dinsdag 12 juli 2011

Juli 2011

Eindelijk na een afwezigheid van 9 lange maanden, zouden we weer naar ons huisje op de heuvel vertrekken. Eigenlijk al vrijdagnacht, maar zoals gewoonlijk bij ons, waren wij toen nog lang niet klaar om te vertrekken. De auto moest nog ingepakt worden en de aanhanger moest nog worden volgestouwd met tientallen bananendozen. Bijna allemaal spulletjes voor de Hongaren bij ons in het dorp. Maar op zaterdagmorgen om half 12 waren we toch eindelijk klaar voor vertrek. Menno ging lekker met ons mee, hij ging mee om te klussen en zodoende nog wat geld te verdienen voor zijn vakantie met zijn vrienden, later in juli. We waren helemaal ingesteld op het feit dat we wel eens in lange files terecht konden komen. Maar och we hadden leesvoer bij, 3 laptops, een berg goeie muziek en niet te vergeten een hoop eten en drinken. Dus wat kon ons nog gebeuren. We hadden ons voorgenomen om iedere keer als we stopten, naar de wc te gaan, zodat we wat dat betreft ook niet voor verrassingen kwamen te staan. Afijn de eerste paar honderd kilometers gingen lekker. Menno en ik hadden er al een paar dutjes op zitten, de koffiepot was al half leeg en de eerste broodjes waren ook al genuttigd. Tot we op een gegeven moment iets los hoorden  springen keken Mario en ik elkaar  vragend aan; hoorde jij dat ook? Ja en nu hoorden we dat datgene wat los was gegaan, ergens tegenaan sloeg. Angstvallig keken we in de buitenspiegels naar de banden van de aanhanger. Maar nee, die waren het deze keer niet. En echt heel toevallig,waren we bij een afrit, dus Mario reed ook meteen die afrit op.  Jeetje nu begon het ook nog te stinken, niet normaal. Voorzichtig zocht Mario een plekje om de auto te parkeren. ‘Ik denk  dat we een kapotte band hebben, want hij stuurt zo lastig. Dus hij rijdt de auto een parkeerplaats op, en je zult het niet geloven, maar het was de parkeerplaats van een garage. Ik dacht nog; dat is slim van die Duitsers, die hebben gewoon meteen aan elke afrit een garage. Makkelijk voor mensen zoals wij. Wij vlug uit de auto om te kijken wat er aan de hand was. Ik met mijn nul verstand van auto’s, schop een keer tegen aan autoband. Verdorie dat deed nog zeer ook. Hij was gewoon keihard. Deze is het niet, zei ik tegen Mario. Deze ook niet, en de 2 achterste zijn ook nog hard. Huh, wat was het dan? Tot we opeens een straal olie onder de auto uit zien lopen. Mario doet de motorkap open, en ik kijk verbaasd dat hij weet hoe dat moet! Hij kijkt onder de motorkap, maar ik weet dat hij er toch niks van kent. Hier, zegt ie, dit is kapot, deze band. Oeps,  ja en nog niet zo’n beetje ook. Heel de motor zit onder de olie. Ik  zeg tegen Mario dat ik wel even bij  de garage om hulp ga vragen. Nog in de veronderstelling dat in Duitsland bij iedere afrit een garage zit, loop ik vrij laconiek de garage binnen. Daar zitten 2 mannen van een ijsje te genieten, en ik in mijn steenkolenduits, kunne si emir hilfen, wier haben panne. Ze kijken verbaasd op van hun ijsje. En zeggen in hun vloeiendduits dat ze helaas geen werkplaats hebben, ze verkopen alleen auto’s. Ja wat is dat nou voor onzin, denk ik , een garage zonder werkplaats. Waarom zetten ze die nou bij een afrit neer, daar heb ik toch niks aan? Wat nu? De oudste van de 2 kijkt mij aan en zegt dat hij er zo aankomt, hij wil wel kijken of hij ons toch kan helpen. Kijk da’s nou lief. Ikke blij naar Mario en zeg dat we zo geholpen worden. Tegenover de plek waar we staan is een McDonald’s. Ik krijg al meteen zin in een McFlurry. Het is tenslotte vakantie. Maar ik besluit toch maar even te wachten tot die man zijn ijsje op heeft. En als alles achter de rug is, steken we wel even over voor een ijsje. De lieve man komt 5 minuten later al aangelopen. Hij werpt een blik onder de motorkap. Ik ga weer in de auto zitten, ik heb mijn plicht gedaan. Na 5 minuten kan ik mijn zin in een ijsje niet meer bedwingen en steek de straat over om een lekkere Magnum McFlurry te gaan kopen. Ik neem er voor Mario ook maar eentje mee, Menno wil niet. Er komt nog een man aan en kijkt ook onder de motorkap. Ze beginnen Turks tegen elkaar te praten. Ook dat nog lieve Turkse Duitsers. Ik wist wel dat ze bestonden! En komt nog een derde man bij en ook hij duikt onder de motorkap, en Mario staat er ook nog bij. Gezellig met zijn 4en onder de motorkap. Maar als de koppies één voor eén er weer onderuit komen hebben ze geen goed nieuws. De distributieriem is gescheurd en de losse flarden hebben een leiding kapot geslagen. Door die leiding liep de olie voor de stuurbekrachtiging. Geen wonder dat hij zo zwaar stuurde. Maar wat nu te doen? De lieve man heeft geen onderdelen, maar hij kent wel iemand die misschien wel onderdelen heeft.  Dus hij aan het bellen, maar helaas pindakaas, niemand heeft de bewuste onderdelen. Tenminste niet op zaterdagmiddag om 4 uur. Hij wil ons wel naar de Renault garage brengen, maar ja die is al dicht. Laten we dat maar niet doen, daar schieten we niet zoveel mee op. Ondertussen  heeft Mario al gebeld met de ANWB, om uit te leggen wat er aan de hand is. Die nemen vervolgens weer contact op met de Adac. De lieve man is nog steeds mannetjes en vriendjes aan het bellen om te vragen of zij misschien een nieuwe distributieriem hebben.  Heel misschien heeft hij er eentje gevonden. Maar het onderdeel waar de distributieriem omheen loopt is ook kapot, er is een stuk uitgeslagen. Wij denken dat een nieuwe distributieriem  dan ook snel weer kapot zal zijn. Maar de lieve man denkt dat dat wel mee zal vallen. En de andere 2 mannen beamen dat. Wij twijfelen. Dan komt daar opeens een grote sleepwagen van de Adac aangereden. Hij rijdt de parkeerplaats van de McDonald’s op en Mario zegt tegen mij: ren er eens naartoe, want hij ziet niet dat wij hier staan. Ikke verbaasd: is die voor ons?? Ja da denk ik wel, zegt Mario. Dus ik als een halve gare die straat en parkeerplaats over gerend  en begin te zwaaien tegen de meneer van de Adac. Hij doet zijn raampje open en kijkt mij een beetje lachend aan, en ik weer in mijn steenkolenduits: komme sie voor ein Renault  Espace? Hij knikt en ik weer: wie sind daar -> Ach ja, zegt de meneer van de Adac en keurt mij geen blik meer waardig en stuurt de grote wagen behendig naar de plek waar Mario en de 3 mannen in druk overleg zijn. De meneer van de Adac kijkt ook onder de motorkap en begint ons uit te leggen wat er kapot is. ja hij heeft hetzelfde geconstateerd als de lieve man. Maar hij vind het niet verstandig om er een nieuwe distributieriem op te leggen, omdat hij denkt dat die meteen weer kapot gaat. Precies wat wij ook dachten. Ja wat doen we nu? Ik vind het zo sneu voor de lieve man, hij heeft al zoveel moeite gedaan, maar van de andere kant, het is intussen half 6 en we zijn geen streep verder. dus wij kiezen toch maar voor de optie van de meneer van de Adac. Maar dat betekent wel dat we voorlopig niet verder kunnen rijden. Want hij gaat ons naar een grotere Renault garage slepen in Montabaur.  Maar ja het is nu zaterdagmiddag en de garage gaat pas op maandagmorgen weer open.  Potverdorie! Wat moeten we toch doen intussen? Montabaur, heb je ooit van iemand gehoord dat  ie op vakantie gaat naar Montabaur? Waar ligt het in hemelsnaam? Ik zou het niet weten, ik weet alleen dat we 400 km van ons Nederlandse huis en 1000 km van ons Hongaarse huis verwijderd zijn! Maar we hebben echt geen keus, dus we kijken toe hoe onze fijne auto de sleepwagen op word gereden. Hij kan dus toch nog rijden! Ja maar geen 1000 km, zegt de meneer van de Adac. Vervolgens nemen wij plaats in de gele Adactruck.  De afschuwelijk volgeladen aanhanger word aan zijn trekhaak gehangen en de rit kan beginnen. Nou dat stelt  niet veel voor, we zijn er zo. En inderdaad, de garage is dicht. Zo dicht als een garage maar kan zijn op een zaterdagavond. Dus wij de hoognodige spullen (laptops, camera’s, ieder 2 onderbroeken en tandenborstels) uit de auto gepakt, en de auto en aanhanger geparkeerd. De meneer van de Adac geeft ons nog een lift naar het centrum en wijst ons het, volgens hem, beste restaurant en fijnste hotel. Wij geven hem nog een hand en dan sta je daar. Op een bijna leeg plein in Montabaur.  Nou we gaan maar lopen, naar het hotel. Maar het hotel is vol, ja dat kan er ook nog wel bij, we gaan wel op een bankje slapen vannacht. Maar de juffrouw van het hotel belt naar een ander hotel even verderop, en warempel die heeft nog 3 bedden vrij! Wij blij dat we de nacht niet tussen de zwervers door hoeven te brengen. Dus op naar het volgende hotel. Oeps er staan 4 sterren in de deurmat geborduurd. Ik zie Mario twijfelen. Maar ik zet door, en we lopen over de marmeren trap naar boven. Daar ziet het er al even chic uit. Dan komt de dame des huizes aangesloft. Ooit was het een deftige mevrouw, maar nu is het een klein ietwat krommend vrouwtje met te zwart en te hoog getoupeerd haar. Ze kijkt ons niet aan, maar vraagt wat we willen. Ik wil godverdomme naar Hongarije, dat is wat ik wil! Maar gelukkig  kan ik die woorden nog op tijd inslikken en tover een glimlach tevoorschijn. Habe sie nog plats, vraagt Mario? Nu kijkt ze op en ze snapt er niks van. Plats? We zijn toch niet op de camping zie ik haar denken.  Wier wilte slafen, zegt Mario.  Ooo ja dat snapt ze wel. Ze heeft nog 2 aparte kamers, eentje voor 2 personen en eentje voor 1. Dat komt mooi uit. Wij hebben een slaapplek voor vannacht. Ze wijst ons de kamers en ons Duitse weekendje weg kan beginnen. 

