donderdag 31 januari 2013

Een goed en een slecht begin van 2013


Hoewel er eerst nog wat twijfels waren,  hadden we besloten om de vlucht die we nog hadden staan toch maar te verzilveren. Want deze keer zouden onze kinderen en schoonkinderen ook komen. Wij vertrokken op dinsdag en de rest zou op vrijdag volgen. Hadden wij mooi de tijd om alles in orde te maken voor onze logés. Onze verbazing was dan ook groot toen Manon op vrijdagmiddag half 6 belde vanaf vliegveld Eindhoven. Lichtelijk in paniek zei ze: Menno mag niet mee met het vliegtuig. Hoezo, zei Mario. Hij is zijn ID kwijt, zei Manon. Wij alletwee zuchten van, echt een actie voor Menno. Maar hij wist zeker dat hij hem meegenomen had. Terwijl Menno zijn tas aan het binnenstebuiten keren was, groeide bij ons de paniek… Wij konden vanuit Hongarije niks voor hem doen, alleen maar hopen. Toen we naar een paar minuten weer terug belde, waren Manon, Bram en Marloes al door de douane. Ze moesten nu echt gaan boarden. Maar Menno mocht niet mee, zijn ID was nog steeds spoorloos. Jeetje ik had zo met hem te doen! En hij snapte er ook niks van, hij had nog zo opgelet dat hij alles bij zich had. Maar helaas zijn vriendin ging de lucht in, en hij stond daar moederziel alleen. Hij is nog in de auto gaan zoeken, maar ook daar lag geen ID met zijn foto erop. Zijn schoonouders hebben hem toen opgehaald en hebben zich over hem ontfermd. Hij is dan wel 20 jaar, maar als moeder ben je dan ontzettend dankbaar dat er iemand is die hem in zo’n situatie opvangt. Hij heeft daar mee gegeten en naderhand hebben ze hem thuis afgezet. Toen hij de voordeur open deed, zag hij meteen zijn ID in de gang op de grond liggen…… Gelukkig was er de volgende middag weer een vlucht naar Budapest en die heeft hij toen genomen. En toen hij er dan eindelijk was, waren we compleet en hebben echt een heerlijke tijd gehad! 

We hebben eerst 2 dagen in Torvaj doorgebracht. Bram was nog nooit in Torvaj geweest en we wilden hem toch heel graag laten zien waar wij onze vrije tijd doorbrengen en waar wij ons zo gelukkig voelen…. Dus zijn we begonnen met een wandeling door Torvaj. Toen we bij Ferry aankwamen, zagen we een dun straaltje bloed over de straat sijpelen. Ferry zag ons voorbijkomen en riep ons, we moesten komen kijken wat hij aan het doen was. Er was die morgen een varken geslacht en ze waren het vlees aan het bereiden. 


Er stond een schaal vol met vlees en een grote bak met gehakt. In de grote kookpot was hij de ingewanden aan het koken, maar er dreven ook oren en poten in… 


Met een houten lepel viste hij er de lever uit en sneed er voor ons een stukje af. Trots bood hij dat aan ons aan. We keken elkaar aan, wie zou het aandurven? Maar aangezien wij allemaal geen lever lusten, sloegen wij zijn aanbod toch maar af. In de stal stonden nog 3 varkens waarvan de ene de naam februari had, waarom kun je wel raden.....

Het was gaan sneeuwen en kinderen vinden niks leuker dan sneeuw, hoe groot ze dan ook zijn, dat maakt niks uit! Wij hadden in december toen we met de auto naar Hongarije waren, al een slee meegenomen. En daar werd nu dankbaar gebruik van gemaakt. En dan weet je wat er nou weer leuk aan is om op een heuvel te wonen J




Na 2 dagen zijn we naar Budapest gegaan en hebben de toerist uitgehangen.  


We zijn met een Hop-on-hop-off bus door de stad gereden en hebben zo de meeste toeristische trekpleisters gezien. 




Voor ons niks nieuws, ik kom vaker in Budapest dan in Eindhoven, maar ik vond het toch wel leuk om Budapest in de sneeuw op deze manier te bezichtigen. En het is natuurlijk heel gemakkelijk zo. We hadden ook een lekker hotel, midden in de stad voor 10 euro p.p.p.n. Ideaal hoor, als ik ooit nog in Budapest ga logeren, ga ik gewoon terug naar dit hotel. Gewoon een goed bed, tv, airco, douche en toilet. Meer heb je niet nodig, toch? Maar het mooiste van alles was wel de binnenplaats. Dat verwacht je toch niet, als je door de voordeur naar binnen gaat, de trap op, en dan kom je in een grote ruimte waar de sneeuw zo op je snoet valt! Prachtig vond ik het, mooie oude statige deuren, een gammel rood liftje, en een mooie oude stenen vloer.


Maar ook hier in Budapest genoot de jeugd van de sneeuw. Ik vond het vooral prachtig om mooie plaatjes te schieten. 




Na 2 dagen vlogen we ’s morgens om 6 uur weer terug richting Eindhoven. En ook daar lag nu sneeuw. Al met al hebben we echt een heerlijke tijd gehad en er zeker geen spijt van gehad dat we alweer naar Hongarije zijn geweest. Alhoewel, toen in de eerstvolgende morgen wakker werd, moest ik eerst even rondkijken in welke huis ik was. O ik ben nu in Rooi, dacht ik. Volgens mij is het dan even tijd voor een pas op de plaats…..

Het slechte nieuws is dat afgelopen weekend mijn lieve schoonmoeder is overleden. Ze is 85 jaar geworden. We zullen haar ontzettend missen! Maar tegelijkertijd zijn we ons terdege bewust dat het goed is. Ze was op, haar lichaam wilde niet meer. En gelukkig is haar een lange lijdensweg bespaard gebleven. 2 dagen voor haar overlijden hebben we samen nog alle foto’s van onze laatste reis naar Hongarije zitten kijken. Ze heeft hard gelachen om de filmpjes van onze kinderen op de slee. Genoten heeft van de mooie foto’s van Torvaj in de sneeuw. Deze momenten met haar hebben nu een gouden randje gekregen. Wat zou ze graag ons huisje op de heuvel in het echt gezien hebben, maar helaas was dit vanwege haar gezondheid onmogelijk. Het was een lief optimistisch mens, die nooit kwaad sprak over andere mensen. Ik weet zeker dat ze een mooi plekje in de hemel heeft gekregen!

