog steeds geen lente. En wat zal het koud zijn in huis. De muren zijn bijna een meter dik en geloof maar dat daar de kou nog in zal zitten! Brrrr alleen bij het idee al, ga ik rillen. Want het was echt een ongewoon koude winter in Hongarije. Het Balaton was helemaal dicht gevroren. En dat had ik toch wel graag willen zien. Ik had wel willen zien hoe al die mensen naar de overkant van het meer schaatsten en liepen. Dan maak je toch niet vaak mee.

 Deze foto's zijn van Airproject.

We blijven maar een paar daagjes in Torvaj, maar ik ben toch blij dat we er even naartoe kunnen gaan. Ik ben benieuwd of het zeil van het zwembad het gehouden heeft. Want er heeft toch flink wat sneeuw op gelegen. Ik ben ook benieuwd of er niks kapot gevroren is. We hebben het in november wel winterklaar gemaakt, maar ik weet ook niet of er ergens nog een blikje groente is blijven staan. Zou dat eigenlijk wel kapot kunnen vriezen? Nouja we gaan het meemaken. 

Een week geleden droomde ik dat ik met een klein lichtblauw autootje aan het rijden was. Hij leek niet echt op mijn Trabi, maar toch is dit voor mij het teken dat ik naar die kísrakéta moet. Hij roept me. Hoe zou het toch met hem zijn? Oooo ik kan niet wachten om hem te starten en een stukje te gaan crossen. Komt goed ;-)

Oja effe nog iets leuks. Ik werd vorige week gebeld door Margitka, die nodigde ons uit voor bruiloft op 29 juli. Nou ik was zo vereerd! Wat lief van haar dat ze ons uitgenodigd heeft! We zijn nog nooit naar een Hongaarse bruiloft geweest, dus ik ben enorm benieuwd hoe het zal gaan. Ik ga nog wel even informeren hoe zoiets gaat. Wat zijn de gebruiken, wat draag je, wat geef je. Ik wil me toch aanpassen en niet uit de toon vallen. Ik heb er nu al zin in!

Nou voor de rest weet ik niet zoveel te vertellen, maar volgende maand weet ik vast weer keiveel te lullen. 

Groetjes, Marti

dinsdag 31 januari 2017

Januari-opruimingstijd-strooptocht

Het is weer opruiming in de winkels en dat is mijn favoriete tijd om te gaan winkelen. Ik heb er een oog voor, voor koopjes. En ik ben op zoek naar echte koopjes, geen 10 of 20% korting. Nee minstens voor de helft van de prijs en liever nog voor de helft van de helft. Maar ook bij de kringloopwinkels haal ik de juweeltjes er zo tussenuit. Een zak duplo voor een euro, een echte barbie voor 20 cent, ik vind ze en neem ze altijd mee. Want ik ben niet voor mezelf op strooptocht, nee ik fiets de winkels af voor de kinderen van Torvaj. Het hele jaar door verzamel ik vanalles en nog wat. Maar in de tijd van de opruimingen, ben ik helemaal in mijn element! Pas bijvoorbeeld hadden ze bij de Hema mooie setjes van een muts en een das voor kinderen voor 1 euro. En dan was het nog 1+1 gratis, dus 50 cent per setje! Ja ik heb een volle doos gekocht en ik denk aan de kindertjes die volgende winter met die mutsen en dassen rondlopen. En daar wordt ik dan zo blij van. En ik krijg wel eens opmerkingen, zo van waarom doe je dat toch. En tegenwoordig zeg ik dan, je kunt ook gewoon niks doen. En dan zijn ze uitgeluld.  
En je kunt zeggen dat ik een krentenkakker of een pin ben, maar ik geef er niks om wat mensen van me denken als ik met tassen vol koopjes blij naar huis ga. Ik doe het voor de kinderen en de rest laat me koud... Ik koop liever 10 dingen voor 10 euro, ipv 1 ding voor 10 euro. Zijn er toch 9 kindertjes meer blij. Ik werk niet meer buitenshuis en heb de luxe om mijn tijd te besteden aan de dingen die ik leuk vind en dit vind ik keileuk! 




Vandaag kreeg ik nog veel mooie nieuwe sjaals, sokken, riemen en sieraden. Dit stond in een winkel in een grote bak en alle klanten mochten gratis iets meenemen. Je zult het niet geloven, maar de meeste mensen halen er gewoon hun neus voor op. Ze kijken in de bak en zeggen dat ze niks willen. Dus mocht ik alles meenemen voor de mensen in Torvaj. En ik was zooooo blij toen ik thuis kwam. Ik ben nu alles aan het uitzoeken en verheug me al helemaal op het moment dat ik het kan gaan uitdelen. 





Maar ik krijg ook van andere mensen nog bruikbare spulletjes en ook daar ben ik blij mee. We hebben vorig jaar zelfs een extra schuurtje in de tuin gezet, als opslag voor alles wat mee moet naar Torvaj.

Zo zie je maar, ook al kun je eens een maandje niet naar Hongarije, ik ben er altijd mee bezig.
Als ik in Nederland ben denk ik iedere dag aan Hongarije, als ik Hongarije ben denk ik bijna nooit aan Nederland.

