zaterdag 22 september 2018

Het einde van een lange zomer.


Ik ben er weer.
We zijn ondertussen al een paar weken in Nederland, maar ik heb altijd even de tijd nodig om te landen. Ik moet zo wennen als we terug zijn. Wennen aan het drukke Nederland. Aan het fileparkeren, in Torvaj parkeren we ergens onder aan de heuvel, gewoon daar waar de weg stopt. Ik moet ook heel erg wennen aan alle geluiden hier. Auto’s, radio’s, kinderen, vliegtuigen, (we wonen dicht bij Eindhoven), in Torvaj kijkt iedereen om als er een auto door de straat rijdt. Soms zien we heel hoog in de lucht een witte streep, dat was dan een vliegtuig. Je hoort een haantje kraaien, een hond blaffen en bosmaaiers. Voor zover de geluidsoverlast in Torvaj. Ik moet ook zo wennen aan de stank van de uitlaatgassen hier. Verschrikkelijk, dat kan toch niet gezond zijn? Het moge duidelijk zijn dat ik nu alweer heimwee heb. Heimwee naar de rust en de ruimte. Iets wat hier ver te zoeken is… Ik had gisteren gewoon de Hongaarse radio aanstaan om maar wat Hongaarse stemmen te horen…
Ik weet dat Hongarije de laatste tijd niet zo positief in het nieuws is, maar daar ga ik niet op in. Ik heb mijn eigen mening en dat hou ik graag zo. Voor ons is het land goed, zijn de mensen goed. Omdat wij er niet altijd zijn, heeft de politiek vooralsnog weinig invloed op ons. Dus wij hebben het goed daar, nee wij hebben het supergoed daar!!

We hebben een heerlijke zomer gehad. Met af en toe wat bezoek, altijd leuk. Met lekker klussen, ook altijd leuk. Met gezellige uitjes met vrienden, altijd heel leuk. Maar vooral een heerlijke zomer door gewoon daar te zijn, te leven. Wat iets minder leuk was, was het feit, natuurlijk dat Margit overleden is, dat was zelf verschrikkelijk! Maar ook dat we wederom niet konden vertrouwen op het werkvolk. Ja dat was echt niet leuk.

Het begon allemaal zo mooi. Ze begonnen op de afgesproken dag. Mario moest ze dan wel weer op gaan halen, want ja een rijbewijs hadden ze (nog) niet. Maar dat had hij er wel voor over… Niet meer om 3 uur uit zijn zoals vorige zomer, maar om 6 uur. Konden ze om 7 uur beginnen. Dat ging goed en we waren ook heel tevreden over het werk wat ze leverden. 


Maar omdat we bezoek zouden krijgen, had Mario al meteen tegen de werkers gezegd, dat ze anderhalve week niet hoefden te komen werken. Maar daarna waren ze meer dan welkom. Maar helaas pindakaas, ze zijn niet meer op komen dagen. De eerste keer niet omdat er onenigheid onderling was, dus de stukadoor wilde niet meer met de opperman samenwerken en zei dat hij de week erna met zijn broer zou komen. pff het gezeik begon alweer… De tweede keer kwamen ze niet opdagen omdat hij aan zijn rijbewijs moest werken. Rijlessen neem ik aan. Maar er was duidelijk afgesproken dat ze maandag zouden beginnen. Mario had de betonmolen weer uit de schuur gehaald en op zijn vaste plek gezet. De gele kliko was weer gevuld met water, dat gebruiken ze voor de cement te draaien. En we hebben op die plek geen kraan in de buurt, dus doen ze het altijd zo. We hadden de ramen afgeplakt, mijn mooie Japanse esdoorn met plastic omwikkelt. Hij stond al weken met een oude trap om zijn kruin, zodat de werkers hem met de steiger niet zouden breken. Maar nu had ik er plastic omheen gedraaid, zodat hij niet onder de cement kwam te zitten. Want de voorkant van het huis zou dicht gemetseld en gestuukt worden. Maar maandagmorgen kwam er niemand opdagen. Toen we na uren wachten eindelijk iets te horen kregen, zeiden ze dat ze de week erna wel tijd hadden. Nou nee, bij ons zijn niet welkom meer! We zoeken wel weer iemand anders. Toen ik daarna de Japanse esdoorn van zijn plastic en trap ging bevrijden, bleek dat hij al kromgegroeid was…

Dus toen hadden we geen werkers meer en gingen we gewoon verder wat we al de hele tijd gedaan hadden, zelf klussen. Dat is ook gewoon het fijnste wat er bestaat, maar sommige dingen kunnen we niet zelf. Niet omdat we de kennis niet hebben, maar gewoon niet de mankracht of de tijd…
Het eerste waar we mee begonnen was een nieuwe verdiepingsvloer maken. 

De oude vloer was gemaakt van planken en die waren er slecht aan toe. De draagbalken waren nog wel oké dus daar konden we verder op bouwen. 


We besloten om als ondergrond osb platen te nemen die je in elkaar klikt. Die werken minder als gewone osb platen en blijven daardoor mooier aansluiten.


En het was nog een hele klus, want het was zo scheef als een hoepel, dus moesten we alles ook goed uitlijnen. Houtje erbij of houtje eraf, een hele puzzel.


Zo ver zijn we gekomen, de helft van de zolder is klaar. De rest hebben we bewaard voor in het na/ of voorjaar. Want jeetje wat was het warm boven op de zolder! En dan was het niet eens zo’n superwarme zomer. Het was rond de 30 graden en we hadden iedere week wel een flinke regenbui. Ja dat was een rare gewaarwording. 


Terwijl wij in Hongarije mooi groen gras hadden, zagen wij het gras in Nederland en zelfs in Zweden bij mijn broertje, steeds geler worden. Echt de omgekeerde wereld. Maar we vonden het niet erg, zo konden we lekker vooruit. Maar de laatste maand van ons verblijf in Torvaj was het weer gewoon zomers heet en gingen we weer met de schaduw meewerken.

Ook hebben we luiken gemaakt voor de ramen op de veranda. Ik heb dit al jaren geleden gezien op internet en Mario was het met me eens, die zouden we een keer gaan maken. De uitleg had ik opgeslagen en nu was het dan zover. 






Het was zo leuk om te doen! En gelukkig kunnen die lelijke rolluiken daar nu wegblijven. We hadden voor 2 ramen de luiken klaar en toen we bezig waren met het opmeten van het derde raam, bleek dat er tussen de bovenkant raam en onderkant raam, 5 cm verschil zit. Dus de onderkant, waar de vensterbank zit, steekt 5 cm verder naar voren. Ja en dat kan natuurlijk niet. Nog een erfenis van de frotkees die vorig jaar bij ons bezig geweest is… En dit zou dus door de stukadoor van dit jaar verholpen worden, maarja die kwam niet meer opdagen. Dus die luiken konden we nog niet maken. Balen!