Ja wat kan ik er verder van vertellen, de bedden zijn goed, we hebben gratis gebruik van internet, een fijne douche en een overdadig ontbijt. Zaterdag en zondag hebben we gevuld met lamballen; computeren, slapen, ijsje gaan eten, weer slapen, uit gaan eten, slapen, naar het Slot gelopen, wat heel mooi is, maar waar je niet naar binnen mag.

En eindelijk is het dan maandagmorgen, de dag waarop onze auto gemaakt word  en wij weer verder kunnen met onze reis! We hebben de wekker op 7 uur gezet, het ontbijt afgemeld, want we willen de eerste zijn vandaag bij de garage. Dus hoopvol sjouwen wij met onze spullen richting Renault Montabaur. Aardige mensen, daar niet van, maar we moeten wachten, wachten en nog eens wachten. Dan komt er een monteur die zijn kundige hoofd onder onze motorkap steekt. Ach so, kaput. Och meneer wat een goeie diagnose, daar waren we zelf nog niet opgekomen! Hebben we hiervoor nou een weekend in een suf hotel doorgebracht? Maar na nog wat duwen en prikken komt de monteur tot de conclusie dat de distributieriem kapot is, het ding waar het omheen rolt en een motortje wat in verbinding staat met het reservoir voor de olie voor de stuurbekrachtiging. Hoe dat allemaal heet weet ik niet, want ik spreek geen Duits. Wie fiel koste das?, vraagt Mario. Ungefer 900 euro. Oeps, ik zie dat Mario van kleur verschiet. Nou is hij ook behoorlijk verkouden, dus misschien komt het daar wel door….De monteur gaat weer naar binnen en wij wachten weer. Menno ligt heerlijk te slapen in de auto en ik krijg zowaar ook een dutje. Mario zit zichzelf ondertussen op te vreten en loopt nog maar een naar binnen. Hij belt nogmaals met de ANWB en legt de situatie nogmaals uit. Dat de auto vandaag niet gemaakt kan worden en dat we vanaf nu recht hebben op vervangend vervoer. Ja die voelen natuurlijk al nattigheid, en zeggen dat ze het wel begrijpen maar dat er niks fijner is dan met je eigen auto op vakantie. Mario spreekt af dat we nog even afwachten of de auto vandaag gemaakt kan worden. Ja ik weet ook wel dat ik het liefste met mijn eigen auto op vakantie ga, maar die doet het niet!!! Afijn uiteindelijk krijgen we te horen dat de onderdelen niet op voorraad zijn en besteld moeten worden. #@%$(*&^ Hier waren we dus al bang voor. Wat doen we nu? Ik begin spontaan te huilen en zeg dat ik niet nog een dag langer hier in gat wil blijven. Nee dat willen Mario en Menno ook niet, maar we hebben geen keus. Weer naar de ANWB gebeld en die zeggen nu dat ze voor vandaag geen auto meer kunnen regelen. Ja heeeeeel misschien, maar ze denken van niet, het is al te laat in de middag. Vertel mij wat! We gaan nogmaals met de monteur praten en die garandeert en belooft ons dat de auto morgen echt klaar is! Nouja dan zit er niks anders op dan morgen maar weer terug te komen, zodat we eindelijk verder kunnen met onze reis. Dus we graaien weer wat schone kleren bij elkaar en beginnen maar weer te lopen. We gaan nu een ander hotel zoeken, lijkt het toch of we weer ergens anders zijn. We bellen aan en er komt een mevrouw aangelopen. Habe sie nog plats, vraagt Mario weer. Maar mijn lontje is aanzienlijk korter geworden en ik roep er doorheen: Habe sie nog ein zimmer frei? Al die jaren dat wij in Hongarije kwamen, heb ik overal die bordjes zien hangen, en daar heb ik nu toch maar mooi profijt van! En gelukkig heeft ze nog ein zimmer frei für 3 personen nog wel! Wat zijn wij toch een bofferds. Internet is er gelukkig ook, 1 uur voor 1 euro. Doe maar meteen 2 uur erbij, dat zal ons de kop niet meer kosten. Nadat we onszelf geïnstalleerd hebben op de kamer, gaan we maar weer verder met lamballen. Internetten, slapen, tv kijken, uit eten en weer slapen. 