Groetjes,
Marti

zondag 23 december 2012

Het huisje op de witte heuvel

Wat waren we toch een bofferds, want we konden nóg een keer naar Hongarije toe.  Het ene jaar kun je wat minder vaak, maar dit was een jaar waarin we lekker veel richting het zuidoosten konden afreizen. Dit was een goed jaar. Omdat we weer een aanhanger vol hadden, gingen we deze keer met de auto. De winterbanden werden onder de auto gedaan en we kochten sneeuwkettingen. Wij waren er helemaal klaar voor. En gelukkig hadden we net over de Duitse grens al de eerste sneeuw, dus alle moeite was niet voor niks geweest J


Het was een mooie reis die goed verliep en hoe verder we richting ons huisje kwamen hoe witter de wereld werd. Dit was voor ons de eerste keer dat wij in de winter in Hongarije waren, maar zeker niet de laatste keer. We weten nu zeker dat Hongarije het hele jaar rond gewoon mooi is!


Toen wij in Torvaj aankwamen werden we blij verrast met een verlichte kerstboom en een grote kerststal, onder aan onze weg. Wat leuk zeg! Dat ze die moeite doen in zo’n klein dorpje.


Omdat de aanhanger zo zwaar en vol was én omdat er sneeuw lag, konden wij die never nooit niet met onze auto naar boven trekken. En wat doe je in zo’n geval; je gaat naar de kroegbaas. Want Ferry heeft naast zijn kroeg ook een hoop land en een stevige tractor. Maar Mario viel met zijn neus in de boter, want hij had nèt die dag zijn naamdag. Dus Mario moest even de huiskamer inkomen, waar zijn vrienden zaten. En je komt dan niet weg zonder mee geproost te hebben. Dus die dag kon Ferry niet, de volgende dag pas. Maar niet ’s morgens want dan moest hij met de burgemeester ergens naar toe. Hij kon pas om 11 uur. Ja voor ons is dat nog morgen, maar een Hongaar heeft er dan al een halve dag opzitten….. Maar hij kwam en het klusje was zo geklaard!

Wij waren nog nooit in de winter hier omdat we dan het toiletgebouw niet kunnen aansluiten op het water. Want dat loopt nog door een tuinslang daar naartoe. Dus moesten we ons in het huis weer zien te redden. En dat lukte goed hoor. We hadden het camping wc-tje weer neergezet en een tafel in de andere kamer was onze wasruimte.


Het lampet set was onze wastafel met kraan. En de Tupperware emmer was onze wasmachine. Het koude water hadden we in pannen op de kachel staan, zodat we ook warm water hadden. De was droogde ik bij voorkeur ook boven de kachel.  


Iedere keer als ik buiten water ging halen genoot ik van het uitzicht. Dit voelde steeds als een beloning, zo mooi was het. 


De besneeuwde heuvels, de verlichte kerstboom en de rust die dit alles uitstraalt.



We hadden wel geluk trouwens, want de nieuwe weg naar het Balatonmeer was nu officieel geopend! Hij was al sinds de zomer klaar, maar het openen werd steeds maar uitgesteld. Milieu organisaties waren er op tegen. Ergens wel begrijpelijk want de weg loop dwars door de mooie natuur. In het begin kon je dat wel merken ook, want er staken steeds reeën de weg over. We reden gewoon door hun leefgebied! Maar de weg lag er al, dus het kwaad was al geschied. Maar voor ons is het wel een uitkomst, we zijn nu in 15-20 minuten in Siófok, terwijl dat eerst 45 minuten was. Plus daar komt nog bij, als wij Torvaj uitrijden en we gaan rechtsaf richting het meer, dan hebben we een prachtig zicht over het meer.


En dat meer was trouwens bijna helemaal dicht gevroren, iets wat wij ook nog nooit gezien hadden. 



Vreemd gezicht, het leek wel of er golven vastgevroren waren. 



Alleen helemaal in het midden waren er nog vogels aan het zwemmen. Vreemd wel dat er niemand aan het schaatsen was….


Het centrum van Siófok zag er ook heel sfeervol uit. Er was een kerstmarkt en de 100 jaar oude watertoren was heel mooi verlicht. Het was erg koud en dat verklaard dan ook meteen waarom het bij de Pálinka kraampjes het drukst was J


Dus wassen en plassen konden we gewoon in ons huisje, maar voor een grote scrubbeurt moesten we toch om de paar dagen uitwijken naar een openbare wasgelegenheid, een zwembad wel te verstaan. Dus de eerste keer gingen we naar Tab, lekker dichtbij. Makkelijk dichtbij en niet geheel onbelangrijk, goedkoop. Nou en daar was dan ook alles mee gezegd. Het grote bad was afgesloten want daar was zwemles, dus moesten we in het kleine badje. Het water was zo koud, dat ik mezelf amper kon bewegen en ook nog kramp kreeg notabene! Na een kwartiertje hield ik het voor gezien en ging datgene doen waarvoor ik was gekomen: douchen. En eerlijk is eerlijk, de douche was wel lekker hoor. Lekker warm en ik had het rijk alleen. Als herboren gingen we weer naar huis. We zijn ook in Siófok wezen badderen en dat was echt heel fijn. Lekker warme thermaalbaden, gewoon zwembad, bubbelbad en je kon ook nog buiten zwemmen. Leuk joh, het vroor en het was donker. Paarsblauwe verlichting en die stoom die je dan ziet. Ja dat was genieten. Op zondag zijn we naar Kaposvár geweest, ook om te zwemmen. Ja en dat zoals verwacht ook super. We kenden het Virágfurdö alleen van het prachtige buitenbad in de zomer. Maar dit was ook echt fijn. Thermaalbaden, sauna’s, bubbelbaden, buitenbad, het was er allemaal. En ook lekker warme douches. Maar natuurlijk begonnen we Kaposvár met de markt. Waar in Nederland de vlooienmarkten zich in de winter verplaatsen naar grote hallen, blijven ze hier het hele jaar door buiten. Weer of geen weer, er staan gewoon dezelfde mensen als in de zomer. Toen wij er in de zomer waren met mijn broer was het zo heet, dat ik er akelig van werd. Nu was het eigenlijk te koud. Maar ik heb toch weer wat mooie schatten kunnen scoren. Op de gewone markt was het heel druk bij de snoepkramen. Nou zijn de Hongaren van nature al grote snoepkonten, maar nu was het echt heel opvallend druk. En nou hadden wij ze bij de Tesco ook al zien liggen: Szaloncukor, kerstsnoepjes. 