Groetjes, 
Marti

dinsdag 20 december 2016

Doet ie het of doet ie het niet.

Ik vraag me nu werkelijk af of het wel nut heeft dat ik weer een blog schrijf.. Wie interesseert het nu dat wij een hoop gekloot hebben gehad met de auto? Wat maakt het allemaal uit? De wereld staat in brand en ik weet niet wat ik er mee aan moet. Al die ellende die voorbijkomt. De verschrikkelijke beelden van de oorlog in Syrië, ik zit erbij te janken hoor. Gisteren die gek die op een kerstmarkt in Berlijn op de mensen in rijdt. Ik krijg er een steen van in mijn maag. Waar ben je nog veilig? Mario werkt in Amsterdam en Menno in Eindhoven. Echt ik maak me serieus zorgen. Wanneer is Nederland aan de beurt? Volgens mij is het slechts een kwestie van tijd. Ben je dan veilig in Amsterdam of Eindhoven? Ben ik in Rooi wel veilig? Waar moet het toch naartoe…

The world's gone mad
And I have lost touch
I shouldn't admit it
But I have.
It slipped away while I was distracted
I haven't changed
I swear I haven't changed
How did this happen?

(tekst Marillion)

Maar omdat ik ook wel snap dat we door moeten en dat we ons leven niet door angst moeten laten leiden, ga ik toch maar een kort verhaaltje opschrijven. Al is het maar omdat iedereen aan ons vraagt, wat dat nu toch allemaal was met de auto. Ik zeg dan steevast, het was klote, maar het is maar een auto. Er zijn wel ergere dingen…

Maar vol goede hoop vertrokken we op vrijdag met het vliegtuig weer naar Hongarije. Effe onze auto ophalen en dan op zondagmorgen weer terug rijden naar Rooi. Whahaha had je gedacht, mooi niet. Maar dat wisten we toen nog niet. Omdat we maar 2 nachtjes in Hongarije zouden slapen, hadden we besloten om bij onze vrienden in hun B&B te gaan logeren. In de winter is ons huis zo koud. De muren van bijna een meter dik zijn in- en in- koud. Voordat het een beetje behaaglijk is, moeten we alweer naar NL. Als we op het vliegveld in Budapest aankomen, bellen we de jongen van de huurauto. Na een minuut of 10 is hij er en hij vraagt voor hoelang we de huurauto nodig hebben. We hebben hem alleen nodig om van Budapest naar Siófok naar de garage te rijden. Want dan gaan we verder met onze eigen auto. Als we dat vertelt hebben tegen de jongeman, zegt hij dat hij ons wel naar Siófok kan rijden. Want anders rijden we zelf naar Siófok en de jongeman moet dan de met de trein de auto weer gaan ophalen in Siófok om dan weer terug te rijden naar Budapest. Beetje omslachtig, dus ja graag. Na een voorspoedige rit komen we bij de garage aan. De mevrouw achter de balie begint breeduit te lachen en zegt, gelukkig, de auto is klaar! Zeg dat wel, gelukkig. Nadat we 1150 euro afgerekend hebben mogen we onze rode bolide mee naar huis nemen. 

Dit staat bij ons onder aan de weg, gemaakt van hout. Leuk hè?

We rijden eerst naar Torvaj om te kijken hoe het met het kamertje is dat in de tussentijd opgeknapt is. We zijn in deze week steeds op de hoogte gehouden door onze vrienden, d.m.v. berichtjes en foto’s. En als we in Torvaj aankomen, komt Margit meteen naar me toegelopen en omhelst me. Ze zegt dat ze zo blij is dat we er weer zijn. Het lijkt wel of we een half jaar zijn weggeweest i.p.v. een weekje. Als we bij het kamertje gaan kijken, worden we niet teleurgesteld, het ziet er goed uit! Goh, wat een luxe.. Dat er gewoon doorgewerkt wordt, terwijl wij in NL zijn. Dat geeft hoop.
Het valt ons trouwens wel op dat de ventilator van de auto erg lang na blijft loeien… toch maar even in de gaten houden. En hij stinkt ook nog steeds.

Die avond en de zaterdag verblijven in de B&B van Hoeve weltevree en we worden echt in de watten gelegd. Het is wel een beetje raar, want normaal zijn we hier als vrienden en nu als gasten. Ja als vrienden én als gasten dan. De kamer ziet er echt heel mooi uit en we slapen als een os. Bij mij is het ondertussen wel verschrikkelijk in mijn rug geschoten en dat is toch wel balen. Bij iedere kleine beweging schiet de kramp in mijn rug en het beneemt me iedere keer de adem. Ik denk ook aan de terugreis van 1350 km… hoe ga ik dat volhouden. Maar pijnstillers doen een beetje hun werk en door de goede zorgen van onze gastheer- en dame is het uit te houden.