De onderdelen zullen morgen rond 12 uur binnen zijn en dan gaat het nog zo’n 3 á 4 uur duren voordat het gemaakt is. Dus wij hebben besloten om uit te slapen tot 9 uur en gaan dan genieten van ons LAATSTE Duitse ontbijt. Als we weer terug zijn op de kamer, belt de ANWB. Hier de zaken ervoor staan? Mario vertelt dat we de garantie hebben gekregen dat de auto vandaag klaar is. Mocht dat niet zo zijn, zegt de dame van de ANWB, dan zorgt ze ervoor dat we vandaag een vervangende auto krijgen. Maar dat is hopelijk niet nodig. We mogen nog tot 12 uur op onze kamer blijven, dus na het ontbijt nog lekker allemaal douchen. Dan staan we weer buiten en twijfelen. De auto is pas vanmiddag klaar, dus zullen we ergens op een terrasje gaan zitten, of gaan we eerst maar even langs de garage. We kiezen voor de laatste optie, want het lijkt mij wel verstandig om even ons gezicht te laten zien. We beginnen te glunderen als we zien dat onze auto al op de brug staan en de kapotte onderdelen al verwijderd zijn. De man achter het bureau vertelt ons dat de onderdelen er zelfs al zijn! Nu zijn we helemaal blij, het lijkt wel alsof we opnieuw vakantie krijgen! Maar, zegt de man achter het bureau, het past niet. Het past niet, het past niet, wat is dat nou voor onzin, denk ik! We zijn hier toch bij een echt Renault garage, het logo hangt levensgroot langs de weg! Ja maar dat is het risico als je uit een boek besteld, vertelt de man achter het bureau. Daar heb ik schijt aan. Er was beloofd en verzekerd dat de auto vandaag klaar zou zijn. En dan maakt het mij niet uit hoe het besteld is, al bestel je het bij de Wehkamp. Maar ze zijn nog aan het bellen en misschien kan het op een of andere manier passend gemaakt worden. Dus wij gaan in de wachtruimte van de garage zitten te wachten. Ben ik effe blij dat we niet eerst op een terras zijn gaan zitten. Dan hadden we dit vanmiddag pas weer te horen gekregen. Maar pakt een kop koffie, ik een Duits autoblad en Menno zijn telefoon. Wachten maar. Na een half uur loop ik naar de meneer achter het bureau en vraag of hij al meer weet. Hij zegt tegen mij dat degene die er mee bezig is, even weg is, maar hij is over een kwartier weer terug. Dan wachten we nog maar even. Na een kwartier komt de jongeman ons vertellen dat het echt niet past en niet passend gemaakt kan worden. Dat valt tegen. Dan maar weer de ANWB bellen. Mario kent ondertussen het kenteken uit zijn hoofd. En dat is heel knap, want normaal gesproken weet hij na 3 jaar nog niet wat voor een kenteken de auto heeft. De mevrouw van de ANWB zegt dat we recht hebben op een vervangende auto. Zo dat is snel en positief nieuws. Ze gaat er nu meteen achteraan, en belt snel terug. Een uur later hebben we nog niks gehoord en Mario belt zelf naar weer eens terug. Weer zijn kenteken opgeven en wachten. Degene die ons dossier behandeld is er druk mee bezig, zegt ze. Nou ik ondertussen aardig te twijfelen hoor. Nu worden we echt heel snel terug gebeld. En al die tijd zitten we nog op die harde plastic stoeltjes in de garage. Mario krijgt een telefoontje, en kijkt blij op, er zit schot in de zaak. Maar het is Nelleke. Wel leuk om even wat gezellige praat te krijgen. Nelleke vertelt dat ze al in Hongarije zijn en zitten te genieten aan de rand van hun fonkelnieuwe zwembad. Of mij morgenavond  bij hun komen barbecueën. Ja die denken dat wij al in Hongarije zijn. Mario vertelt hun dat we eerst nog een weekendje Duitsland hebben gedaan, maar dat we graag komen barbecueën. Ze leven met ons mee en speciaal voor ons word de barbecue verzet naar vrijdagavond. Wat een schat zeg!  Ik krijg honger van en besluit een op zoek te gaan naar eten in de auto. Ik vind nog wat zoete broodjes en een flesje drinken en loopt terug naar Menno en Mario. Ik zie dat Mario heel gefrustreerd begint te raken. En weer een uur later hebben we nog niks gehoord. Mario is nu kwaad, en belt weer naar de ANWB. Hij krijgt zowaar degene aan de lijn die ons dossier behandelt. En nu hoeft hij zijn kenteken niet op te geven! Kijk dat begint er op te lijken. Maar nu moet hij wel alle gegevens doorgeven! Hoe zwaar de aanhanger is, of ik dat misschien weet? Haha wat denk je zelf. Ik vind 100 kilo al keizwaar. En of die aanhanger nu 100 of 10.000 kilo weegt, hij is wel heel zwaar. Maar ik snap het niet, want ik ga echt niet met een Golfje ofzo op vakantie. Ik wil een grote auto en die kan volgens mij dan automatisch een aanhanger trekken. We hebben deze auto potverdorie speciaal voor de vakantie aangeschaft…. Gewoon omdat we dat een heeeerlijke auto vinden en er al 2 gehad hebben. Kan lekker veel in en is heel comfortabel. Dat ie nu kapot is, is voor ons Renault hart dan ook geen reden om van gedachten te veranderen.  