Verder hebben we aan de voorkant van de veranda regengoten opgehangen. En heeft Mario de regenpijpen ook in de grond gelegd. Gelukkig was er toen nog wel hulp bij om mee te graven.
En dan hebben we ook nog het buitenkeukentje voorzien van een aanrechtblad, compleet met spoelbak en kraan. Het werkt nog niet, maar dat komt wel. Ook moeten we er nog deurtjes voor maken.






Maar buiten het klussen om hebben we echt weer heerlijk genoten met ons bezoek wat we gehad hebben. Eerst was daar mijn vriendin met haar man. We zien elkaar in Nederland minstens 1 keer per week, maar om haar dan ook in mijn geliefde Torvaj te hebben, maakt het extra speciaal.
We zitten sinds kort samen op schilderles en omdat ik in Torvaj ook verf en doeken heb, besloten we om maar eens lekker te gaan schilderen. 


De mannen zaten te genieten van de Tour de France. En wij waren heel goed bezig, haha. Aan het einde van de middag hadden we alletwee ons doek vol gekliederd.

We hebben lekker geluilakt bij het huis, lang ontbijten, lekker zwemmen en natuurlijk bij buurten.  Echt vakantie!


Ook zijn we met de 4wd lekker offroad wezen rijden. Toen we bijna 10 jaar geleden ons eerste huisje in Hongarije kochten, zagen we op Google Earth dat er dichtbij ons een klein meertje moest liggen. We hadden het al aan verschillende mensen gevraagd, waar dat was. Maar daar kwam nooit een duidelijk antwoord op. Het zou moeilijk te bereiken zijn, er zou niks te zien zijn, etc. Maar nu was onze kans! Gewapend met de Frontera en Google Maps gingen we op pad. En het was goed te doen hoor. 



Een stukje over landweggetjes rijden, hier en daar wat kuilen ontwijken (of juist niet), over een heel smal bospaadjes rijden, en daar lag het meertje opeens! 


Het was een heel mooi vismeertje. Er stonden steigers, waar kleine bootjes aan vast lagen. Ook stonden er hier en daar wat houten hutjes, waar je kon schuilen voor regen en zon. Er was verder helemaal niemand en het was er zo vredig.


Toen we naderhand weer verder reden, stonden we oog in oog met 2 jonge reeën. Wij bleven stilstaan en ze waren net zo verbaasd als wij. In stilte genoten we van dit schouwspel. En toen kwam daar de moeder aan en het leek alsof ze haar kinderen op kwam halen. Ze keken ons nog even aan  en weg waren ze.



We hebben hun op de laatste dag naar Budapest gebracht, maar niet nadat we in Gödöllő naar het paleis waren geweest. Dit paleis is bekend omdat het ook wel het zomerpaleis van Keizerin Sissi wordt genoemd. Het is een prachtig barokke kasteel dat je echt ooit gezien moet hebben. Mensen wat een rijkdom!






Toen Menno en Susan nog een paar daagjes kwamen zijn we ook met de 4wd wezen crossen. Mario was gefascineerd door een landweggetje dat we altijd zien als we over de nieuwe weg van het Balaton naar huis rijden. Waar zou dat toch naartoe leiden? En omdat we toch vrij waren toen zij er waren, besloten we het er op te wagen. Het was een mooi ritje naar boven op een heuvel. En toen we daar aangekomen waren, was het echt de moeite waard! Wat was het mooi daarboven! We konden het Balaton zo mooi zien! 


Maar wat wonen we toch in een prachtige omgeving zeg. Het was er heerlijk rustig, je hoorde alleen het gezoem van de bijen en het geritsel van de bloemen en grassen. 


Er stond een uitkijktoren en daar moesten de mannen natuurlijk even op klimmen.



We zijn met hun ook naar het circus geweest, jeetje dat was lang geleden zeg! We zijn zo’n 20 jaar geleden ook een keer naar een circus in Hongarije geweest. Dat was nog in de tijd dat alle dieren nog toegestaan waren. En dat vonden we toen ook al zielig, maar het was heel normaal bij een circus. Wat ik toen wel echt zielig vond, was dat de kinderen na afloop met een aap op de foto mochten. Die aap zat aan een ketting vast, had gewone kleren aan, en kwam bij de kinderen op het bankje zitten. Ondertussen dat wij de foto namen, zat die aap steeds kleine velletjes te knijpen bij de kinderen in hun armen. Haha geef hem eens ongelijk. Ik ben wel blij dat je zoiets echt niet meer ziet hoor! Zelfs in Hongarije niet. Er was nu wel een olifant bij, maar die liep maar 1 rondje in de piste en in de pauze stond hij er 10 minuten en dan kon je tegen betaling op de rug gaan zitten en een foto maken. Maar er kwam naderhand nog een olifant bij en toen gingen ze toch nog een kort optreden verzorgen. 




 Er waren ook kamelen, zebra´s, maar vooral heel veel paarden. Na de 20e knol vond ik het wel een beetje saai worden. Maar toen Menno en Susan uitgenodigd werden om in de piste te komen en daar heerlijk voor lul te staan, hebben we zo hard gelachen! Ze mochten mee muziek maken, heerlijk.



Wat we ook nog gedaan hebben, was een bezoekje brengen aan János Bäsci. We zagen dat al vaak voorbij komen op facebook en wilden daar ook wel een keertje gaan kijken. Dus wij dachten dat vinden Menno en Susan ook wel leuk. Ze vroegen ons, wat is dat voor iets? Tja wat is dat voor iets… dat wisten wij eigenlijk ook niet. Meer een oude man die zijn dromen najaagt, die leeft zoals hij het wil. Hij verzamelt bakstenen, vandaar de naam téglagaléria. 


Maar er is zoveel te zien! Je komt binnen in een mooie oude boerderij die ingericht is als museum. Prachtig gewoon! 




Dan loop je naar buiten en daar begint het eigenlijk pas. Er is een toeristische route aangelegd en als je die volgt, val je van de ene verbazing in de andere. 



In een wei zien wij de master zelf bezig. Hij is iets aan het metselen. Je ziet de meest vreemde bouwsels. 



Kippen, ezels, paarden, ganzen, varkens, schapen en konijnen, je ziet ze allemaal voorbij komen. Jeetje wat een heerlijke plek om te wonen!


Als we terug lopen naar het restaurant, komt János Básci eraan gelopen. Ik geef hem een hand en stel mezelf voor. Ik zeg dat we Nederlanders zijn en hij zegt dat hij al een auto had zien staan met gele kentekenplaten. Ik vraag aan hem hoelang hij hier al aan het bouwen is, en hij antwoord dat hij in 2000 met het buitengebeuren begonnen is. Nou dat valt me nog alles mee. Dan zegt hij dat hij een fles water ;-) nodig heeft en dat hij weer verder gaat. 