Een soort van fondant bedekt met chocolade. En allemaal mooi verpakt in fel gekleurde papiertjes. Een kerst is in Hongarije niet compleet zonder die snoepjes. Dus hebben wij ze ook gekocht in verschillende smaken. Ik vind ze niet zo heel lekker, maar het ziet er zo mooi uit!
En toen kwam daar de uitnodiging van de burgemeester, om op vrijdagavond 21 december naar de kerststal te komen. Er zou wat te eten zijn en zelfs warme wijn! Maar dit aanbod moesten wij helaas afslaan, we hadden beloofd om met de kerst weer in NL te zijn. En het was ook goed zo, we hebben een paar fijne weken gehad. 




Wij kwamen aan in een wit Torvaj en vertrokken uit een groen Torvaj. Wij hebben er een mooie herinnering bij. Rest mij nog om jullie allemaal hele fijne kerstdagen en het allerbeste voor het nieuwe jaar te wensen!


Oja omdat ik toch tijd genoeg had tijdens de autorit, heb ik wat foto’s zitten bewerken. Daarom deze keer alleen bewerkte foto’s, gewoon omdat ik het leuk vind. Ik heb ze wel gewoon zelf gemaakt.

Groetjes, Marti





donderdag 29 november 2012

Dubbel genieten in Hongarije


Dubbel genieten in Hongarije

We zouden in oktober voor een weekje naar Hongarije gaan. Maar het was zo fijn om daar te zijn, en het was zooooo moeilijk om na een week de deuren weer te sluiten…..


Het landschap was gehuld in de meest prachtige kleuren, de zon scheen uitbundig. Het gras wat we in de zomer ingezaaid hadden, was nog uitgekomen ook! Een mooi groen tapijt bedekt met ochtenddauw. Je zou er zo met je blote voeten in willen stappen, ware het niet dat ik als de dood ben voor spinnen. En die zitten er, hele grote! De bruidssluier van Manfred hangt te glanzen in de zon. Zucht wat is het hier mooi….


De vloer in het gastenverblijf is tijdens onze afwezigheid gestort. Dus kunnen wij mooi verder met het zetten van een nieuwe muur. Dit doen we in fases, iedere dag een beetje metselen. 


Er moeten bogen gemetseld worden, iets wat we nog nooit gedaan hebben. Maar nadat we een mooi houten systeempje in elkaar getimmerd hebben, gaat ook dat lukken. 


We zijn er gewoon een beetje trots op dat wij dat toch maar mooi doen… Dit is het leven, samen op de heuvel een beetje keuvelen. Een beetje klussen, een beetje relaxen. Maar we krijgen ook regelmatig bezoek, en ook dat vinden we heerlijk. János komt regelmatig even langs, hij helpt ons met veel praktische zaken. 


Hij woont aan het einde van onze straat, langs het kerkhof. Geboren in Budapest en op zijn 12e verhuisd naar Duitsland. Daar heeft hij zijn verdere leven doorgebracht, hij is er getrouwd en zijn kinderen zijn daar opgegroeid. Op een gegeven moment is hij met zijn vrouw teruggegaan naar Hongarije, naar Torvaj wel te verstaan. Dus hij spreekt perfect Duits en Hongaars. Tel daarbij op dat het een heel lieve man is, die tijd genoeg heeft en ons heel graag helpt. Dus je begrijpt wel dat hij voor ons heel waardevol is! Plus hij kent heel veel mensen uit de omgeving en weet zodoende waar het beste naartoe kunt als je een goeie timmerman nodig hebt. Hij was ook degene die met de man op de proppen kwam die het aandurfde om onze kelder op te knappen. Helaas vinden wij dat op dit moment te duur voor ons. En dat zit die man nog steeds niet lekker. Hij vind het jammer, want hij vind onze kelder zo uniek en zo mooi. Dus op een gegeven moment krijgen wij de uitnodiging om naar zijn wijnkelder te komen kijken. János komt ons ophalen met zijn Mercedes en op het dooie gemakje tuffen we naar een dorpje verderop ons daar de man op te halen. Met zijn 4-en rijden we het dorp uit en de bossen in. Als we bij een open vlakte aankomen zien we allemaal kleine huisjes staan. Het blijken allemaal wijnkelders te zijn. Het ene nog mooier dan het andere. Als we de man zijn huisje binnen stappen is het eerste wat Mario zegt: Dit wil ik ook, een mannenhuis! Het huisje is net zo groot als on toekomstige gastenverblijf. In een hoek staat een klein keukenblokje, langs de muur staat een kachel. Maar in het midden van de ruimte staat een grote lange tafel. Aan weerszijden staan houten bankjes. 


Het ziet er zo gezellig uit! Maar het meest aandacht trekkende is toch wel de dubbele deur die open staat. Want daar is het grote pronkstuk, de wijnkelder. Mooie houten en iets minder mooie RVS wijnvaten sieren de ruimte. In de nissen achterin liggen wijnflessen. 



Hij vertelt trots dat hij de wijn allemaal zelf maakt. We mogen proeven. Maar dan heeft hij aan mij een slechte, want ik houd alleen van heel zoete wijn. Oké ik krijg een glaasje fehér édes aangeboden. Getver, ik vind het niet lekker, maar dat laat ik niet merken. Het lukt met moeite om mijn gezicht in de plooi te houden. Ik houdt eigenlijk van mierzoete wijn met bubbels, limonade dus want ik drink ook geen alcohol. Mario vind de wijn wel lekker, zegt ie. Ik maak wat foto’s en Mario zegt dat ik vooral een foto moet maken van de kandelaars die in de muren steken. 