De mevrouw van de ANWB zegt dat ze nu gaat proberen of ze een auto voor ons heeft. Huh? Wij waren in de veronderstelling dat ze daar al meer als een uur mee bezig waren, niet dus. Vrijwel meteen heeft ze een auto voor ons gevonden, een Opel nogwat. Slik. Grote auto met trekhaak. Ik roep: heeft ie airco? Dat kan ze niet zien, zegt ze. Maar we hebben een auto, maar hij staat 130 km verderop. En we moeten hem zelf gaan halen. Mario vraagt vriendelijk aan de mevrouw van de ANWB hoe ze denk dat wij dat moeten gaan doen? Ja met de trein natuurlijk, luid het antwoord. Nu word ik gek en mijn lontje is op. Ik vraag of ik de telefoon even mag hebben, want ik wil die mevrouw van de ANWB even zelf spreken.  Ik vraag haar of ze wel snapt hoe de situatie hier is. Dat wij al vanaf zaterdagmiddag aan het wachten zijn. Het is nu dinsdagmiddag, dus 3 volle dagen verder. Dat wij de auto zelf niet kunnen gaan ophalen, omdat we geen vervoer hebben. Mens, daarom zitten we hier vast in dit gat! Ik eis dat die auto hier naartoe gebracht word. Dat kan niet, zegt ze, het is 130 km ver, die komen ze echt niet naar U brengen. Ja dat weet ik, zeg ik, het is 130 km richting Hongarije. De richting die wij al sinds zaterdag op willen! Maar het mens is onvermurwbaar, en wil geen kanten op. Ik moet blij zijn dat ze überhaupt een auto voor ons heeft!  O o o  wat ben ik blij! Ik geef de telefoon terug aan Mario want ik weet het nu ook niet meer. Dus loop ik nog maar een keer naar de man achter het bureau. Ik leg hem de situatie nogmaals uit en de lieve man zegt dat we 2 mogelijkheden hebben; of met de trein of een auto huren. Auto huren om een huurauto op te halen, het moet toch niet gekker worden! Maarja de trein zie ik echt niet zitten, dan zijn we lang onderweg. Dan komt Mario er aan en zegt dat die toeta van de ANWB nog een auto voor ons heeft. En die is (maar) 85 km verderop. Jippie lekker dichtbij zeg. Maar het probleem blijft hetzelfde, we moeten hem zelf gaan ophalen. De man achter het bureau gaat voor ons aan het bellen voor een huurauto. Hij heeft meteen prijs en wij ook. Het gaat 94 euro kosten om die te huren. We besluiten om het toch te doen. Mario en Menno gaan samen op pad, en ik besluit om in de garage te wachten. Want de garage gaat om 18 uur dicht. En als we dan niet terug zijn, kunnen we de spullen niet uit de auto halen en moeten nog een nacht hier blijven! Van mijn levensdagen niet! Dus ik ben hier nu maar mijn blog aan het schrijven. Heb ik toch nog iets nuttigs gedaan vandaag. En nu krijg ik zojuist een smsje van Menno dat ze bij de garage zijn, maar dat de ANWB het contract nog niet had opgestuurd. Dus Mario heeft weer naar de ANWB gebeld en ze sturen het nu op. dus als alles meezit, zijn ze over een uur terug met een andere auto en kunnen wij eindelijk verder rijden, op naar Hongarije!!!

donderdag 30 juni 2011

Nog een paar dagen geduld hebben

Ik ben van slag. Ja echt, ik begin rare dingen te doen… Ik had gisteren in de kringloopwinkel een set mooie kristallen glazen gekocht. Van die bewerkte ouderwetse glazen. Toen ik nog een jong meisje was, vond ik ze afschuwelijk. Maar met het stijgen der jaren, is mijn smaak toch wel veranderd. Ik vind ze nu echt geweldig mooi. Zo vond ik in mijn tienerjaren het Boerenbont servies echt oubollig. Maar sinds een aantal jaren staat dit servies wel bij mij in de kamerkast te pronken. En zonder dat ik mezelf er voor schaam, haha dat is misschien nog wel het ergste! Maar op 1 gebied doe ik geen concessies, en dat is op het muzikale gebied. Ik ben opgegroeid tussen 5 broers en die hielden van stevige muziek. Ik zat als meisje van 9 jaar naar een LP van Nazareth te luisteren en kon alle teksten meezingen. We hadden toendertijd een gezinsverzorgster in huis, en die vond het herrie. Dus die wilde die plaat de nek omdraaien! Dat heb ik toen zowat bij haar gedaan! Gevolg, ik bleef op mijn knieën voor de platenspeler zitten en de plaat bleef opstaan. Ik houd dus van stevige muziek, toen al, nu nog steeds en dat zal ook nooit veranderen! Stel je toch eens voor dat ik nu met mijn Boerenbont kopje naar Frans Bauer zit te luisteren, haha. Ik denk dat Mario en Menno hem meteen de nek omdraaien. Maar ik dwaal af, want het ging over de kristallen glazen. Die overigens heel goed samen gaan met Blackfield…. En die kristallen glazen die mogen dus niet in de vaatwasser, waarom dat weet ik eigenlijk niet, maar het mag niet! Dus ik een sopje gemaakt en een lekker muziekje opgezet. Ondertussen lekker wegdromen en denken aan wat ik nog allemaal moet doen voordat we naar Hongarije op vakantie gaan. Kom ik er na een tijdje achter dat ik ook borden, schalen en messen aan het afwassen ben! Iedereen die mij kent weet dat ik een bloedhekel aan afwassen heb…. Het moet toch niet gekker worden met mij. Ik schrok ervan en heb meteen de stop eruit getrokken en het sop weg laten lopen. En nu staan die mooie kristallen glazen hier te glimmen, maar waar zal  ik ze nu eens neerzetten? Ze moeten wel in het zicht staan vind ik. Maar mijn mooie kast in de kamer, waar ook het Boerenbont servies in staat, die is vol. En eigenlijk horen ze daar in. Nou wil het geval dat er kopjes en schotels in staan die ik vorig jaar voor een prikje gekocht heb. Lichtblauw, van de Hema. Maar ze staan er nog hetzelfde als vorig jaar, zijn dus nog nooit gebruikt. 16 kop en schotels en ook nog 14 bijpassende gebaksbordjes.