Wij lopen nog even rond en genieten nog van al het moois wat hier te zien is. Het is warm en we hebben dorst, dus gaan we in het restaurant wat drinken. We bestellen allemaal water en dus komen er 4 glazen met een fles ijskoud water op de tafel. De kosten zijn 70 cent. Dezelfde prijs als die fles water in de supermarkt kost! Jeetje waar maak je dat nog mee….



We sluiten die dag af met een bezoekje aan het Balaton, altijd fijn.


Nou ga ik nog 1 ding vertellen want anders word mijn verhaal veel te lang. We hebben ook nog een falunap gehad, maar dat vertel in mijn volgende blog. Maar weten jullie nog dat je op 27 juli de bloedmaan kon zien? Nou dat zal wel, want daar ging het al dagen over. De voorspellingen waren niet zo goed, er zou bewolking op komst zijn, maar we wilden het toch gaan meemaken. Maar helaas was er inderdaad veel bewolking die avond. We gingen regelmatig naar buiten kijken, en op een gegeven moment werd de bewolking iets dunner. Zou het dan nog?..... En toen kwam daar een berichtje van Machteld. Of wij de bloedmaan ook zo goed konden zien. Zijn wonen aan de overkant van Torvaj en misschien waren daar net gen wolken. Tja, wist ik veel. Nee zei ik, hier zien we niks. Nou hier wel hoor, en ze stuurde een foto naar mij. Kom maar gauw hier kijken zie ze. Ik roep naar Mario, Bij Dirk en Machteld kunnen ze de bloedmaan wel heel goed zijn en we zijn welkom. Nou dat doen we dan toch, zei hij. Dus wij het fototoestel pakken en in de auto, op naar de bloedmaan. En toen we daar aankwamen zag ik al meteen dat de maan wel erg laag stond…. 


Maar hij was wel heel goed te zien. Mooi oranje en perfect rond. Maar toen begon de bloedmaan te bewegen en weg was hij! En toen stond Dirk daar. In het weiland. Met een oranje teiltje op een stok, met daarachter een lamp. 


Whahahahaha die gekke Belg. We hebben zo gelachen, ik pieste bijna in mijn broek. Wat een geniale zet. Op facebook kreeg Mario complimenten voor de mooie foto. Hahaha, hij heeft er ff van genoten en toen gezegd wat het was.

Zo dat was het voor nu, zijn jullie weer een beetje op de hoogte.

Groetjes, Marti


dinsdag 31 juli 2018

Viszontlátásra kedves Margit ~ Tot ziens lieve Margit

Ik schreef in mijn vorige blog al hoe ziek Margit was. Helaas is ze op 20 juli overleden. Het zat eraan te komen, we hadden het verwacht, ze kon niet meer beter worden, maar godverdomme wat vind ik het erg! Verdorie zeg, Margit hoorde hier bij ons huisje op de heuvel. Ze kwam bijna dagelijks even aangelopen en riep dan: jó napot, mit csinálsz? Dan vroeg één van ons of ze zin had in een bakje koffie. Ze lustte altijd een klein beetje koffie met 2 scheppen suiker. Dan gingen we even bijbuurten en dan vertrok ze ook weer “omdat wij nog zoveel werk te doen hadden”. Haar kat volgde haar overal waar ze ging en kwam dus meestal ook mee naar ons. Als ze weer naar huis ging, tilde ze haar kat op en droeg haar als een baby mee naar huis. Ze was bijna altijd thuis. ‘S morgens ging ze even naar het winkeltje onder aan de straat, en als ze dan terug liep naar huis zwaaide ze vrolijk naar ons. De rest van de dag rommelde ze wat in en om het huis. Om de week ging ze naar de kerk, met haar mooiste kleren aan. 1 of 2 keer per week met de bus naar Tab, om bij haar zoon en zijn gezin op bezoek te gaan. Of om naar de markt of de kapper te gaan. Ze leefde een rustig leven, zoals de meeste oudere mensen hier in het dorp. Maar ze was wel ónze buurvrouw. De Family Frost wagen, waar Margit vaste klant was, komt niet meer ons straatje ingereden... De post wordt nu bij Manfred afgegeven. De deuren blijven dicht, niks geen kleurige sliertjes meer, die de vliegen buiten moesten houden... Wie zal mijn Trabant nu onderstoppen als het slecht weer is? (Toch maar snel een garage gaan bouwen voor de kisrakéta.)
Wij hebben altijd gezegd, als je een huis in het buitenland hebt is het heel belangrijk dat je goede buren hebt. Iemand die een oogje in het zeil hield als je er niet bent. Iemand die zich afvraagt waarom je er nu nog steeds niet bent. Iemand die blij is als je weer in Torvaj arriveert en verdrietig is als je naar Nederland vertrekt. En die hadden wij! Maar nu zitten we hier alleen en dat is best even wennen. Toen we ons eerste huis kochten hadden we nog 4 buren, nu geeneen meer.  Het schijnt dat Fery in augustus weer naar Torvaj komt. Of het waar is en voor hoe lang dat dan is, dat weet ik niet. Maar ik hoop natuurlijk wel dat het waar is!

Het is zo gek, zo klote. Ik weet nog dat we begin april hier weer vertrokken en dat we nog afscheid gingen nemen bij Margit en dat ze weer zei, dat ze de volgende keer wel op de temető zou liggen. Dit riep ze al een jaar lang. Ik zei steeds, neeee Margit, niet zeggen. Maar de laatste keer werd ze heel verdrietig toen ze het zei. En ik ook.. want ik dacht, ze kan weleens gelijk hebben...
Afgelopen vrijdag was de begrafenis van Margit. Het was een mooie dienst. Eerst een half uurtje een normale mis in de kerk. We konden er niet veel van verstaan, maar omdat wij vroeger altijd verplicht naar de kerk moesten, konden we het heel goed volgen. Het is gewoon hetzelfde als in de Nederlandse katholieke kerk, maar dan in het Hongaars. Dat dan weer wel, haha. De kist gaat hier niet mee de kerk in, maar buiten is een speciaal gebouwtje waar de kist staan, en daar staan dan bankjes omheen. Daar gaat de familie dan naartoe omdat daar een persoonlijk praatje wordt gehouden. En dan gaat iedereen naar het graf, waar ze na een paar weesgegroetjes begraven wordt. Het was een warme dag en halverwege de plechtigheid op het kerkhof begon het te onweren. En was ook regen voorspeld. Maar ik keek naar boven en zei in mezelf: Margit hou je aan je woord. Torvaj nincs. En daar bedoel ik het volgende mee; als we ooit aan Margit vroegen wat voor weer het ging worden, of het ging regenen ofzo, zei ze altijd Torvaj nincs. Dat betekent dat er in Torvaj niks zou vallen. En potverdorie, ze had echt altijd gelijk! En ook nu op het kerkhof viel er niks uit de donkere hemel. Naderhand zei Mario dat hij hetzelfde dacht, Torvaj nincs.