Want die wil hij dan ook, als hij zo’n mannenhuis met kelder heeft J. Nadat we een flesje wijn hebben gekregen om mee naar huis te nemen, krijgen we ook nog een rondleiding . Goh wat ziet het er leuk uit zeg! Zo gezellig. Op de terugweg ben ik aan het denken. Ik snap nu wel dat de man het zonde vind dat wij niks aan onze kelder doen. En dan is onze kelder nog 3 keer zo groot als die van hem… Is het eigenlijk raar om een wijnkelder te willen ook al lust je geen wijn? Nee toch?

We hebben ook bezoek van Eric en Nicole, vrienden van ons. Zij zouden 4 dagen naar Budapest gaan. Maar gelukkig ze konden de verleiding toch niet weerstaan om ons te verblijden met een bezoekje. Het was al een week heerlijk weer, maar laat het nou net die dag heel slecht zijn. Regen en harde wind… Als ze bij ons aankomen hebben ze het koud, maar gelukkig staat bij ons de tegelkachel al lekker te branden en kan Eric zijn voetjes lekker opwarmen aan de warme tegels. 


Als we boterhammen gegeten hebben, gaan we ons mooie Torvaj aan hun tonen. Maar dat gaat niet zo snel, want overal moeten we even buurten. Als we bij Ferry onze kroegbaas aankomen, blijven Eric en ik staan luisteren. Hij is mais aan het malen en dat hoort Eric meteen, niet gek voor een boerenzoon J Als Ferry ons voor het hek ziet staan, wenkt hij dat we dichterbij moeten komen. Mario en Nicole zijn al doorgelopen. Wij willen dat wel eens zien. Het eerste wat mij natuurlijk opvalt zijn de kippen.


Heerlijk zoals die hier lopen te scharrelen. Maar de herrie overheerst toch wel en ook ik ga kijken bij Ferry. Hij houdt een grote zak onder een maalmachine. Bovenin gaan de maiskolven en als die gemalen zijn, valt het maïsmeel in de grote zak. Ik vraag wat hij daar mee doet. Voor de dieren zegt hij. Kom maar eens kijken naar de dieren.  We komen bij een hok wat vreselijk stinkt, hier staan de varkens. Wat een grote dieren zeg! Ondertussen probeert het kefjoekeltje wat er ook rondloopt, mijn broek te ruïneren. Hij krabt steeds met zijn scherpe nageltjes over mijn benen. Op een gegeven moment  vind ik het genoeg en geef hem een zacht doch dringend duwtje. Er komt een lief oud dametje aan het geeft ons een hand. Het is de moeder van Ferry. Ze begint volop tegen ons te kletsen, en gelukkig versta ik het meeste ook. Op een gegeven moment worden wij toch een beetje ongeduldig, want Nicole en Mario zijn allang thuis. Dus nadat we alles bewonderd hebben lopen we het poortje weer uit en gaan weer verder. Ik zeg tegen Eric dat dit veel tijd kostte, hij kijkt me aan en zegt: nee, dit ís tijd. Hier draait het om, dit is belangrijk. Ik val even stil, en moet hem gelijk geven. Dit zijn gouden momentjes… We sluiten deze heerlijk dag af in Siófok, waar we hun eerst vol trots ons mooie Balatonmeer laten zien. Nicole is verbaasd dat het zo groot is. Maar als je bij de haven in Siófok staat, kun je maar een kwart van het meer zien, kun je nagaan hoe groot het hele meer is. 


Het is koud want het waait stevig, maar toch krijgen ze er een goede indruk van. We gaan ook nog even een kijkje nemen in het mooie oude treinstation. We zijn heel verbaasd als we zien dat een oude man geholpen word met oversteken. Over de rails dus. Normaal gesproken moet je in een tunneltje onder het spoor door. Maar omdat de man met een rollator loopt en dus niet over de trappen naar beneden en weer naar boven kan, mag hij zo oversteken. De conducteur die de man helpt zwaait ondertussen met een lampje naar de trein die langzaam nadert. Effe wachten, seint hij, want dit gaat niet zo snel. 


Bizar om te zien, maar uiteindelijk staat de oude man veilig aan de overkant en kan de trein weer verder rijden. Als we nog een hapje gegeten hebben zwaaien we onze vrienden uit en is deze leuk dag weer ten einde. Maar niet nadat we gevraagd hebben of ze morgen tegen de piloot willen zeggen dat wij niet mee naar huis gaan. We hebben besloten om er nog een weekje aan te plakken. Dus een nieuwe vlucht geboekt en nog een weekje genieten!

En dat hebben we zeker gedaan, want het weer werd steeds beter. Toen we op vrijdag met onze vrienden Han en Palinka naar Siófok gingen om te winkelen was het zo’n  prachtig weer, dat ik de driekwarts broek weer tevoorschijn gehaald had. 
Een lange broek was gewoon te warm! En op zondag zijn we nog naar Pécs geweest en toen was het zelfs 25 graden in het zonnetje. We gingen eerst naar de grote markt en naderhand nog even de stad in. 


Ik was alweer vergeten hoe mooi die stad is. Is ook al zeker zo’n 12 jaar geleden dat we daar voor het laatste waren.






We hebben ons vergaapt in de oude St. Petrus dom, door de mooie straatjes geslenterd en een lekker ijsje gegeten op het Széchenyi plein. 


We zien dat de hekken met liefdessloten er ook nog steeds zijn, maar die waren 12 jaar geleden ook al vol. Dus ik denk dat ze die regelmatig leegmaken. 



Is lekker als je daar ijzerboer bent.
Ja en dan moeten we toch echt terug naar Nederland. Maar ik wil niet. Ik wil nog blijven. Het leven is hier zoveel rustiger en relaxter…. Maar het zal toch echt moeten. Op naar de volgende keer!