Ook splinternieuw. Dat is toch jammer zeg. Maarja wat moet ik ermee, ik heb tenslotte het Boerenbondservies. En dat word al zo weinig gebruikt…. Maar ineens weet ik het: ze gaan mee naar Hongarije. De kop en schotels en de gebaksbordjes. Heb ik daar tenminste ook echte gebaksbordjes. Niet dat ik ze daar vaak zal gebruiken, maar och dan zijn ze hier tenminste uit mijn kast. En dan kunnen de kristallen glazen erin. Maarja we hebben alweer zo veel wat mee gaat naar Hongarije.



Och 1 doos meer of minder, dat maakt toch niet uit? Benieuwd of Mario er ook zo over denkt…. Maar ik heb deze keer niet veel spullen voor mezelf die mee moeten, maar heel veel voor de inwoners van ons dorpje daar. Ik heb deze winter onze slaapkamer en het tuinhuis uitgemest. Nou daar is me toch een hoop zooi uitgekomen. Tig puzzels, kleding, speelgoed. Enz enz. ik heb het allemaal uitgezocht en schoongemaakt en dat gaat dus allemaal mee. Er gaat ook nog een gedeelte van de keuken mee. Een oven en een magnetron.




Dus we gaan weer met een volle auto en een volle aanhanger. Maar ik wil er geen oranje zeil meer over! En nu wil ik in Torvaj een soort van marktkraampje maken, onder aan de weg. En dan ga ik daar alle spullen verkopen. Nou zul je misschien denken, wat een pin, waarom geef je het niet gratis weg? Nou heb ik ook nog altijd zo gedaan, maar ik heb nu zoveel spullen. En ik weet niet wie wat kan gebruiken. En ik ga niet alle deuren langs om te vragen of ze misschien iets willen hebben. En als ik het op mijn kraampje leg en ik zet er grátisz bij, dan denk ik dat het binnen 2 sec. allemaal word meegenomen door één iemand… Daarom ga ik een klein bedrag vragen, ik zit te denken aan 100 of 200 forint, dan heeft iedereen de kans om iets te kopen. En de opbrengst die wil ik dan op de een of andere manier weer  terug geven aan de mensen daar. Maar hoe dat dan moet gaan, dat weet ik nog niet. Als er iemand nog goeie ideeën heeft, dan hoor ik het graag!
Nou het begint al af te tellen, voordat we weer afreizen met de volle auto en de overvolle aanhanger. Ik ben benieuwd hoe ver ze zijn met de weg van Tab naar Het Balatonmeer.


   
Misschien ligt er een prachtige rechte weg , zonder gaten en kuilen van soms wel 20 cm diep. Maar het is veel aannemelijker dat het niet zo is, dat de weg de eerste 2 jaar nog niet klaar is! Dan moet Mario met die volle auto en overvolle aanhanger om de kuilen heen slingeren, want stel je voor dat we in zo’n diepe kuil zakken… Zie je het al voor je, als mijn zorgvuldig ingepakte spulletjes die over de weg vliegen. Alles valt uit de dozen, mensen komen aangerend en pakken wat ze pakken kunnen. En wij blijven beduusd achter met een kapotte auto en een lege aanhanger… Maar eerlijk gezegd zie ik dat niet zo gauw gebeuren hoor. Mario is een goeie chauffeur en mijn vertrouwen in de Hongaar is zo groot dat ik geloof dat ze ons allemaal komen helpen. 


Wie zal het zeggen, nog even en we gaan het meemaken daar in ons geliefde Hongarije.
Ik wil jullie allemaal een heel fijne vakantie wensen, geniet ervan!

dinsdag 31 mei 2011

Niet aan Hongarije denken

Niet aan Hongarije denken, niet aan Hongarije denken, hoe vaak ik dat de laatste tijd niet gedacht of hardop gezegd heb… Ik heb een fijne tuin, lieve kippen en een fijn zwembad, en werk genoeg om dat te onderhouden. Iets wat ik met liefde en plezier doe. Maar hoe komt het dan toch dat ik met een brok in mijn keel de struiken aan het snoeien ben? Waarom voel ik me regelmatig gewoon down als ik mijn lieve kippetjes aan het voeren ben? Waarom erger ik mezelf aan de geluiden van andere mensen?  Ik weet het wel, het is te lang geleden! Het is te lang geleden dat ik in Hongarije ben geweest…. Oktober was het de laatste keer. En dat is te lang. Echt ik mis het zooooo! Ik mis mijn huisje, mijn tuin, ik mis de buurtjes, ons dorpje,de thermaalbaden, en het lekkere eten, ik mis Hongarije!


   

Normaal gesproken waren we er allang een keer geweest, maar Manon is nog in Curaçao. Al 4 maanden is ze weg. En die zijn we wezen opzoeken in april. Ooo wat was het fijn om mijn meisje weer terug te zien. We hebben een heerlijk vakantie gehad, echt heel leuk. In een appartement met een prachtig zwembad, iedere morgen stond het ontbijt voor ons klaar. We hoefden zelf niks te doen, alles werd voor ons gedaan. Een prachtige reis, zelfs het vliegen was meegevallen. Het was 24 jaar geleden dat wij voor het laatst gevlogen hadden. Het heeft me ervan overtuigd dat we ook wel eens met het vliegtuig naar Hongarije kunnen gaan. Ja zelfs daar op de Caraïben dacht ik vaak aan mijn plekje in Hongarije… Wij zagen zelfs overeenkomsten met Hongarije, het moet toch niet gekker worden.