De kat van Margit loopt met haar ziel onder de arm, ze blijft maar miauwen en kopjes geven. Ze is altijd hier bij ons... ze is dol op aandacht, die kreeg ze van haar vrouwtje natuurlijk altijd...We geven haar eten en drinken, maar als wij straks weer terug moeten naar Nederland weet ik ook niet wat er met de kat gaat gebeuren.
De zoon van Margit komt haar wel eten geven enzo, maar de kat heeft nu geen thuis meer. Ik hoop dat iemand anders die taak op zich gaat nemen. Meenemen naar Rooi is geen optie, want ik hartstikke allergisch voor katten. En ik heb natuurlijk mijn kippies al en daar heb ik genoeg aan.

Wat zullen we Margit gaan missen! Maar vergeten doen we haar nooit, ik heb zoveel leuke herinneringen aan haar. Zoals vorig jaar toen ze bij ons aankwam met die lekkere tomaten. Ze had ze gekregen van iemand hier uit het dorp. Even later kwam ze weer naar mij en zei dat ik nog meer tomaten mocht gaan halen als ik wilde. Toen ik zei dat we met de Trabant zouden gaan, begon ze helemaal te glunderen! Of die keer dat ze hier was, toen Manon en Bram met ons wilden skypen. Ze zat met grote ogen te kijken. Manon en Bram helemaal in Australië en toch konden we elkaar zien en horen. Ze zei steeds tegen Manon: gyere Torvajba. Kom maar naar Torvaj. Of toen we nog maar net hier het huisje hadden, en ze zei dat we naar Erzsi moesten gaan. We begrepen haar niet helemaal en dachten dat zij naar Erzsi wilde gaan. We zeiden, stap maar in de auto dan brengen we je er heen. Ze sputterde tegen, maar wij dachten, ze hoeft toch niet met de bus te gaan, wij brengen haar wel even. Wij duwden haar bijna de auto in en reden naar Tab. Daar aangekomen begooen Margit en Erzsi smakelijk te lachen, toen Margit vertelde dat ze ontvoerd was door ons. Of vorig jaar, toen ze in paniek hier aangerend kwam, toen Mario op half elf met zijn motorzaag in de boom hing. Hij was mij keihard aan het roepen, maar ik was binnen aan het koken. Margit keek heel angstig en zie dat ik vlug moest komen, want Mario was heel hard aan het roepen. Ze ging toen oook nog aan Csaba vragen of hij kom helpen. Tja Mario nu niet meer van die gekke dingen doen, want Margit kan je nu niet meer horen...
Lieve Margit, je was onze beste buurvrouw en vriendin die we ons maar konden wensen. R.I.P. Volgende keer schrijf ik een vrolijker stukje, maar ik wilde dit graag even kwijt.

zaterdag 30 juni 2018

Het begin van een lange zomer

9 jaar geleden gaven we Margit een bosje sleutels van het huisje op de heuvel. We vroegen haar toen of ze af en toe het huisje wilde luchten. Dat deed ze trouw. Ook had ze de sleutels nodig voor als de kachelman kwam om de gaskachels schoon te maken. Door de jaren heen kwamen er een paar sleutels bij en haar sleutelbosje werd groter. Ze bewaarde het sleutelbosje in een plastic zakje. Maar 2 dagen geleden kwam de zoon van Margit het sleutelbosje terug brengen... Met de boodschap dat Margit niet meer terug komt naar Torvaj. Zo dat kwam binnen zeg! Ze is te ziek. De laatste keer dat wij hier waren, zat ze minder in een kuur. Maar helaas heeft ze die niet af kunnen maken omdat ze teveel verzwakt was. Ze heeft een tijdje bij haar zoon en zijn gezin gewoond. Want in haar eigen huisje heeft ze geen water binnen en dus ook geen wc en badkamer binnen. En als je zo ziek bent is dat dus geen doen. Maar ze is nu zo slecht, ze weegt nog maar 35 kilo, dat ze wederom in het ziekenhuis ligt. Ik denk eerlijk gezegd dat ze er niet meer uitkomt.... We hadden aangegeven dat we haar graag op willen zoeken, maar ze kan het niet aan. Dus ik vrees dat we geen afscheid kunnen nemen van haar.. en dat doen verdommes veel pijn.. We kunnen nu niks doen als afwachten. En ondertussen onze zinnen verzetten en zoveel mogelijk overgaan naar de orde van de dag.
Het was ook helemaal niks om hier aan te komen zonder dat Margit ons verwelkomt. Haar dubbele deuren zijn dicht en dat hebben we echt nog nooit gezien. Het voelt gewoon heel verlaten. Het is zo anders...



We zijn nu een kleine week hier en het is wisselvallig weer geweest. Warm, maar ook regen en veel wind. Een tijdje geleden heeft het hier ontzettend gespookt. Storm en heel veel regen. We kregen een paar weken gelden al een berichtje van Zoltán, die bij ons het gras maait, dat er 2 grote takken van de oude kersenboom waren afgebroken. 

Maar dat was niet het enige, want toen we zondagavond hier aankwamen zagen dat de vele regen een modderspoor had getrokken naar de deur. Omdat het 3 cm hoog had gestaan, was de modder onder de 
deur, over de drempel heen, naar binnen in de gang gelopen. Het was zelfs het hoekje om gegaan richting keuken. Gelukkig was het zover niet gekomen en halverwege de gang stopte het spoor. 


De modder was opgedroogde klei geworden. De buitendeur kon bijna niet open en met een blik ben ik de modder los gaan steken. Omdat er regent voorspeld was moest dit klusje meteen gebeuren anders zou het gewoon weer natte klei worden en dat is nog veel lastiger om weg te krijgen.
Als ik daar mee bezig ben komen Monika, Zoltán en kleine Zalán aangelopen. Ze hebben een pannetje met heerlijk babgulyás en zelfgemaakte pogácsa bij zich. Wat lief zeg! Het heeft ons heerlijk gesmaakt.



De volgende dag krijgen we meteen bezoek van Hans en Corry. Die hebben we 22 jaar geleden leren kennen op de camping in Balatonfüred. Het klikte en we zagen elkaar ieder jaar terug in Hongarije. We gingen regelmatig gezamenlijk uit eten, bij elkaar op een bakkie en natuurlijk ‘s avonds vissen in het Balaton. Op een gegeven moment gingen zij niet meer naar Hongarije op vakantie en kochten wij het huisje op de heuvel en gingen niet meer kamperen. We spraken elkaar nog af en toe, en ze waren 
altijd geïnteresseerd in onze belevenissen in Torvaj. Maar nu zouden ze dus voor de eerste keer bij ons op bezoek komen. En dat vind ik toch altijd best spannend. Want alhoewel ze wel mijn blog lezen, in het echt is toch anders... Maar als ze er zijn is het meteen als vanouds, buurten en beppen. We laten ze vol trots ons paradijsje op de heuvel zien.