Heerlijk ontbijt bij de B&B

Vol goed moed vertrekken we zondagmorgen op weg naar NL. Onderweg lijkt het toch alsof we weer iets ruiken. Misschien verbeelden we het ons maar, je bent toch een beetje wantrouwig geworden. Als we in Vezsprém aangekomen zijn, besluiten we om bij de Tesco even broodjes te kopen voor onderweg. Mario besluit om toch maar even onder de motorkap te kijken en tot onze schrik zien we dat er weer overal olie gelekt is. De oliespetters zitten echt overal. *&%#@* Wat nu? Wat is wijsheid… ik zie een verslagenheid in Mario die ik nog niet vaak gezien heb. Verdorie klote zeg. Maar dan herpakken we onszelf weer en besluiten de ANWB te bellen en niet verder te rijden. Ja en dat begint het circus weer opnieuw. De Hongaarse autóklub komt er weer bij en de man doet echt zijn best.



Hij probeert vanalles maar kan niet voorkomen dat 4 uur later de sleepwagen komt en de auto plus aanhanger terug brengt naar de garage in Siófok. 

We hadden niet veel keuze, want in Vezsprém is er op zondag ook geen garage geopend. En wat dan nog, dan sta je daar met je spullen, waar moeten we naartoe? We hebben al contact gehad met John en Martine en gevraagd of ze ons bed nog niet verschoond hebben, want dat we nog graag een nachtje bij hun willen slapen. Die lieve schatten komen ons bij de garage ophalen en we gaan gewoon uiteten in Siófok, alsof er niks aan de hand is. Ja je moet wat, toch? Bij de B&B aangekomen, krijgen we nu de grootste kamer, omdat onze kamer toch al schoongemaakt was. Wat een prachtige grote kamer! Dit is toch een pleister op de wonde.

Die maandagmorgen zorgen Mario en John dat ze al om 7 uur bij de garage zijn, meteen als hij open gaat. Ook zij balen natuurlijk en gaan meteen kijken waar de olie vandaan komt. Dan blijkt al gauw dat er nog een slang kapot is, die ze dus gewoon over het hoofd gezien hadden bij de grote reparatie! En die slang moeten ze bestellen en dan moet hij er nog ingezet worden. En omdat het halve motorblok er uit moet, gaat dit nog wel een dag of 4 duren. Tja dan heb je niet veel keuze meer. We zullen weer zonder auto terug moeten naar NL. Er wordt gekeken wat de mogelijkheden zijn.
Oftewel met een huurauto of weer met het vliegtuig. Maar omdat we toch zo snel mogelijk weer in NL moeten zijn, gaat de ANWB vliegtickets voor ons regelen. Het kan niet sneller als dinsdagmorgen. 


De rest van die middag brengen we in Siófok door, waar we gezellig een heerlijk gebakje gaan eten en nog wat over de kerstmarkt rondlopen. Zonder angst en genietend van de gezelligheid.






De volgende morgen vertrekken we naar NL en boven in de lucht is het zo mooi en vredig. Waarom kan het niet overal zo zijn….


En dan moeten we nog anderhalve week wachten voordat onze auto plus aanhanger met een transportwagen bij onze garage is afgeleverd. Wij willen hebben dat hij de auto nog even controleert, want we hebben eerlijk gezegd niet zoveel vertrouwen in de garage in Siófok. Als er dan uitkomt dat er nog een onderdeel vervangen moet worden, ben ik zo blij dat we met het vliegtuig naar huis gekomen zijn. Voorlopig blijven we even in NL, even geen gereis meer tussen Rooi en Torvaj. Eventjes dan.

Mario en ik willen jullie allemaal hele fijn feestdagen wensen en het allerbeste voor 2017!
En ik hoop echt dat de wereld een beetje vrediger gaat worden.

Groetjes, Marti





woensdag 30 november 2016

Met de auto heen, met het vliegtuig terug.

Ja dat is niet zoals het normaal gesproken gaat, maar ons is het deze keer toch overkomen. We vertrokken donderdagsmiddags met een volle aanhanger richting Torvaj. Na een half uurtje op de snelweg vond ik dat het stonk in de auto. Een rare chemische lucht. Mario rook er niks van. We tuften rustig verder over de Duitse snelweg. Maar de stank werd steeds erger en ik vroeg aan Mario of hij de ventilatie dicht wilde zetten. Hij rook het nu een beetje, maar dacht dat het de auto’s voor ons waren. Ja dat kan, maar dan reden die stinkauto’s al uren voor ons… ik geloofde er niks van. We gingen overnachten bij een motel en toen we uitstapten, stonk de auto verschrikkelijk. Maar het kwam omdat Mario de auto met de aanhanger achteruit ingeparkeerd had. En dat kan hij niet zo goed, haha. Maar hij heeft daar eigenlijk altijd veel moeite mee gehad en toen heeft de auto nooit zo gestonken. Maar Mario weet zeker dat het daar aan ligt. De volgende morgen vertrekken we weer bijtijds en na een tijdje rijden begint het toch weer zo te stinken. Ik op een gegeven moment met mijn vest voor mijn mond omdat ik misselijk wordt van de geur. Vrachtwagens achter ons seinen regelmatig. Als we bij de Hongaarse grens stoppen voor een vignet komt er blauwe rook onder de motorkap vandaan. Mario gooit de motorkap omhoog en kijkt wat er loos is. Op het motorblok ligt een laagje olie. Maarja wij hebben er geen verstand van…. We gaan om de beurt naar de wc en kijken nog eens naar de motor. Het roken is gestopt en we besluiten om naar het restaurant in Nyúl te rijden. Dan kan de motor daar langer afkoelen en kunnen we tegelijkertijd een hapje eten. We rijden voorzichtig verder en ik vind het ondertussen toch wel spannend worden. 