Groetjes, Marti





zondag 28 oktober 2012

Naar de kapper


Ik heb al jaren dezelfde kapper in Nederland, tot volle tevredenheid overigens. Maar aangezien wij steeds vaker in Hongarije vertoeven, komt het wel eens voor dat ik in de spiegel kijk en denkt, oeps daar moet eigenlijk een verfbeurt aan te pas komen.... Voorheen liep ik dan gerust de rest van de vakantie voor joker met een grijze scheiding. Als ik thuis dan foto's zag van mijn hoofd, schrok ik daar toch van. Ik weet wel dat je in Hongarije eigenlijk niet gauw voor joker loopt, maar ik vond dat toch niet echt leuk hoor. Dus besloot ik om maar eens de stap te wagen en in Hongarije naar de kapper te gaan. Dus wij op zoek. De eerste kapper zat de eerst komende 2 weken helemaal vol. Ja en dan zouden wij al weer in NL zijn. Dus op naar de volgende. Een aardige mevrouw van middelbare leeftijd stond ons vriendelijk te woord. Ik zei dat ik mijn uitgroei wilde laten bijverven. Dat kon, geen probleem, ga maar zitten. Maar nee, zei ik, ma nem. Vandaag niet. Dus vroeg ik of het op zaterdag kon. Dat kon, wist ze zo uit haar hoofd, om acht uur 's morgens.
Dus op zaterdagmorgen ben ik om 8 uur weer terug in de kapsalon. Ik zie de aardige mevrouw niet, maar een andere aardige mevrouw komt naar mij toe en kijkt me vragend aan. pfff nu moet ik weer in het Hongaars uitleggen dan ik mijn uitgroei wil laten bijverven. Gelukkig begrijpt ze me, maar ze vraagt voor de zekerheid even of ik ook geknipt wil worden. Nee, nee dat niet. Eerst maar eens kijken hoe dit bevalt. Ik moet nog even wachten want de enige stoel voor de spiegel is bezet. Ik neem plaats op een andere stoel en zie dat er tegenover mij een mevrouw zit die al verf in haar haren heeft. Even later komt haar man binnen en die begint tegen haar te praten en die vrouw pakt haar boodschappenmandje en gaat met haar man mee naar buiten. Met de verf in haar haren! Dat zou in NL toch niemand in zijn hoofd halen! Terwijl je kop vol met verf zit, even naar de AH om boodschappen te gaan doen...
Oké, ik mag plaatsnemen in de stoel die voor de spiegel staat. Ze kijkt op mijn scheiding, en voelt aan mijn haar. Sok, sok, zei ze. Ja veel haar, ik weet het. Ze pakt een tubetje verf uit een bakje. Ze doet wat van de verf in een schaaltje en doet er nog uit een grote fles bij en begint te roeren. Huh? Zal dat wel goed gaan? In NL zit mijn kleur in de computer. En dan heb ik nog highlights. Die hebben weer een andere kleur. Maar een computer, die is deze kapsalon niet rijk... Gestaag begint ze mijn haar te verven. Het lijkt wel of ze met een grote blokwitter aan de gang is. Ze begint een praatje met mij en vraagt waar ik woon. In Torvaj, zeg ik. In welk huis dan? Ik noem de naam van onze vorige bewoners.Oo die kent ze wel. Ze vraagt hoeveel kinderen ik heb, en of ze ook wel eens naar Torvaj komen. Afijn eigenlijk hetzelfde als in NL bij de kapper. Maar daar houdt elke vergelijking dan ook op....Terwijl ze met mijn haar bezig is, zie ik de prijslijst hangen. Een afgescheurd papiertje wat achter de spiegel is gestoken. Ik zie dat ze ook iets voor 200 forint doen. Maar ik kan niet ontcijferen wat dat is. Ook staat er een soort campinggasbrander met een ijzeren tang erop. Wat zouden ze daar toch mee doen? Als de verf in mijn haar zit, mag ik plaatsnemen op een andere stoel. De verf moet nu intrekken. Er hangt een droogkap boven die stoel. Maar ik hoef niet onder die droogkap en kan niet rechtop zitten. De kapster heeft denk ik even niks te doen. Ze pakt wat roddelbladen en gaat op de beste plaats zitten, recht voor de spiegel. Ze begint op haar dooie gemak de tijdschriften te lezen. Ik pak mijn NL tijdschrift uit mijn tas en probeer ook wat te lezen. Ik begin rugpijn te krijgen en probeer mijn rug wat te rekken. Bots, tegen de droogkap. Aan de rechterkant zit een oudere dame onder de droogkap te suffen. Ik glimlach tegen haar en kijk op mijn gemak eens rond. Ik zie geen wasbak of zoiets. Ze zullen hier de verf toch wel uit je halen spoelen? Of moet je dat thuis doen? In de hoek van de kapsalon staat een oude houtkachel. Ervoor staat een houten droogrek, met een bonte verzameling handdoeken die hangen te drogen. Boven de speigel hangen plastic bloemen en daarboven hangt een diploma. Voor de spiegel staan de houten föhnborstels gebroederlijk bij elkaar in een bakje. Bij mijn buurvrouw stond hetzelfde bakje in de keuken met lepels er in. In de borstels zitten allemaal haren. En ik bedenk me: als 1 mevrouw hier hoofdluis heeft, krijg ik het nu ook.... Na dik een uur gaat voor de eerste keer de telefoon. De kapster komt uit haar stoel en loopt naar de telefoon. Als ze daar klaar mee is, loopt ze naar de mevrouw onder de droogkap. Ze begint tegen haar te praten en wijst naar mij. Dan komt ze mij halen en ik wordt voorgesteld aan de mevrouw. Het blijkt dat zij altijd bij ons in de straat heeft gewoond en haar huis een tijdje geleden heeft verkocht. Dan weet ik ineens wie deze mevrouw is. Ik vraag haar waar ze nu woont? Hier tegenover zegt ze, en ze wijst naar een appartementencomplex aan de overkant van de straat. Leuk zeg ik. wil je het zien, vraagt ze? Ja daar sta je dan met je goeie gedrag. Nee nu niet, zeg ik, terwijl ik naar mijn haren wijs. Waarom niet , vraagt zij weer. Ik wijs nogmaals naar mijn haren en zeg dat ik zo dus echt niet de straat opga. Ze haalt haar schouders op, en ik zie dat ze het maar een rotsmoes vindt... Dan verlost de kapster mij uit deze netelige situatie en ik wordt meegeloodst maar een soort van pashokje achter een gordijn. Ahaaa daar staat de wasbak. ik ga achterover liggen en ga genieten. Want dit is het moment dat ik altijd het meeste geniet van een bezoekje aan de kapper. Nu wordt mijn hoofd gemasseerd. Ik schrik me een hoedje als ze begint te wassen. Ik wordt gewoon schoon gescrobd. Nog wat crèmespoeling er in en gelukkig houd het op. Als ik weer voor de spiegel zit vraagt of ze mijn haar moet föhnen. Ik denk aan de borstels in het bakje en twijfel. Maarja om met een druipnatte kop weer de straat op te gaan... Dus ik zeg dat ze het mag föhnen. Lok voor lok worden ze met grote precisie droog geblazen. Ik zie mijn haar gladder en rechter worden. Dat ben ik niet gewend hoor. Ik doe altijd maar wat. Ik ga voorover hangen en blazen maar, er komt geen kam of borstel aan te pas. Maar nu ben ik een gekapte mevrouw. Ze legt de föhn neer, kijkt op mijn hoofd, en roept verrukt: het is de Goeie kleur!! Wat een opluchting zeg! Het was een anderhalf uur durend bezoek vol verrassingen, maar de grootste verrassing was wel toen ik het hand geschreven bonnetje kreeg. Ik moest 3000 forint betalen, omgerekend zo'n 10 euro! Kijk en dat maakt alles weer goed. Alleen knippen dat laat ik voorlopig alleen bij mij vaste kapper in NL doen.