En als we dan nog een bakkie koffie en thee op hebben gaan we natuurlijk ook een wandelingetje door Torvaj maken. Wij vinden dat we in een leuk dorpje wonen en laten dat graag aan iedereen zien. 




Als we bij het Evangelische kerkje proberen of de deur open is, komt er een oudere man aangelopen. Hij begint tegen mij te praten, waarom altijd tegen mij? Hij vraagt of alles oké is. Ik vertel hem dat we aan het wandelen zijn en dat we in het kerkje wilden kijken. Maar dan kan niet, zegt de man. Hij vertelt dat hij de tuin van het kerkje bijhoudt en zijn vrouw de binnenkant van de kerk. Mario staat ondertussen gezellig met Hans en Corry te buurten. De Hongaarse man blijft maar door praten en op een gegeven moment zegt hij dat het zo goed is in Hongarije. Ik kijk hem verbaasd aan, want dat hoor je hier niet zo vaak. Meestal is het slecht omdat ze zo weinig verdienen en dat ze amper rond kunnen komen. Maar deze man vind het leven in Hongarije zo goed omdat er geen immigranten zijn. Ik kijk hem aan en zeg, en ik dan? Ik ben toch ook een immigrant. Nee, zegt hij, nee jij bent geen immigrant! Jij bent een slimme meid, en hij aait mij over mijn arm. Okos lány, zegt hij steeds. Nee ik kom uit Holland, dus dan is het goed. Nou dat is een hele geruststelling, haha. Ik zeg tegen de man dat we weer verder lopen en groet hem. Ik heb er deze week nog regelmatig aan moeten denken...

Het afdekzeil van het zwembad was trouwens goed blijven liggen. Dat was nog best spannend omdat het zo ontzettend gespookt heeft hier. Er lagen wat plasjes water op, maar dat was het enige. 


Het is heerlijk weer en we genieten nu alweer van onze veranda. We willen snel verder gaan met het afmaken hiervan. We moeten eerst nog eens een goeie stukadoor aan zien te komen.... Voor binnen hebben niet meteen iemand nodig, want daar gaan we zelfs eerst eens aan de slag. We gaan beginnen met de verdiepingsvloer en dat betekent dat we de zolder eerst leeg moeten maken.
Daarna moet de oude vloer verwijderd worden en dan kunnen we beginnen met het vernieuwen van de vloer.




De kersenboom was niet de enige boom die het flink te verduren heeft gehad.
Pruimenbomen, acacia’s en vlierbessenstruiken, van verschillende zijn er takken afgebroken. Op deze manier kom het houthok wel vol...


Groetjes, Marti








vrijdag 20 april 2018

Socializen in Hongarije / heel belangrijk


En nu zijn we alweer ruim een week thuis in Nederland, na een week in Hongarije. Het was fijn om weer even daar te zijn. Fijn om weer onze huisjes op de heuvel te zien, fijn om het bordje van Torvaj weer te zien en vooral heel fijn om onze buurvrouw Margit weer te zien. Alhoewel we daar toch wel erg van schrokken… Ze was heel veel kilo’s afgevallen, niet omdat ze aan de lijn doet, maar omdat ze ziek is. Ze klaagt al een jaar of 5 over buikpijn. Beetje vage klachten, de ene keer heeft ze er meer last van als de andere keer. Ziekenhuis in, ziekenhuis uit. Ze heeft verschillende onderzoeken gehad, en er kwam nooit echt iets uit. Tot afgelopen oktober. Toen kreeg ze een uitslag, maar eentje die je niet wilt horen… alvleesklierkanker. En dat is gvd een kutkanker. Die overleef je in de meeste gevallen niet. In Nederland niet, maar in Hongarije net zomin. Ze krijgt nu 6 kuren met infuus, het is geen chemo, maar iets anders. Wat dat weet ik niet, maar het is niet goed. Ik hoop met heel mijn hart dat de kuren aan gaan slaan en dat ze potverdorie nog een tijdje onder ons is. En dat ze niet te ziek is, want dat zou ik zo erg vinden… Duimen dus!

We hadden deze ronde een bus gehuurd bij Sixt, want ja we hadden toch weer een schuurtje vol met spullen staan die we door het jaar heen verzameld hadden. En niet alleen het schuurtje stond vol, het tuinhuis ook een hoop zooi wat mee moest, plus de beetjes die her en der verspreid stonden. Pas vroeg mijn vriendin, wat moet er toch met al die spullen gebeuren als jullie ooit uit Torvaj weg zouden moeten? Ik zeg, een lucifer eraan houden, dat lijkt me het verstandigste, haha. Hopelijk komt het niet zover en zijn onzen kinderen er over 30 jaar ook nog blij mee. Maar daar denken we nog niet aan en we verzamelen nog rustig door. Dus had Mario het grootste busje gehuurd wat je nog met een gewoon rijbewijs mag rijden en daar past 14 kub in. 


Vrienden van ons hadden ook wat spullen, een zwembad, tuinmeubels en ook nog een stapel bananendozen. Maar het paste er mooi allemaal in en zo togen wij op goede vrijdagmorgen om 4 uur richting Hongarije. 


Het was lekker rustig op de weg, want in Duitsland mochten geen vrachtwagens rijden, heerlijk! We zouden eigenlijk overnachten, maar de reis verliep zo vlotjes, dat we besloten om maar gewoon door te rijden tot thuis.

Het was koud in huis, dus meteen de kachel aangestookt en de elektrische dekentjes aangezet ;-)
De volgende dag regende het, dus hebben we alles maar lekker op ons gemakkie gedaan. Een paar spullen uit het busje gehaald maar de rest moet maar wachten tot het droog is… Even langs Margit gegaan en jeetje wat schrok ik van haar… ze was zo sterk vermagerd. Echt heel zielig… ze vroeg of alles goed was in het huis, geen problemen? Nee geen problemen zeiden wij. En het zwembad, vroeg ze. Nee ook geen problemen. (We waren daar nog helemaal niet geweest) Is dat geen probleem, dat het helemaal ingezakt is, vroeg ze nogmaals. Ingezakt, ingezakt, wat is er ingezakt? Ja het dak is ingezakt, zegt Margit. Wel GVD, het zal toch niet waar zijn? In januari waren wij hier en toen stond het er nog superstrak bij. Ik wil het niet zien, ik wil het niet zien, dat zei ik in mezelf. Mario ging kijken, maar ik liep naar het andere huis. Als ik net doe of ik van niks weet, is het straks misschien ineens opgelost. Maar toen Mario effe naderhand terug kwam, zei hij, het is best erg. Ik deed net of ik niks hoorde, want het moest maar vanzelf weggaan. Mario dacht, Marti heeft het niet gehoord en hij zei nogmaals, het is best erg, Marti. OO, zei ik. Meer niet. Ik had geen zin in weer mijn eigen druk maken over dat kloteafdekzeil. Het regende nog steeds, dus ik zei dat ik morgen wel ging kijken. Misschien is het na een nachtje slapen wel weer mooi strak gaan staan. Maar zo werkt het natuurlijk niet. Dus ging ik de dag erna toch maar even kijken. Pfff en zo zag het er uit:




Ja best wel erg, ja. Manfred onze buurman kwam er aan en zei dat het een tijdje geleden best veel gesneeuwd had en toen gevroren en toen geregend. Dus dat is ontzettend zwaar geweest op dat zeil, het heeft niet weg gekund en het is door gaan zakken. De buizen helemaal krom. Wat nu. Ik baalde als een stekker en zei tegen Mario, gooi dat gat onderhand maar dicht. Dat was natuurlijk onzin, maar jee ik had hier zo geen zin in! Mario is dan toch veel rustiger als ik en hij zegt, ik ga er een dompelpompje op zetten zodat het water weg  kan en dan moeten we het zeil eraf halen. Maar dat duurt ff, dus we gingen maar binnen met Manfred een kopje koffie drinken. Hij had tijd zat en wij ook, dus hebben we gezellig bij gekletst. Nou gaat dat altijd een beetje moeizaam, wat mijn Duits is verdomde slecht. Maar als we gewoon Hongaars tegen elkaar spreken, gaat dat eigenlijk veel gemakkelijker. Toen hij weg was zijn we maar begonnen met de spullen  uit het busje overladen in de Frontera, want het busje kan bij ons niet naar boven rijden en de 4WD wel. Maar potverdorie dat viel toch nog tegen. Want omdat het gisteren geregend had, lukte het maar 1 keer en toen waren in de modder al diepe sleuven gereden. Het is bij ons ook echt wel steil omhoog, het laatste stuk…. Mario probeerde het nog wel een paar keer, maar we moesten echt wachten tot de grond wat opgedroogd was. Het was echt natte Hongaarse klei, dat is heel wat anders als de grond in Nederland.

Op eerste paasdag waren we uitgenodigd bij John en Martine en daar maakten we dankbaar gebruik van! We zijn er met de bus naartoe gereden, wat dan konden hun spullen er ook meteen uitgeladen worden. Er waren nog 4 mensen meer, en het was echt keigezellig! Een heerlijke overvolle brunch maakte het een superdag. Lekker eten, vrienden, Hongarije, meer hebben wij niet nodig! We gaan nog even bij het huis van L en R kijken. Altijd leuk, want je doet overal weer nieuwe ideetjes op. En het idee wat we hier opdoen is om een muur uit te breken in het eerste huis. Dat hebben zij ook gedaan en ik vind het zo mooi, de grote ruimte die je hiermee creëert. Dus toen we laat in de middag thuis kwamen, zaten onze buikjes zo vol, dat we niet veel soeps meer gedaan hebben. Maar ik wilde nog wel even naar het eerste huis gaan kijken om te bedenken of dat bij ons ook zou kunnen. De muur tussen de keuken en woonkamer er (gedeeltelijk) uitbreken, zodat het in de keuken wat lichter wordt en in de woonkamer wat warmer. Het lijkt ons een supergoed idee! Wordt vervolgd.

Maar de volgende dag moesten we ons toch verdiepen in het zeil van het zwembad. Het water was intussen er vanaf, dus konden we heb van het zwembad af schuiven. We hebben alle kromme buizen eruit getrokken en die kunnen weg. Nu gaan we het doen zoals we het eigenlijk vanaf het begin al wilden maken. Gaatjes er in. In Rooi hebben we al 12 jaar een zwembad en daar zitten in het winterzeil ook gaatjes met zeilringen en dat gaat al die tijd al goed. Maar de zeilmaker vond dat jammer, je gaat toch niet in zo’n duur zeil gaatjes maken? Nee maar we moeten iets! Dit werkt niet. We gaan het gewoon eigenwijs zijn. We gaan 3 dikke balken over het zwembad leggen, we maken gaatjes in het zeil en dan spannen we het zeil strak op de grond. Niks meer schuin en aflopend, want dat werkt gewoon niet. Maar we kunnen nu niet verder omdat we nog geen zeilringen hebben. Woensdag is het grote markt in Tab, wellicht dat we ze daar kunnen kopen.

Het is nu een stuk droger geworden en het lukt Mario weer om met de Frontera naar boven te rijden. Dus laden we beneden aan de heuvel alles uit het busje over in de Frontera en zo komt alles heel gemakkelijk boven, scheelt een hoop sjouwwerk.
Als alles boven is, vinden wij dat het mooi weer is om verder te gaan aan ons houthok. We moeten nog een zijwand, bodem en dak maken. We beginnen met het dak, dus panlatten erop en dan dakpannen sjouwen. Met de kruiwagen van de stapel achter het konijnenhok, naar het stuk tuin tussen het eerste en tweede huis. Terwijl we daar zo lekker bezig zijn, denk ik toch eens ff naar het huis van Dirk kijken. In de zomer kunnen wij dat niet zien omdat het dan dichtbegroeid is, maar als alles nog kaal is lukt dat wel. En het lijkt wel of ik een auto bij zijn huis zie staan. Je moet heel goed kijken, want ze wonen helemaal aan de andere kant van Torvaj. Wij wonen op een heuvel, maar zij wonen op een berg, haha. Van de zomer zeiden ze voor de grap. De Nederlanders wonen in het huisje op de heuvel, maar de Belgen wonen in een villa op de berg. Nou denk ik dat de berg niks hoger is dan de heuvel, maar het verschil tussen hun huis en het onze is wel heel groot! Ja dan wonen zij echt in een villa. Maar het zijn zo’n lieverds en als we tegelijk in Torvaj zijn, zoeken we elkaar ook altijd even op. Dus ik zou het ontzettend leuk vinden als Dirk en Machteld er nu ook zouden zijn. Na een goei uurtje liggen de dakpannen er op en gaan we met de bodem verder.


We hebben nog net genoeg oude palen over van het dak en die gebruiken we als bodem. Beetje om en om leggen en dan op lengte zagen. We klussen lekker verder en genieten ondertussen van het mooie uitzicht wat ons plekje te bieden heeft. En dan rond 5 uur, horen we iemand zeggen, hallo. We kijken verbaasd om en jawel daar komen Dirk en Machteld aan gelopen. Dus toch, ik had het goed gezien. Keigezellig! We besluiten dat het nu een goed moment is om pauze te nemen en ik ga biertjes en een zak chips pakken en we gaan gezellig in het houthok zitten. Haha nu kan het nog. 


Wat is toch fijn dat we hier ook gewoon een fijn sociaal leven hebben! We hebben elkaar genoeg te vertellen en voordat we het weten zijn we 2 uur verder. Dirk en Machteld gaan weer terug naar huis, maar niet nadat ze ons uitgenodigd hebben om vrijdagavond bij hun te komen eten. Nou dan doen we heel graag!