Na drie kwartier zijn we er en Mario gooit de motorkap maar weer open. We gaan het restaurant in en Mario begint de ANWB te bellen. Ze vragen of we een sleepauto nodig hebben, maar Mario zegt, stuur eerst maar een monteur langs. Ze nemen contact op met de Magyar autóklub en na een half uurtje komt er een monteur aangereden. Hij heeft een heel zwak lampje bij en Mario schijnt bij met zijn telefoon. Hij poetst het motorblok met een doek schoon en zegt dat er een klein gaatje in een slang zit, waardoor er olie gelekt is. Het is niet gevaarlijk zegt hij en we kunnen gerust verder rijden naar Torvaj. Als hij de olie gaat peilen ziet hij geen streepje. Mario had dit onderweg ook wel gedaan, maar dacht dat het goed was. Als de monteur er 2 liter olie in heeft gedaan, beseffen we dat we niet veel langer door hadden moeten rijden. De monteur zegt nogmaals dat we gerust verder kunnen rijden en dat we thuis met de auto naar de garage moeten gaan. Ja dat lijkt ons ook wel verstandig. We vervolgen onze weg in het pikkedonker en ik vind het niet leuk meer. Als er een auto achter ons rijdt, zien we in het schijnsel van de koplampen dat er een grote blauwe rookvolk onder onze auto vandaan komt. Arme bestuurder achter ons… we stoppen regelmatig en kijken dan weer onder de motorkap. Maar veel kunnen we niet doen en op hoop van zegen vervolgen we onze weg. Ik ben zooooo blij als we veilig bij het huisje op heuvel aanbeland zijn. De geur is niet meer te harden en we besluiten om de volgende dag naar de garage te gaan. Het is ijskoud in het huisje en nadat we de gevelkachels op hoog gezet hebben, kruipen we ons bedje in.

Omdat er op zaterdag en zondag geen garage open is, blijven we deze 2 dagen lekker thuis. Het is prachtig nazomerweer en de temperatuur loopt op tot 20 graden. 



Spontaan komen de vliegen en lieveheersbeestjes weer tot leven. Die hadden in de kieren en naden van het huis al een warm plekje gezocht voor de winter. In het halletje van het huis ligt een dikke zwarte laag van dode vliegen. Getverderrie! Als ik ze opzuig gaat het van pok,pok,pok. Echt niet normaal, zoveel! Ik hang maar weer van die ouderwetse plakstrips op en na een halve dag zitten er al zeker een stuk of 20 op.
Omdat we volgend jaar aan ons eerste huisje beginnen met verbouwen, moet het beetje voor beetje leeggehaald worden. Eén kamer doet nu dienst als opslag voor gereedschap, tegels en verf. Maar omdat we in dit kleine huisje geen kamer over hebben straks, moet dit allemaal voorgoed naar het 2e huis. Maar de kamer die daar dienst gaat doen als ‘gereedschapskamer’, is de enige kamer waar nog niks aan gedaan is. 


Het is een vies muf donker hol. Die kamer is altijd heel vochtig geweest. Als het hard regende, stond er gewoon een laagje water op de vloer. Later blijkt dat het water ook gewoon door de muur naar binnen sijpelde. Dus die kamer moet nu als eerste aangepakt worden. Het één wacht altijd op het ander.
We dragen alles naar buiten en sorteren het dan. Een hoop kan in de kliko, een hoop kan opgestookt worden en een hoop moet toch nog bewaard worden. Wat fijn om weer nuttig bezig te zijn!
Als de kamer leeg is zien we dat de vloer en de muren, sinds er een nieuw dak op het huis zit, mooi droog geworden zijn. Dat is al een hele geruststelling.


Als het maandag is, rijden we naar Siófok, naar de Peugeot garage. Nadat we verteld hebben wat het probleem is, loopt er een monteur met ons mee naar buiten. Hij kijkt onder de motorkap, zoals wij de afgelopen dagen ook vaak gedaan hebben. Maar het verschil is, ook met de meneer van de Magyar autóklub, dat hij meteen ziet wat het probleem is! Catastrofe. Nagy probléma. We mogen absoluut niet meer rijden met de auto, want hij kan spontaan in brand vliegen. De katalysator is kapot. En omdat er te lang olie is gelekt, zijn er nog meerdere onderdelen kapot gegaan. Jeetje. Hij zegt dat we geluk hebben gehad dat we heelhuids daar aangekomen zijn. pfff dat moet even bezinken hoor. Kunt U het maken, vraagt Mario. Ja dat is geen probleem, het onderdeel moet hij wel bestellen, maar dat is allemaal geen probleem. Wanneer is de auto dan klaar, vraagt Mario. Volgende week dinsdag, denkt hij. Vandaag dus. Ojee, maar we moeten zondag weer naar Nederland, zegt Mario tegen de monteur. Ja dat gaat dus echt niet lukken, want ze hebben niet genoeg personeel. Ze hebben niet eerder de tijd. En nu? Mario belt maar weer eens met de ANWB. Die zegt dat ze gaan kijken naar andere opties. Ze bellen binnen anderhalf uur terug, beloven ze. Wij besluiten om dan maar naar het centrum te lopen en daar even een bakkie te gaan doen. We gaan op ons gemak lunchen, we gaan schoenen kopen, we lopen nog wat verveeld rond.