Groetjes,
Marti

zondag 23 september 2012

Met de meisjes naar Hongarije.


Na jarenlang mijn verhalen aangehoord te hebben over ons huisje op de heuvel, was het dan nu eindelijk zo ver! Ik ben samen met mijn badminton vriendinnen een lang weekend naar Torvaj geweest! En ik heb nog nooit zoveel gelachen in 4 dagen tijd. En al waren we allemaal 40 en 50 plussers, dit weekend waren we gewoon 25 jaar jonger…. Echt om niks hebben we al gelachen, gegiebeld en geproest. Je kent dat wel, je kijkt elkaar aan en huppakee daar begon het weer…..  Het was maar goed dat er geen mannen bij waren, die zouden doodziek van ons geworden zijn.
Na een goede vlucht en nadat we de huurauto in ontvangst hebben genomen, gaan we op weg. Alleen de weg die we rijden herken ik totaal niet…. Nou wil dat niet zoveel zeggen, want als ik een film 3 keer heb gezien, is ie de 4e keer nog steeds nieuw voor mij… Het is in ieder geval een andere snelweg als waar wij normaal gesproken rijden. De rit duurt wel wat langer, maar och we zijn er gekomen. We hebben wel wat honger gekregen en besluiten de snelweg af te gaan, nadat we een mooi bord langs de weg hebben zien staan. En je zult het niet geloven, maar we rijden meteen goed!


Het is een prachtige locatie en nadat we lekker geluncht hebben gaan we verder op weg naar Torvaj. De eerste grote giebelbui is al achter de rug. 


Leg een paar sokken achter de auto neer, en onze fantasie slaat op hol en we komen niet meer bij van het lachen. Bij de Tesco nog even wat wijn, brood, wijn, water, wijn, sapjes en wijn kopen.


En dan komen we dan toch eindelijk aan in Torvaj. De aaahs een ooohs klinken door de met dames volgepropte auto. Volgens mij vinden ze het wel leuk, of misschien vinden ze het nogal  heftig. Wantja op 1 na, voor iedereen is het de eerste keer in Hongarije… Afijn het gras is nog droger dan in de zomer en het zwembad zit vol met groene drab, het lijkt wel een grote pan erwtensoep. Wij zullen hier dit weekend  niet gaan zwemmen. Margit, die lieverd heeft de ramen al openstaan zodat het niet zo muf ruikt als je binnenkomt. Ik ga mijn denkbeeldige lijst eens uitvoeren. Eerst kijken of we stroom hebben. Yes, dat werkt nog. Dan de stekkers in de stopcontacten zodat de waterpomp ook aangezet kan worden. Het is al lekker warm en de meisjes hebben de tuintafel en de stoelen al buiten gezet, dus besluiten we om eerst maar eens te proosten.  Egészségére dat we maar veel plezier mogen beleven!  


Oké dan toch maar even kijken of de pomp het ook doet, nee dus. Maar dat had ik al verwacht en ik heb precies opgeschreven wat ik dan moet doen. Rode knopje indrukken en dan moet ie het doen. Jaaaaa hij doet het! Pff daar komen we goed mee weg. Nu kunnen we gaan inhuizen. Dat betekent koelkast inruimen, koffertjes uitpakken en met de stofzuiger rondgaan om spinnen te vangen. Terwijl wij lekker in het huis aan het rommelen zijn, roept Els: Marti er klonk een ploffend geluid uit dat gat waar de pomp in staan. Moet dat? Het dringt niet echt tot mij door tot ze weer roept: er kwam water boven uit dat gat. Oei dat is normaal nooit, dus ik loop naar buiten. En inderdaad er liggen waterdruppels op de deksel. Ik kijk Els aan en we krijgen de slappe lach… Na een paar minuten doe ik de deksel omhoog en zie dat de slang losgeschoten is!  Nou hebben we dus geen water meer. Die slang moet weer vast. Maar dat lukt ons dus niet. We kunnen niet hard genoeg drukken en daardoor blijft er water langs sijpelen en komt er niet genoeg druk op de pomp. Ik bel Mario, ja ik weet het nu niet meer, dit stond niet op het lijstje! Mario snapt er niks van, dit is nog nooit gebeurd. Hij zegt dat we het vast moeten drukken. Dat lukt dus niet. Harder drukken, zegt hij. Ja dat snappen wij ook nog wel, maar dat lukt ons niet. Ik zal hoe dan ook het gat in moeten om harder te kunnen drukken. Maar ik ben nogal een schijterd en ben bang dat ik dat gat niet meer uitkom…. Dan is daar Hennie, onze reddende engel. Zij durft dat gat wel in, stoere Hennie! Maar dan komt toch weer de vrouw in haar naar boven, en zegt: dan word mijn broek wel vies. Hahaha ja dat gaat een witte broek niet overleven. Ik pak een werkbroek van Mario en die doet ze aan, een paar slippers van Mario en ze is er klaar voor. Ik pak de trechters en de steeksleutels die Mario al klaar heeft gelegd, voor het geval we het nodig zouden hebben…..Als een jonge hinde springt Hennie in het gat. 