   
Tis natuurlijk ook maar wat je wilt zien…  nee echt, de wegen waren net zo slecht, sommige huizen ook net zo slecht. De manier van autorijden, het gebrek aan keurige tuinen. Maarrrr het is geen Hongarije… 



   
Terwijl ik zit stukje aan het typen ben, ben ik aan het praten met een meisje uit Hongarije. Via Facebook. En het valt niet mee, maar het gaat… soms begrijpen we elkaar niet, maar wat maakt het uit! Ik heb contact met Hongarije, en dat is wat ik wil! Maakt niet uit op welke manier, als ik maar in contact blijf met mijn 2e vaderland. 


   

En we worden ook gemist daar, ja echt waar! Zaterdagmorgen belde Manfred, onze Duitse buurman, ons op. Ik was zeer verbaasd, en dacht dan ook meteen dat er iets mis was. Was het dak dan toch ingestort? Was er misschien iemand dood? Of brand misschien? Nee gelukkig niks van dat alles. Hij wilde weten wanneer wij weer naar daar komen. Margit had aan hem gevraagd of hij misschien wist wanneer wij weer kwamen. Ze snapte er niks van, het was al zo lang geleden. En ze had zoveel post voor ons. Normaal gesproken stuurt ze dat door naar hier, maar dat had ze niet meer gedaan, in de veronderstelling dat wij onderhand wel weer eens zouden komen.  



   

Zij kon natuurlijk niet weten dat wij in Curaçao waren geweest  en daardoor niet naar Hongarije waren geweest. Had ik ze toch een kaartje moeten sturen , misschien… Afijn alles was goed in Torvaj, zei Manfred. Ik vertelde hem dat we in juli weer komen. Nou goed dan zou Margit de post wel opsturen. Zo dat viel nog niet mee, Duits praten op de vroege zaterdagmorgen. Maar we waren meteen wakker en dachten weer aan Hongarije.


   
Wanneer denk ik er eigenlijk niet aan? Bijna altijd. Ik zeg ook altijd, als ik daar ben, denk ik niet aan hier. Maar als ik hier ben, denk ik bijna constant aan daar. Het is nu zo erg dat ik mezelf soms vermanend toespreek en zeg: Niet aan Hongarije denken. Je bent nu hier en niet daar! Want hier is het toch ook leuk? Hier ben ik ook gelukkig. Heel gelukkig zelfs. En toch wou ik dat ik daar was. Nog even geduld hebben.



 

    

donderdag 31 maart 2011

Social Media


Tegenwoordig hebben we bijna allemaal de beschikking over social media. De oudere generatie wat minder, maar in mijn omgeving heeft toch wel bijna iedereen Hyves, Facebook, Twitter of MySpace. Ik dus ook. Heb het zelfs alle vier. Ik ben begonnen in 2003 met MySpace. Er ging een wereld voor me open! Ik kon lekker naar muziek zoeken. Je kon ook mensen zoeken, maar dat was toen nog bijzaak, hoofdzakelijk zocht ik naar muziek en muzikanten. In 2005 zei mijn dochter: “Mam er is nu iets nieuws, dat vind jij ook wel leuk. Net zoiets als MySpace, maar dan in het Nederlands. En het is veel gemakkelijker in gebruik”. Want dat was/is toch wel een nadeel van MySpace, ik vind het een omslachtig gedoe… Dus ik ging toch eens kijken op dat Hyves. En ja, inderdaad dat was leuk. En veel gemakkelijker. Ik mezelf aangemeld en het snuffelen kon beginnen. Ik had mezelf al vaak afgevraagd, hoe zou het toch met mijn oude vriendinnen zijn? Wat zouden ze met hun leven gedaan hebben? Maar dat viel nog eens tegen, want van mijn leeftijd, waren er bijna geen mensen op Hyves… Allemaal jongeren… Dus in het begin gebruikte ik het niet zo heel veel en viel toch weer terug op MySpace. Want ik kon daar wel mensen vinden die dezelfde muzieksmaak hadden als ik. Maar krabbels plaatsen deed ik niet veel. Geen hond die er naar keek… Mijn kinderen vonden het wel een mop trouwens :”Ons mam zit ook op Hyves”. zeiden ze dan tegen hun vrienden, en gelachen dat er dan werd. Die vonden het dan ook wel weer een mop en wilden ‘vrienden’ met mij worden. Ik allang blij dat ik Überhaupt vrienden had…  totdat steeds meer mensen op Hyves kwamen en zowaar ook 40-plussers! Maar weinig bekenden, hoor. Gelukkig wel een oude vriendin van mij, dat vond ik nou eens leuk, ik was heel benieuwd om te zien wat er allemaal veranderd was aan haar. Niks, helemaal niks. Ze zag er nog hetzelfde uit, woonde nog in hetzelfde dorp..We zijn toch vrienden geworden en sindsdien staat ze in mijn lijst, maar daar blijft het dan ook bij. O maar ik heb ook wel eens gezocht naar een oud vriendje van mij. Voordat ik Mario leerde kennen was hij toch wel degene die het meeste indruk op mij had gemaakt. Maar ik heb hem niet kunnen vinden, gelukkig maar! Ik ben bang dat anders mijn hele herinnering aan diggelen gaat… Stel je voor dat hij ook gewoon ouder is geworden, dat hij weinig of geen haar meer heeft. Dat ie een bierbuik heeft.. Nee ik heb ook nooit meer naar hem gezocht en dat laat ik zo. Zo blijft hij gewoon dat jochie van 16 jaar met die mooie stoere geruite jas met bontkraag….
Wat ik wel een nadeel van Hyves vind is dat het niet internationaal is. Niet dat ik nou zo internationaal aangelegd ben, maar ik kijk toch graag over de grens. Dus heb ik zo’n 2 jaar geleden toch ook maar een profiel aangemaakt op Facebook. En dat is dan weer heel anders. Op de eerste plaats om te gamen. Dat is toch echt wel heel vet om te doen! Het kost alleen zo veel tijd, maar das een ander probleem…Maar  nu heb ik ‘vrienden’ over de hele wereld! Mijn broertje woont in Zweden, en hij en zijn vrouw hebben natuurlijk ook Facebook. En eerst mailden we natuurlijk ook wel, maar het is nu toch wel makkelijker om kleine nieuwtjes te delen. Dus dat is wel heel leuk… Maar weet je wat nog meer heel leuk is? Ik heb nu ook Hongaarse vrienden! Een tijdje geleden kreeg ik een uitnodiging om vrienden te worden met Zsuzsa, de schoondochter van de tuinman. Wouw dat was nou eens leuk, een vriendin uit Hongarije. Dolgelukkig aanvaardde ik de vriendschap. Een paar dagen later vroeg ook Gábor, de zoon van de tuinman om vrienden te worden. Ja natuurlijk zei ik ja! Nu zou het goed komen, nu zou mijn netwerk zich echt gaan uitbreiden, tot diep in het binnenland van Hongarije. Helaas hier is het bij gebleven… Ik heb echt mijn best wel gedaan, maar het lukt met gewoon niet… Allereerst is het heel onduidelijk, want in Hongarije is het gebruikelijk dat je eerst je achternaam schrijft en dan je voornaam. Maar dat doen ze dus op Facebook niet allemaal, waardoor het heel moeilijk zoeken is..Verder hebben de meeste Hongaren van mijn leeftijd niet eens een computer, laat staan dat ze Facebook hebben en vrienden willen worden met iemand uit Nederland… We hebben bij ons in het dorp wel Duitse buren die een computer hebben. Maar de vrouw des huizes belt 1 keer per maand in, om de mail door te lezen, en waar nodig is te beantwoorden. That’s it!  We zijn in het donker wel eens met onze laptop open door de straat gelopen, in de hoop ergens een internetverbinding uit de lucht te plukken. Totdat de honden aansloegen en de kroegbaas nieuwsgierig kwam kijken. Snel deden we de laptop dicht en dropen af… Nee dat is echt wel jammer dat Social Media in ons dorpje nog niet echt toegankelijk is. Als ik in Hongarije een blogje geschreven heb, gaan we naar de Mac in Siófok, en dan kan ik het daar publiceren. We zitten daar dan vlot een paar uur te internetten. Kopje koffie, ijsje erbij, geen probleem. Maar het zou toch wel erg fijn zijn, als we in de toekomst bij het huis ook gewoon internet hebben. Hier thuis staat gewoon de hele dag wel een computer aan. Openingstijden van winkels, recepten, nieuwe cd’s , bouwtekeningen, YouTube filmpjes, Marktplaats, alles word hier opgezocht. We googelen wat af. Behoort trouwens ook tot de Social Media…. Maar wat ik ’s morgens als eerste opstart is de mail en Hyves. dat zijn toch de lijntjes met de buitenwereld, als je nog niet naar buiten bent geweest. En ik heb er ook een dierbare vriendinnengroep bij gekregen op Hyves: mijn Nederlands/Hongaarse vriendinnen! Dat zijn Nederlandse vrouwen die samen met hun man, in Nederland wonen, maar ook een huis hebben in Hongarije. Net als ik dus. Ja en dan hebben we natuurlijk een heel groot raakvlak. We delen onze liefde voor Hongarije. We volgen elkaars verbouwingen, de reizen naar Hongarije, we kijken nieuwsgierig naar de foto’s van de huizen. Kortom we zijn echte Social Media vriendinnen. Alleen jammer dat we elkaar nog nooit in het echt gezien hebben… Ik stel voor dat we dat in de zomer eens gaan veranderen en een dag gaan plannen waarop we kennis kunnen maken met elkaar. Ik weet zeker dat we genoeg gesprekstof hebben!