Ondertussen zijn we een paar uur verder, maar nog niks van de ANWB gehoord. Mario belt zelf maar weer eens. Ze weten nog niks. We zijn er druk mee bezig, meneer. We lopen nog maar wat rond, maar het voelt zo nutteloos. Als we weer een uur verder zijn, belt Mario ze maar weer op. Dan zeggen ze dat we met een taxi terug naar Torvaj kunnen gaan en dat er een huurauto naar Torvaj gebracht wordt. Wij vragen waarom wij niet zelf de huurauto op kunnen gaan halen? Dat scheelt toch weer taxikosten. Maar nee, dat kan niet. Ze gaan ook kijken of er een garage in de buurt is die de auto wel op tijd klaar kan hebben. Als we per taxi naar huis zijn gebracht, krijgen we een telefoontje van de ANWB dat de auto naar een andere garage in Siófok gaat. Zij kunnen de auto op tijd klaar hebben, zodat we met onze eigen auto terug naar Rooi kunnen. Mooi zo.

Dinsdag komt een jongen uit het dorp bij ons kijken of hij het gras bij kan gaan houden. Nadat onze buurman naar Engeland vertrokken is, hebben we een probleem met het gras. In het voorjaar hebben we kennis gemaakt met Géza, hij zou het gras bij komen houden. Stond ie hoor, met zijn big smile. Hoe wilden we het hebben? Hoe vaak? We konden het hebben zoals we wilden, geen probleem. Toen wij  in de zomer terug waren in Torvaj, zei onze buurvrouw dat hij 2 keer was komen maaien. Oké, zeiden we dan krijgt hij maar voor 2 keer betaald. Toen hij onverwachts langs kwam om te incasseren, zei hij dat hij 3 keer geweest was. Ik zei, de buurvrouw zei dat je maar 2 keer geweest was. Hij twijfelde even, maar zei toen dat hij echt 3 keer geweest was. Mario zegt, ik heb nu niet genoeg geld in huis, dus je moet toch terug komen. ik ging nog even naar de buurvrouw en vertelde dit verhaal. Ze zei toen twijfelend, ik denk dat hij maar 2 keer geweest is. We hebben hem toen het voordeel van de twijfel gegeven en voor 3 keer betaald. Toen hij zijn geld op kwam halen, had hij zijn hele gevolg bij, inclusief iemand die zijn huis aan ons wilde verkopen. Natuurlijk voor 4 x de verkoopprijs. Helaas voor hem, trapten wij daar niet in. We spraken toen af, dat hij in september en oktober ook nog zou komen maaien. Maar eind oktober kregen we van de buurvrouw een briefje waarin stond dat hij helemaal niet meer geweest was. Nou dat was einde verhaal van deze stommeling. Onze buurvrouw had het erover met een jongen bij ons uit het dorp en hij zei dat hij het wel wilde doen. Dus toen hij met zijn meisje kwam kijken hoeveel het was, had ik wel zoiets van, ik hoop echt dat deze jongen langer zijn afspraken na gaat komen… je wordt er toch een beetje voorzichtiger van hoor. In het voorjaar gaat hij bij ons beginnen. Wij gaan die dag ook nog naar de garage waar nu onze auto staat. Nadat we een kwartier gezocht hebben, blijkt dat we op het terrein van de Eon moeten zijn. Het ziet er niet uit, maar de vriendelijke mevrouw achter de balie, maakt het meer dan goed. Ze staat ons in gebrekkig Duits te woord en zegt dat de auto donderdag of vrijdag klaar is. Wij halen nog wat spullen uit de auto en rijden met een gerustgesteld gevoel terug naar Torvaj.



Woensdag zijn we al vroeg uit de veren, want de stukadoor komt vandaag. Het 2e huis zal aan de buitenkant gestuukt worden. Ze zijn met zijn 2en en gaat meteen aan de slag. Jeetje wat knapt een huis daar van op! Na een dag hard werken is de achterste lange muur bijna klaar.


De daarop volgende dagen werken ze gestaag door en na 3 dagen zijn er 2 muren helemaal netjes opgeknapt. Je kunt wel zien dat hier meisters aan het werk geweest zijn.
In het voorjaar komen ze terug om de rest van het huis te stuken.