Ik haal mijn lijstje erbij en kijk wat de eerste stap is. De slang moet er weer af en nog een ander dopje ook. Trechter in het grote gat, water erin gieten tot het uit het andere gaatje komt. Dan het gaatje weer dicht schroeven en water in het grote gat gieten tot ie vol zit. Dan de slang weer aankoppelen en nu maar hopen dat het wel werkt. Nee dus, hij blijft water sijpelen… dus nog niet genoeg druk. Er is iets mis met die koppeling, maar dat kunnen wij dus niet maken. Dit alles onder het toeziend oog van Janny en Nancy. 


Els maakt de foto’s, ook heel belangrijk! We gaan even zitten voor overleg. We besluiten dat we deze pomp niet kunnen gebruiken, dat betekent niet kunnen douchen. De dieptepomp werkt gelukkig wel gewoon, dus we zitten niet zonder water! We sluiten deze eerste dag af bij de Puli. Waar de meisjes heel stoer allemaal een pálinka bestellen. Ik niet, ik weet hoe het smaakt J Ze zijn het erover eens dat het heel sterk spul is, maar ze drinken keurig hun glaasje leeg. Als ons buikjes gevuld zijn keren we moe maar voldaan terug naar Torvaj en ook snel naar bed.
De volgende morgen schijnt het zonnetje heerlijk en we kunnen lekker buiten ontbijten, wat is dit toch genieten!


Nadat de afwas gedaan is pakken we onze zwemtassen in en vertrekken naar Tamási. We gaan lekker naar het Termálfürdö om te ontspannen. Want dat hebben we echt nodig, na dat harde werken gisteren aan de pomp. Bij het zwembad aangekomen is het heerlijk rustig, wat een verschil met een paar weken geleden toen het nog hoogseizoen was. We hebben alle ruimte in de thermaalbaden, de buitenbaden en de sauna’s.


De meisjes hebben voor de eerste keer een Lángos gegeten. Wat ze best lekker, maar wel heel vet vonden. Ja dat is natuurlijk ook zo. Maar je moet het wel geproefd hebben, vind ik. Als we dan ook nog lekker gedoucht hebben, rijden we helemaal ontspannen en rozig naar een gezellig restaurantje. En ik moet zeggen, het zijn bikkels hoor, die meisjes. Want ze bestellen wederom een pálinka, ditmaal een iets zachtere smaak. En die vinden ze lekker. En het word steeds gezelliger aan onze tafel en het echtpaar naast ons kijkt lachend toe. Misschien ergeren ze zich wel dood aan ons geklets en gegiebel. Maar de mevrouw biedt wel aan om een foto van ons te maken. He wat is het toch gezellig! Als Hennie terug van het toilet loopt ze met een onderdeel naar de restauranteigenaar. Ze kijkt er heel serieus bij en de restauranteigenaar haalt zijn schouders op. Wij zo tegen elkaar: wat heeft ze gedaan? En een volgende geichelbui biedt zich alweer aan. Zullen we gaan, zegt Hennie. Niet zo snel, wij willen eerst weten wat dat was net. Maar Hennie zegt dat ze dat dadelijk wel zal vertellen. En meteen begint ook zij keihard te lachen. Dan zijn we niet meer te temmen en beginnen allemaal hard te lachen. We weten alleen niet waarom… Als we buiten zijn vertelt ze dat ze per ongeluk tegen de toiletrolhouder was gestoten. En die hing al op half elf en brak nu helemaal af. Niks spannends dus. Maar voor ons wel een reden om niet meer bij te komen van het lachen. Als we door het donker naar huis rijden zijn we helemaal baldadig geworden. Als we langs een bushalte komen waar wat mensen staan te wachten kan Els het niet nalaten om eens hard te toeteren. Hoezo melig?

Op zaterdag staan we al vroeg op want we gaan naar Budapest. Het is al warm deze morgen, dat beloofd wat. We hebben van Mario opdracht gekregen waar we moeten parkeren, dus dat doen we niet. Het lukt ons niet om bij die parkeerplaats te komen, ook niet na een paar rondjes. Dus parkeren we in een parkeergarage. Wel duur maar ach we zijn met zijn 5en, dus dan valt het wel mee. En het is midden in het centrum en meteen aan het wandelgebied. Als er vijftig meter gelopen hebben, staan een meneer en die probeert ons kaartjes te verkopen voor een hop-on-hop-off bus tour. Hij moest eens weten dat wij dat al van plan waren. En zijn bus stopt hier net om de hoek, dus zo redeneren wij, is het vanavond ook gemakkelijker om de parkeergarage weer terug te vinden. We krijgen nog korting ook omdat we met zijn 5en zijn, dus voor 5000 forint de man hebben wij een kaartje voor 2 dagen in de bus, een anderhalf durende boottocht over de Donau en een avondtour door de stad. Ideaal voor als je voor de eerste keer in Budapest komt, je ziet heel veel toeristische attracties zonder dat je al te moe wordt. Eerst nog een koffie of thee met een lekker gebakje op een te duur terras, maar och wat maakt ons het uit? 