Op woensdag gaan we betijds naar de markt, in de hoop daar zeilringen te kunnen kopen. De grond is daar nog wel wat drassig hier en daar, dus een beetje uitkijken waar je loopt… 





Maar het blijft een mooi gezicht, de echte zigeuners met de kleurige wijde rokken en dito sjaaltje om hun hoofd, de mannen met zwarte snorren en zwarte pakken.

Maar helaas zijn er geen zeilringen te koop…. Dan zullen we toch nog naar Siófok moeten. Als we klaar zijn op de markt rijden we door naar Bert en Mariëtte. Want we hebben voor hun ook wat spullen meegenomen naar Hongarije. Ze hadden wel aangeboden om de spullen zelf bij ons te komen halen, maar Bert is slecht ter been en met de modder die her en der nog ligt, vind ik het een beetje onverantwoord. En het geeft ons de kans om er weer op uit te gaan. We moeten echt goed zoeken  en als ik het in het dorpje aan een random oudere man vraag, zegt hij zonder blikken of blozen, aaah Bert, ja die woont een stukje verder in een mooi groot huis. Ik ben verbaasd dat hij weet ik bedoel. Dan rijden we nog 2 keer hun huis voorbij, zonder dat we het weten, maar uiteindelijk komen we toch bij hun terecht. We worden hartelijk ontvangen en onder het genot van koffie en thee komt het gesprek op ons zwembadzeil en de zeilringen die we nog ergens moeten zien te vinden. Dan zegt Bert, ik heb er nog ergens liggen. Hij duikt zijn kast in en jawel hoor hij komt met 4 pakjes ringen plus het gereedschap om ze erin te slaan, aanzetten. Dankjewel, je bent een schat! Wij kunnen verder! Maar niet nadat we nog uitgebreid gebuurt hebben over hoe we in Hongarije verzeild zijn en hoe erg we allemaal ons hart verloren hebben aan dit fijne land. We krijgen als dank nog 2 flessen rode Bertbor mee, en we rijden met een fijn gevoel terug richting Torvaj.

We gebruiken alle 4 de pakjes zeilringen en als het zeil erover gespannen is ziet het er strak uit. We hebben er weer vertrouwen in!

De volgende dag gaan we het houthok helemaal afmaken en vullen met hout! Overal ligt afvalhout, afkomstig van 2 oude daken en de verbouwingen. Ik zaag ze met behulp van de oude ijzeren zaagtafel die we ooit van onze Peter gekregen hebben, in handzame stukken en Mario brengt ze met de kreuge naar het houthok. Op deze manier schiet het lekker op en binnen no time, ligt het voor een kwart vol.

Even later worden we getrakteerd op een prachtige zonsondergang.


Als we de vlonder weer gaan repareren, die was gedeeltelijk mee omhoog gekomen door de sneeuw die op het zeil drukte, kan ik toch niet anders dan genieten van de voorzichtige lente die doorbreekt. Ik ben blij dat ik hier met mijn rode klompjes aan in Torvaj op de heuvel zit. Dit is mijn plekje.



We gaan ook nog even langs bij Erzsi en Géza, want ook voor hun hebben we heel veel meegebracht uit Nederland. Zakken vol met kleding dragen we bij hun naar binnen. Ze zijn er altijd erg blij mee. Ze zoeken eerst uit wat ze zelf kunnen gebruiken en dan hebben zij weer hun vaste mensen waar de rest van de kleding naartoe gaat. Het is voor ons altijd erg dankbaar geweest om al die kleding mee te nemen en uit te delen, maar toch willen we dit voorlopig ff gaan minderen. We hebben 3 adressen waar we de kleding uit delen en we hebben de afgelopen jaren zoveel meegenomen. We verdrinken een beetje in de kleding. Het kost ons veel tijd om uit te zoeken en dan moet het opgeslagen worden en dan moet er weer vervoer geregeld worden. Maar de mensen zijn altijd zo dankbaar dat ik het best wel moeilijk vind om te zeggen, we doen het niet meer…. Het staat nu ff op een laag pitje.
We krijgen bij Erzsi altijd een lekker bakkie sterke koffie. Zo’n minikopje met echt espresso. Mmmm heerlijk vind ik dat. Gewone koffie vind ik vies, maar deze is echt lekker. Ik doe er 3 scheppen suiker in en dan is het net een snoepje, zo lekker. We buurten over en weer, hoe gaat het met de kinderen, komt Manon nog niet terug, vragen ze dan altijd. Dan zeg ik dat ze voorlopig nog niet terug komen, maar dat ik ook niet weet wanneer dan wel… Na een uurtje nemen we zwaaiend afscheid en hopelijk zien we elkaar in de zomer weer. Het zijn zo’n lieverds en goede vrienden geworden door de jaren heen.

En dan is het alweer vrijdag, de dag dat we mogen gaan eten bij Dirk en Machteld. Oooo wat verheug ik me daar op! Maar eerst moeten we nog langs de imker van Torvaj. Want vorige keer waren we met het vliegtuig en dan kun je niet veel mee terug nemen, en zeker geen honing. Daar baalde ik van want ik zat al een tijdje zonder lekkere acaciahoning, ik kocht hem hier ook wel, maar dat komt nog niet in de buurt van de zachte zoete honing die bij ons in Torvaj gemaakt wordt. Dus nu moesten er een paar potten gekocht worden bij Zoltan. Szilvia vraagt of ik binnen kom, maar het is zo lekker buiten dat ik liever op het stoepje in de zon op haar wacht. Nadat Szilvia de potten binnen heeft gevuld, zitten we nog ff op het stoepje te genieten en een beetje te buurten.



Omdat het ’s avonds toch nog afkoelt gaan we bij Dirk en Machteld lekker binnen zitten waar de houtkachel al gezellig brandt. Zo’n leuke kachel, je kunt de deurtjes open laten staan, zet er een speciaal vonkenscherm voor en dan lijkt het een open haard. Die gaat er in het huisje op de heuvel ook minstens eentje komen J  We zitten bij het raam en genieten van het uitzicht. Jeetje wat wonen zij toch mooi zeg! Dat uitzicht, echt geweldig. De avond vliegt voorbij met kletsen, eten en drinken. En als wij weer terug gaan naar het huisje op de heuvel, zeggen we tegen elkaar, wat was het toch gezellig he?

We tellen al weer af naar de volgende keer Torvaj, 

Groetjes, Marti






dinsdag 30 januari 2018

Een stormachtig begin van 2018

Ja hoor dat geluk hadden wij weer.
De hele morgen raasde er een storm van over Nederland, en nog niet zo’n kleintje ook! Het ging zo hard tekeer dat ons frietkotje zelfs een meter opgeschoven was. En die staat eigenlijk heel beschut in een hoekje bij het huis. Aan de zijkant van het huis vielen de stukken cement van het dak af. Mijn kippies bleven dicht bij elkaar staan tegen de schutting aan… Een storm die ongeveer eens in de 10 jaar voorkomt in Nederland. En juist op die dag zouden wij met het vliegtuig naar Hongarije gaan. Ik hield het journaal nauwlettend in de gaten en scheet ondertussen zeven kleuren stront. Dit was niet leuk meer. Maar er was beloofd dat ’s middags de storm zou gaan liggen en wij vlogen pas om 7 uur ’s avonds. Dus er was goede hoop dat onze vlucht wel gewoon door kon gaan. En inderdaad, wonder boven wonder klaarde het die middag op en konden we gewoon naar Eindhoven Airport vertrekken.
En we waren nog nooit zo snel in Budapest! Een uur en een kwartier had het vliegtuig erover gedaan! We hadden wind mee en de helft van de vlucht turbulentie.