En dan komt het bericht dat ook de andere garage de auto niet op tijd klaar kan hebben. We balen als een stekker, maar het onderdeel is gewoon niet op tijd bij de garage. We overleggen met de ANWB hoe nu verder. We kunnen niet wachten op de auto omdat Mario dinsdag weer aan het werk moet. En als de auto op transport gezet gaat worden, kan het tot 6 weken duren voordat hij weer in Rooi is. Dat is ook geen optie. En dus is de beste oplossing voor ons om nu met het vliegtuig naar NL te gaan, dan vrijdag weer met het vliegtuig naar HU te gaan en dan zondag weer met de gerepareerde auto naar Rooi te rijden. Best omslachtig, maar het is nu niet anders. We moeten gewoon een weekendje extra naar HU, wat erg ;-)

Maar ondanks het gedoe rondom de auto, hebben we toch nog heerlijk kunnen genieten hoor. Ik ben met mijn vriendin lekker een middagje schatten wezen scoren bij de kringloopwinkel. Zij heeft een prachtig honderd jaar oud kacheltje op de kop getikt. En ik heb een oude houten krat met 10 oude Hongaarse spuitflessen gekocht. Ik ben er superblij mee. 

We hebben gesmuld van de Hongaarse taart van het jaar. Ieder jaar is er een landelijke taartenbakwedstrijd. Dit jaar was het thema de opstand van 1956, nu dus 60 jaar geleden en de ingrediënten waren pompoenpitten die op drie verschillende manieren in de taart verwerkt moesten worden en krokante praliné diende gebruikt te worden. Geen makkelijke opdracht dus en de lat lag weer hoog. Maar we hebben hem zelf geproefd en we kunnen met recht en rede zeggen dat het een heerlijke taart geworden is en zijn geld meer dan waard is! Lekker, echt lekker ... Een aanraden en te vinden in de meeste cukrászdas (gebakzaakjes). 


Met dank aan Hongarije Natuurlijk, voor deze uitleg!

En zaterdag zijn we met zijn vieren naar Vörs geweest, een klein plaatsje in onze provincie. Daar hebben ze in de kerk een prachtige Bethlehem gebouwd. Zo noemen ze in Hongarije een kerststal. Maar dit is een kerststal met daaromheen het meest gedetailleerde landschap ter wereld. 







Het is heel gedetailleerd gemaakt en ze hebben er met vele mensen 8 dagen aan gewerkt. De vriendelijk pastoor vertelt ons alles over het ontstaan en de geschiedenis van deze Bethlehem. We kopen een paar kaarten en kalenders bij de man en steken nog een kaarsje voor onze overleden dierbaren aan.
Hierna rijden we verder naar Florridora’s Pantry in Zalaszántó. Dit is een theemuseum waar je lekkere thee kunt drinken. Vandaag is er ook een winterfair waar je eigengemaakte producten kunt kopen. 


Het theehuisje wordt gerund door 2 Engelse heren die al een hele tijd in Hongarije wonen. Ze verkopen niet alleen thee maar ook scones, kruidenmelanges, jams en nog veel meer.
We besluiten om nog even naar een echte kerstwinkel in Keszthely te gaan. Het blijft vooral bij vergapen, want er is zoveel te zien! Je kunt het zo gek niet bedenken, of het is daar te koop. We sluiten deze dag af met een lekkere maaltijd in onze favoriete restaurant, de bisztró in Tab.

De kerstboom en Bethlehem staan ook weer.

Zondag gebruiken we om te socializen in Torvaj en om op te ruimen. Het komt nu niet zo nauw omdat we over een paar dagen weer terug zijn in HU. Wat een rare gedachte zeg. Als we op maandag door onze vrienden naar Budapest gebracht worden, hebben we nog even de tijd om over de kerstmarkt op het vörösmarty tér te lopen. Zelfs op een maandagmorgen is het er heel gezellig en sfeervol. Er is echt van alles te koop.















Als we 2 uur voor vertrek op het vliegveld aankomen, zien we dat het vliegtuig 2 uur vertraging heeft. Dat wordt dus 4 uur lamballen. Verplicht uitrusten. Och er zijn ergere dingen. 



Na een goeie vlucht zijn we om 19:00 uur weer in Eindhoven.

Groetjes, Marti


  



maandag 31 oktober 2016

Vervolg zomer 2016

Ja en dan is het alweer einde van de maand en dan moet ik van mezelf nog een verhaaltje schrijven. En ik ga mijn best doen, maar ik ben er met mijn gedachten niet echt bij hoor. Want gisteren hebben we Manon en Bram weggebracht naar het vliegveld. Ze zijn begonnen aan hun 2e wereldreis. Deze begint in Dubai, daar blijven ze een week en dan vliegen naar Perth in Australië. Daar gaan ze op zoek naar werk en een plekje om te wonen. De bedoeling is om daar ongeveer een half jaar te blijven en dan nog een half jaartje door Australië reizen. Hoe het naderhand gaat, weet niemand… Ze willen dan nog verder reizen, maar waar naartoe en voor hoelang? Alle opties zijn nog open. Ze zien wel wat er op hun pad komt. Ik vind het geweldig voor hun, dat zij hun dromen waarmaken. Maar wat vind ik het tegelijkertijd ook verschrikkelijk moeilijk om mijn enige dochter zo lang te moeten gaan missen… Ze hebben de afgelopen anderhalf jaar samen bij ons gewoond en dat was druk, maar vooral ontzettend gezellig. En dat is nu weer voorbij. Nu zijn we weer met zijn drieën. Maar ik denk en hoop dat ik Manon en Bram nog heel vaak zal spreken hoor. Skypen gaat vaak niet, maar we appen er op los. Ze blijven we toch nog een beetje met elkaar verbonden.