maandag 28 februari 2011

Hongaarse boeken

We hebben een leuk weekend achter de rug, want gisteren hebben we bezoek gehad van vrienden van ons, die we 2,5  jaar geleden in Hongarije hebben leren kennen. Dat was toen wij in oktober de sleutel van het huis kregen. We waren naar het thermaalbad in Igal geweest en kwamen toen langs een restaurantje wat er leuk uitzag en ook nog open was! Binnen stond de tegelkachel lekker te branden. Helemaal  gelukkig omdat het huis nu echt van ons was, vlijden wij ons neer vlakbij de kachel. Na ongeveer een half uur kwam er een echtpaar binnen en wij op ons beste Hongaars: Jó napot. Een goedenavond, klonk het terug. Nou als we 1 ding niet verwacht hadden, was het dit wel! Want laten we eerlijk zijn, hoe groot is de kans dat je op een gewone doordeweekse avond in oktober, in een niet-toeristisch gedeelte van Hongarije, nog andere Nederlanders  tegen het lijf loopt? Heeel klein volgens mij, maar ons gebeurde het! En niet zomaar wat Nederlanders, nee heel leuke mensen waar we een warme band mee hebben opgebouwd. We hebben die avond gezellig tezamen gegeten en er weren meteen heel diepe gesprekken gevoerd. Wij vertelden dat we een paar dagen ervoor de sleutel van ons huisje hadden gekregen en dat er wel veel aan moest gebeuren, maar dat we er ontzettend veel zin in hadden! Nou, zeiden zij, dan kom je maar bij ons kijken hoe mooi het kan worden, want ons huis is helemaal klaar. Dus nadat we onze buikjes rond gegeten hadden, reden we achter hun aan, de duisternis in, naar hun huisje. We kregen een rondleiding en een lekker drankje. Het was een erg leuke avond en wij hebben er goede vrienden aan over gehouden. Sindsdien spreken we iedere keer als we in Hongarije zijn, wel een paar keer af. Maar een afspraak maken hier in Nederland was toch effe iets ingewikkelder…. Typisch, want hier zijn we veel vaker, maarja hier hebben we verplichtingen, en in Hongarije (bijna) niet. Maar gisteren waren ze dan hier. Ik had een lekkere pan goulashsoep gemaakt, volgens het recept van de tuinman uit Hongarije. Een brood erbij gebakken en heel even proefden we een beetje Hongarije… We lieten hun ons huis zien, en toen we in de serre beland waren, viel haar oog op mijn boeken op de tafel. Dat waren mijn Hongaarse boeken welteverstaan. Een paar weken geleden hadden wij het bij de Hongaarse les over de inrichting van je huis. Dat moesten we in het Hongaars vertellen. Dus toen  vertelde dat ik een grote ingebouwde boekenkast heb, met veel Nederlandse en een paar Hongaarse boeken. A nagy beépített könyvszekrény. És sok Holland könyv és kevés Magyar könyv. Heb je Hongaarse boeken, vroeg de juffrouw een beetje verbaasd. Ja ik heb Nederlandse boeken die geschreven zijn door een Hongaar, maar ik heb ook een paar boeken geschreven in het Hongaars. Ik besloot om de week daarop mee te nemen. Dat vond ze wel leuk, en er was 1 boek bij, wat ze niet kende en graag wilde lenen.  Dat was dit boek:


Dit heb ik pas in de kringloopwinkel gekocht. Het stond in het rek en mijn hart maakte een sprongentje; een boek over Hongarije! Kopen, hebben moest ik dat. Maar er stond geen prijsje in dus ik naar de kassa om te vragen wat het boek kost. Moest ze even gaan navragen. Dus ik dacht, dan kijk ik nog even rond intussen. Kom ik naderhand bij de kassa, had ze een prijsstickertje op de papieren rug van het boek geplakt! Muts, dat kon er niet meer af, zonder het boek te beschadigen! Dat deed pijn, op mijn mooie boek uit Hongarije. Maar ik wilde het zo graag, en kostte maar 1,50 dus ik nam het toch mee.
Ik had ook nog 2 kinderboeken meegenomen naar de Hongaarse les. Iedereen die mij een beetje kent, weet dat ik kinderboeken van Tiny verzamel. Dit zijn heel zoete prentenboeken uit mijn jeugd. En die boeken zijn in heel veel landen uitgebracht. Ook in Hongarije. Maar in ieder land, heet ze anders. En nou wil het toeval dat ze in het Hongaars Márti heet!


Dat kan toch geen toeval zijn!!! Dus op die boeken ben ik natuurlijk supertrots. En toen ik de boeken een jaar of 7 geleden kocht dacht ik dat er een tijd zou komen dat ik die boeken gewoon zou kunnen lezen. Maar toen ik ze weer uit de kast pakte en er eentje opensloeg, zakte de moed mij weer in de schoenen… want na 3 jaar Hongaarse les, was het eerste woord er al eentje om in huilen uit te barsten, bij wijze van spreken dan… 


Jongejonge, wat moeten we nog veel lessen gaan volgen!
Maar ik heb ook verschillende boeken over Hongarije, die speciaal gemaakt zijn voor de toeristen. Daarin staan vaak de mooiste foto’s, maar heel vaak zijn ze in het Duits.


Ik heb er eigenlijk maar een paar in het Nederlands. Maar dat maakt niet uit, want bij deze boeken gaat het vooral om de foto’s. Heerlijke wegkwijl boeken!  Dit boek is van het prachtige Balatonmeer, en het omliggende gebied, dus ook van onze provincie.



Deze boeken zijn er ook heel veel van Budapest, en ook daar heb ik er verschillende van.



  

Ik heb er zelfs dubbel. Want als ik een Hongaars boek zie, ben ik niet meer voor rede vatbaar! Dan moet ik dat gewoon hebben! Ik ben een tijdje bij een boekenclub geweest en steevast zocht ik daar naar boeken van en over Hongarije. Daar heb ik eens een keer deze 2 boeken gekocht. Ik vond hel wel interessante boeken en ze vertellen ook nog iets over de Hongaarse geschiedenis. Maar helaas heb ik de tijd nog niet genomen om ze te lezen. Maar ze zijn me wel heel dierbaar…


Deze 2  simpele kookboekjes bevatten lekker recepten die heel gemakkelijk zijn:




Dan heb je ook nog de reisboeken in vele varianten, maar er is er nog eentje die ontbreekt en dat is de Capitool van Hongarije. Ik vond hem altijd te duur, maar eigenlijk slaat dat nergens op…

En dit boek is echt een van de allermooiste uit mijn collectie. Het is een kookboek met niet alleen recepten, maar ook veel  informatie over de streek waar de recepten en de ingrediënten vandaan komen.  Er staan prachtige foto’s in en heel veel leuke wetenswaardigheden over mijn 2e vaderland.


Iedereen die iets met Hongarije heeft, zou dit boek moeten hebben! Echt, dit is een boek wat ik heel vaak inkijk. BV. voor een recept van dat lekker toetje wat ik in de zomer in dat restaurant in Balatonfüred heb gegeten, maar ook om gewoon wat te lezen. Of te ruiken… ik heb, samen met mijn dochter de rare gewoonte om met mijn neus letterlijk in de boeken te duiken. Heeeerlijk vind ik de geur van een nieuw boek. Dat papier, die inkt, mmm dat snuif ik in me op. en dit is zo’n lekker snuifboek.
Maar om op dit leuke weekend terug te komen; zaterdag ben ik naar de boekenbeurs geweest hier in het dorp. Met de krantenfiets van mijn zoon, zodat ik lekker veel boeken kon kopen. Ik ga ook altijd alleen, want ik wil graag een paar keer langs alle bakken snuffelen, zonder dat er iemand aan het einde van de rij met een lelijk gezicht staat te vragen: en, gezien? Nee dit soort uitjes doe ik alleen. Ja en dan ga ik als eerste op zoek naar de landen boeken. En om de een of andere reden staan er altijd wel Hongaarse boeken.  Het eerste boek wat ik zag, was dus het boek dat de juffrouw zo mooi vond. En het zag er nog beter uit ook nog, dus de juffrouw mag hem houden, zal ze blij mee zijn!
Er was zelfs een Hongaars boekje over Teigetje en Knorretje. De verleiding was heel groot, maar het was een vies boekje en zonder plaatjes. En bij de gedachte aan mijn Márti kinderboeken, die ik echt nog niet kon ontcijferen, liet het boekje maar voor wat het was. Maar gelukkig was er nog genoeg om te kopen en na 3 uur ging ik heel voldaan met 3 tassen met boeken weer naar huis. Deze boeken heb ik oa. gekocht:



  

  
En dan ben ik zo blij met mijn nieuwe aanwinsten, voor mijn gevoel ben ik zo toch weer even een beetje in Hongarije. Want we weten nog niet wanneer we er weer naartoe gaan. We moeten eerst nog naar Curaçao, om onze dochter daar te gaan opzoeken. Dat zal wennen zijn, met het vliegtuig op vakantie, niet klussen, zonnen, zwemmen en ja weet ik veel wat je doet op zo’n vakantie… ik neem maar wat Hongaarse boeken mee, dan komt het vast wel goed!