En toen we de volgende morgen een rondje heuvel gingen doen zagen we dat onze buurvrouw weer goed in de weer was geweest. De lieverd had de Trabant helemaal ingepakt.  Met alles wat maar voorhanden was. In eerste instantie leek het een berg afval, maar het was toch écht de kisrakéta!



Verder zag alles er nog goed uit. Toch gek om te zien, de laatste keer dat wij hier waren, was het zo verdommes heet! Nu is het winter en de bomen zijn kaal. Is toch heel anders. En we zijn wel 4 maanden niet hier geweest, dat is echt keilang voor ons. Maar we vertrokken pas tegen eind september hier, ja dat gaat de herfstvakantie in oktober natuurlijk niet door. En in december komen we normaal gesproken ook nog hier, maar dit jaar kozen we ervoor om naar Zweden te gaan.

Deze dag 19 januari, was Mario voor de eerste keer in Hongarije jarig! Eindelijk, na 57 jaar kon hij zijn verjaardag in Torvaj vieren. Rond half elf kwam daar onze visite aan, gezellig! Ze hadden heerlijke cake, chocoladebollen en koekjes meegebracht voor de jarige job. 


Zelf hadden we ook nog een taartje gekocht de vorige avond in Budapest. En dankzij onze nieuwe houtkachel was het lekker warm in huis, dus we zaten lekker te meuten met zijn allen. ’s Avonds zijn we nog in Siófok bij Bella Italia gaan eten en toen was zijn verjaardag alweer voorbij.

Omdat het zaterdag zo’n lekker weer was, besloten we om toch maar met een klein klusje te beginnen. We zijn hier dan maar 4 hele dagen, maar niks doen, tja dat is ook weer zoiets. Maar het is te kort om binnen aan de slag te gaan, want dat zijn allemaal grote klussen. 


De zon scheen en het was heerlijk lenteachtig, ideaal weer om een houthok te gaan bouwen. We hadden nog goei hout liggen wat van de daken kwam. Van het eerste huis hadden we de nog goede originele palen uitgezocht. Die met houtworm erin gaan bij Margit in de kachel. Maar er waren er nog een stuk of 15 over die goed te hergebruiken zijn.


Hier zie je oude nummering van de palen nog.

Voor de achterkant konden we mooi de oude daklatten van het tweede huis gebruiken. Het is maar dat het een beetje afgesloten is en het kan er zo ook nog lekker doorwaaien.
Terwijl we zo bezig zijn, kan ik alleen maar denken, ik wil niet over een paar daagjes alweer weg. Ik wil langer blijven. En als ik het dan uitspreek tegen Mario, blijkt dat hij er precies zo over denkt. Maar het zal toch moeten, helaas…. Margit kwam nog even langs voor een bakkie koffie en we schrokken toch wel van haar. Ze heeft al 5 jaar klachten en onderzoeken gehad, maar het is nog steeds niet duidelijk wat ze nu mankeert. Wel is ze in korte tijd 14 kilo afgevallen, dus dat is zorgwekkend. Ze vertelde dat ze op de televisie had gezien dat in Nederland mensen met fiets en al van de weg af gewaaid waren. En daarbij moest ze hartelijk lachen, en wij natuurlijk ook. Ze vertelde dat ze zich ook zorgen had gemaakt over ons, omdat wij moesten gaan vliegen. Ja zelfs in Hongarije was de storm wereldnieuws.


Die zondag is het weer totaal anders, het waait koud en het is bewolkt. Brrr geen weer om aan het houthok verder te gaan. Want we bouwen het houthok, tussen de 2 huizen in, dat is gemakkelijk. Zo kunnen we er gemakkelijk bij, waar we ook wonen. Maar die plek ligt wat hoger dan de rest, dus op zo’n dag als vandaag waait het daar maar guur overheen. 



Dus besluiten we dat ik binnen wat ga rommelen en Mario gaat bij het 3e huis fikkie stoken. Ja joh, die stapel hout roept hem al zolang! Van de zomer had hij daar flink gesnoeid, maar toen mocht je niet stoken. Alhoewel… deze tuin grenst aan de tuin van het gemeentehuis en zo zagen wij dat ze van de zomer daar lekker fikkie aan het stoken waren. Pikzwarte rook nog wel! Maar voor de gewone burger gelden denk ik andere regels…
Maar nu mag het weer! Dus Mario is de komende uren onder de pannen, hahaha.

He, en dan is het alweer maandag, de laatste dag hier. Het is weer zo’n mooi weer, dus gaan we nog lekker ff buiten verder met het houthok. Is dit trouwens geen goed Nederlands woord? Ik krijg steeds het rode streepje onder het woord houthok. Zou het houtopslag heten in het Nederlands? Ik denk het wel, want het rode streepje is dan weg. Afijn wij gingen verder met het houthok. Latten bij elkaar scharrelen, want ze moeten lang genoeg zijn, geen houtworm of rot en het liefste een beetje recht.


Maar het lukt en we zijn al mooi een eindje op dreef als we tot onze schrik zien dat het al drie uur is! We moeten nog alles opruimen, de Trabant onder een zeil onderstoppen, water weer afsluiten, alles klaar maken voor vertrek etc. We vliegen morgenvroeg om 10 over 6, maar dat betekent dat we hier om 3 uur moeten vertrekken. Maar het is in Hongarije nu een half uurtje eerder donker als in Nederland, dus veel tijd hebben we niet meer. ’s Morgens trouwens wel een uur eerder licht als in Nederland, dus momenteel meer daglicht in Hongarije.

Zover zijn we gekomen, er moet nog een bodem in en een dak op.


Als afsluiting van deze laatste dag, gaan we richting Andocs om op verjaardag te gaan bij Ina en Martine. Daar zitten meerdere Hongaarse Nederlanders en het is er keigezellig!
Nog een laatste etentje bij Puli en dan is het toch echt gedaan.

Als we de volgende morgen terugvliegen is er gelukkig geen harde storm meer, maar toch nog wat turbulentie. Bah vind ik echt niet leuk!
Maar wat nog steeds zo adembenemend is, zijn de prachtige donswolken waar je overheen vliegt en dan die mooie opkomende zon.



Het was maar kort, maar het was o zo fijn om weer even in het huisje op de heuvel te zijn!


Groetjes,
Marti