Nou ik zal toch proberen om iets van een verhaaltje te schrijven en ga verder waar ik gebleven was en dat was bij de zomervakantie. We hebben ontzettend hard gewerkt maar zijn ook een paar daagjes vrij geweest. Zo waren we zondag 20 augustus vrij. We zijn eerst naar de markt in Fonyód geweest. Het was wel leuk en ik heb er ook nog wat schatten gescoord. 


Daarna een lekkere lángos eten in de hete zon en genieten van de Hongaren die het ook warm hebben en dan hun shirt omhoog rollen tot boven hun bolle buik. Waarom doen ze dat toch?...
Hierna gingen we naar het Szüreti fesztivál in Balatonboglár. Dat is een meerdaags supergezellig festival met veel drank, eten, dans en cultuur.


Logisch toch, op een wijnfestival?





En het was zo’n lekker weer die dag dat we een toeristische route langs het meer, naar huis hebben genomen.




Na zo’n dagje vrij is het dan weer heerlijk om de volgende dag met frisse moed te gaan klussen.
De ingang van de wijnkelder is nu helemaal opgeknapt; er is een nieuwe betonnen vloer gestort, een trapje gemaakt en de muren zijn gestuukt. 

Het is een mooie opslagruimte geworden, maar het werd het ook tijd voor een nieuwe deur. Maar ik vond die oude gele zo mooi. Maarja de onderste 30 cm waren zo rot als wat, dus opknappen ging echt niet meer. We hadden nog een houten schuttingdeel liggen en tezamen met de oude originele gehengen, heeft Mario een keimooie nieuwe oude deur van gemaakt. Die kan hopelijk weer een aantal jaartjes mee.



De stukadoors zijn ook in het kleine huisje (gastenverblijf) begonnen. Maar omdat wij zelf die muren gemetseld hadden was het voor hun een hels karwei om het een beetje glad af te stuken. Nou hoeft dat voor ons ook niet, maar krijg dat maar eens uitgelegd aan een Hongaar. Als ik zeg dat ik het mooi vind als een muur een beetje bobbelig en scheef is, kijken ze mij aan of ik een of andere halve zool ben. Het liefste zetten ze gipsplaten voor de oude muren want dan kunnen ze het mooi glad en strak maken, haha. Ze hebben nu 2 muren klaar en als het goed is gaan ze in november verder.

Bij het 2e huis zijn nu ook de buitenmuren gerepareerd. En dat was mooi om te zien, apart ook. Om de meter werd er een stuk lemen muur weggekapt. 


En daar werden dan nieuwe stenen opgemetseld. Daaroverheen ging dakleer, dat werd dan naar boven gevouwen en dan weer een paar lagen stenen. De volgende dag werden zo de andere meters aangepakt. Een nok die op instorten stond, omdat hij gemaakt was van zandstenen, is vervangen door een stevige gemetselde muur. En toen hebben ze nog blauw gaas, ook wel háló genaamd, over de gehele muur bevestigd. 

Dit dient er voor dat het stuukwerk goed hecht op de leem. Maar omdat ze niet genoeg tijd hadden, gaan ze het een andere keer afmaken. Als het goed is kunnen we over 2 weken naar Torvaj en hopelijk hebben ze dan wel tijd om het voor de winter af te werken.

Op de valreep hadden we nog een extra vrije dag opgenomen en zo gingen we met John en Martine een dagje naar de overkant van het meer. Lekker met de pont over het mooie Balaton.
We rijden via Tihány naar Balatonfüred. Daar is een bron waar we als eerste stoppen. Wij waren er jaren geleden voor de laatste keer en ik weet nog dat er toen vele mensen hun flessen kwamen vullen met het speciale water. En als we net uit de auto zijn gestapt, zie ik dat er al die jaren niks veranderd is. De ene na de andere komt met een tas met lege flessen en ze gaan allemaal vol in de tas mee naar huis. 

Ook wij vullen ieder een paar kleine flesjes met het water. Een Hongaar zegt tegen ons dat we het water moeten mengen met wijn, dat is lekker en gezond. Maar het water is zo ontzettend vies en we hebben het thuis bij de plantjes gegoten. We laten Martine en John ‘onze’ camping zien, waar we jarenlang gekampeerd hebben. Veel is er niet veranderd, op een paar kleine aanpassingen na. Het voelt nog steeds heel vertrouwd aan, maar ik ben zo blij dat ik niet meer op een camping hoef te staan… We zijn nu de ruimte gewend en dan is een plekje van 100 vierkante meter echt veel te klein om te kunnen ontspannen. Vinden wij dan.

We gaan ook nog even kijken bij de huisjes aan de overkant van de camping. Het is jammer, maar het is, op een nachtclub en één eettentje na, helemaal vervallen. Terwijl het toch zo mooi is aangelegd. Het ziet er al zeker 20 jaar ongeveer hetzelfde uit. Heel eventjes, ongeveer 10 jaar geleden, was het een gezellig centrum van winkeltjes, restaurantjes en kroegjes. Maar schijnbaar is het toch heel lastig om er een winstgevend bedrijf van t maken. 




Erg jammer! Martine en ik dromen even hardop weg, wat zouden wij er toch iets leuks van kunnen maken, haha. Dat hebben er al meer gedacht en het is niemand gelukt.
We gaan nog lekker wat lunchen bij de boulevard en maken daarna een wandelingetje bij de prachtige haven.



Dan gaan we het binnenland in en laten hun nog meer plekjes zien, waar wij regelmatig kwamen in onze campingjaren. Als eerste gaan we naar Tótvázsony. Daar gingen we vaak eten bij de kleine haan, maar die is er niet meer. De ijssalon zit er nog wel. Dus dat gaat onze stop worden, want een ijsje gaat er natuurlijk altijd in. Op het terrasje kunnen we genieten van het ooievaars gezin wat hoog op het nest zit. Iedere zomer zitten ze hier.


We rijden verder richting Vázsoly. Dit dorpje hebben we per toeval ontdekt en sindsdien in ons hart gesloten. Het is een heel sfeervol, vredig dorpje. 


In het dorpje is de Szent Jakab fontein, dit is een niet zo grote bron. 


Hiernaast ligt een vijver en onder deze vijver liggen nog meer bronnen en die zorgen voor een constant stromend bronwater in de vijver. Men zegt dat dit een geneeskrachtige bron is en als je wratten hebt moet je die behandelen met het water en ze verdwijnen als sneeuw voor de zon. Ook zou het water heilzaam zijn bij gynaecologische problemen. Ik weet natuurlijk niet of dit ook echt waar is, feit is wel dat het water nog nooit bevroren is geweest! Je kunt mooi om de vijver heen wandelen en er staan een paar rijen bankjes opgesteld.


Dan is het tijd om weer verder te gaan en we rijden naar Nagyvázsony. Daar is Kinizsi Vár, een oude burcht uit de 15e eeuw. 


We lopen buiten even rond en besluiten dan om niet naar binnen te gaan omdat het al aan de late kant is. Want we willen heel graag naar de Sztúpa in Zalaszánto gaan kijken. Dit gaat voor ons de eerste keer worden. Het is een leuke rit met het laatste stukje over een hobbelweggetje door de bossen. En dan staat ie daar. 


De grote witte Sztúpa, 30 meter hoog en 24 meter breed. Het is één van de grootste in Europa. Ik vind het een machtig gezicht. Dit verwacht je hier niet… Maar we gaan eerst binnen in een ander zaaltje waar een leraar zijn leerlingen toespreekt. We zijn muisstil en genieten van het mooie interieur. Ik koop wat kaarten en we gaan weer naar buiten. 


We gaan met zijn vieren de stupa beklimmen. Bovenin zit Boeddha op ons te wachten. 



We begroeten hem/haar even en gaan weer naar beneden. Ik vind het zo iets aparts om te zien. 


In de bomen hangen de gebedsvlaggetjes en onder de bomen liggen stenen opgestapeld. Maar ook hier zijn souvenirkraampjes en natuurlijk moeten we daar even iets kopen. Als we een mooie windgong hebben uitgekozen, kunnen we terug naar de auto. We sluiten af met een lekker etentje en we zijn het er alle vier over eens; dit was een Top-dag!

En dan zit onze zomervakantie er eigenlijk al weer op. We waren 5 weken in Torvaj en het hadden er gerust nog 5 meer mogen zijn. Ik zeg eigenlijk, want als we zien dat het oogstfeest in Tab op zaterdag 3 september is, besluiten we om nog 1 dagje langer te blijven om dit fenomeen te bekijken.
Het begint om 13:00 uur met een optocht van tractoren van wijnboeren uit de omgeving. Ook lopen er wat dansgroepen en muzikanten mee.





Er wordt wijn en pogácsa uitgedeeld. Het is leuk om een keer mee te maken, maar om daar nou een dag langer voor te blijven… och je kunt maar een excuus hebben om langer te blijven, haha. ’s Avonds gaan we nog even terug naar Tab, want er komt vuurwerk met water, staat op de poster. Als wij aankomen is de muziek nog in volle gang. Er staan verschillende eet- en dranktenten en de meeste Hongaren zijn zo te zien al de hele dag aan het feesten. We lopen wat rond om te sfeer te proeven en om te wachten op het spektakel wat komen gaat. En dan om 9 uur begint het! We weten een mooi plaatsje vooraan te bemachtigen en we zijn vol verwachting. En het is maar goed dat we vooraan stonden, want anders had ik er niks van kunnen zien. Het was een waterballet met af en toe een vuurpijl. Het was wel leuk hoor, daar niet van. Ik heb in ieder geval een paar leuke foto’s kunnen maken.


En toen moesten we echt weer richting Nederland en was onze vakantie echt over en uit.

Groetjes, Marti