We hebben immers al bespaard op het buskaartje J Als het dan tijd is om in de bus te gaan, gaan we mooi bovenin zitten. Want het is een cabriolet en dat is lekker met deze temperatuur van 30 graden. We hebben een mooi uitzicht over de stad en in de koptelefoontjes krijgen we ook nog wat geschiedenisles over Budapest. 


We komen onder andere langs de Synagoge,
het kasteel van Buda,


we rijden over de Margit brug en hebben vandaaruit een prachtig uitzicht over de Donau. Maar het mooiste uitzicht heb je natuurlijk boven bij het Vrijheidsbeeld.


Dus daar nemen we uitgebreid de tijd om foto’s te maken en souvenirtjes te kopen. Als we weer in de bus zitten komen we langs het prachtige Gellert bad. De bus stopt daar en wij besluiten om weer uit te stappen. Niet om te gaan zwemmen, maar om ons te vergapen aan het interieur van het nostalgische gebouw. 


Ik ben hier nog nooit geweest maar weet nu al dat ik een keer terug kom met Mario om dit thermale water eens te gaan uitproberen! Ik heb steeds tegen de meisjes gezegd dat we naar de mooie overdekte markt moeten, dus we besluiten om de brug over te lopen naar de andere kant van de stad, naar Pest. 


Ondertussen is het al drie uur in de middag en zijn we al iets minder giechelig aan het worden, jaja de vermoeidheid begint toe te slaan. 


Als we dan bij de deuren van de markt zijn aangekomen, staat daar een portier die ons niet al te vriendelijk meedeelt dat de markt gesloten is. Wat nu? Dan gaan we maar even de winkelstraat in en als heel snel word onze aandacht getrokken door een antiekzaakje. Janny en ik staan te kwijlen voor de etalage. 


Heeeel even maar naar binnen…. Het winkeltje staat echt propvol met mooie spulletjes! Vooral Hongaarse beeldjes. Van dezelfde beeldjes die ik in Kaposvár koop voor 5 euro, die kosten hier 80, 90 euro. Dus voor mij blijft het bij kijken. Maar Janny is helemaal weg van een Engels verzilverd roomstelletje. Maar ook dat is echt te duur. Na een kwartiertje onderhandelen, om de hete brij heen draaien,   schrapen we al onze euro’s bij elkaar en de verkoper stemt in met een veeeeeel lagere prijs! Janny blij en de verkoper ook blij. Na een low-budget lunch lopen we weer de brug over, om daar weer op de bus te stappen. 


We zijn nu echt moe en besluiten om wat langer te blijven zitten. De reis gaat verder langs de kettingbrug, het parlementsgebouw


en het vissersbastion. 


Dan zijn we weer boven en hebben wederom een prachtig uitzicht over de stad. Na een rit van 3 kwartier zijn we dan aangekomen op het Heldenplein.



Hier stopt de bus weer, maar wij blijven als enige zitten. We maken de foto’s vanuit de bus en dat gaat best. Maar een paar haltes verder moeten we er toch echt uit, want Hennie kent een mooi koffiehuis en daar moeten we beslist geweest zijn. Oké daar zijn we wel voor te porren. Maar kaartlezen is natuurlijk andere koek. In de auto vertrouwen we blindelings op de navigatie, maar hier moeten we het doen met een doodgewone papieren plattegrond…. Hoe we die kaart ook draaien, het blijft een heel gepuzzel. We lezen de straatnamen, maar er klopt gewoon niks van. We lopen een beetje op ons gevoel, en jawel na een half uur zijn we er! En het is echt de moeite waard geweest. Wat is het New York restaurant prachtig!! 


Dit is echte pracht en praal, allemaal gouden ornamenten en veel marmer. Je weet niet wat je ziet. De koffie is wel 3 keer zo duur als ergens anders, maar daarvoor mag je wel genieten van al dat moois. 


Ik heb nog nooit zo’n mooi café restaurant gezien in ieder geval.. Als we na een klein uurtje weer buiten staan, begint het gedoe met die kaart weer opnieuw. 


Draaien, speuren, weer draaien, och we lopen maar gewoon weer op gevoel. En uiteindelijk lukt dat ook, en zijn we voor ons gevoel in de buurt van de plaats, waar straks de bus vertrekt voor de avondtour door de stad. Even nog een hapje eten en we zijn er klaar voor. Maar we zijn toch nog een stuk verkeerd gelopen en heel erg moe komen we uiteindelijk bij de bus aan. We ploffen op de stoelen neer en genieten van de rit. Hetzelfde als vanmiddag, maar nu allemaal mooi verlicht. 



Na een uur zijn we weer bij het vertrekpunt en lopen moe maar voldaan naar de parkeergarage. En wat treffen we daar aan? Een gesloten parkeergarage! Licht paniek overvalt mij. Wat nu? Ik ben al zo moe en we moeten nog zeker anderhalf uur rijden. En hangt een plaat met een telefoonnummer erop. Zullen we die dan maar bellen en om hulp vragen. En daar staat ook duidelijk op dat het maar open is tot 16:00 uur. Waarom hadden we dat vanmorgen toch niet gezien? Veels te druk met lachen natuurlijk… Maar dan zien wij ineens dat het een parkeergarage van een hotel is. Een paar van de dames beginnen te lachen, die vinden het wel een mop. Ik niet, ik wil naar huis. Dan maar naar het hotel om hulp te vragen. Ik in mijn beste Engels, Hongaars durfde in toe niet meer, we have a problem. A big problem. Ik begin over de parkeergarage en er trek een glimlach over het gezicht van het meisje van de balie. Ik zie haar denken: pff de zoveelste sukkels. Ze legt ons vriendelijk uit dat we gewoon via de lift in de parkeergarage uitkomen en dan de hekken vanzelf opengaan wanneer we betaald hebben. Wat een opluchting!! Hennie en ik gaan naar buiten en wachten bij de poort terwijl de rest met de lift meegaat. Dan bekijk ik het bord met het telefoonnummer nog eens goed en zie dat er autómosó op staat. Oftewel het is een bord van de carwash. Ben ik blij dat we die niet gebeld hebben. De poort gaat open en daar komt onze auto aan. Wat een dag zeg. Maar wat een leuke, gezellige dag! Het is nog net geen middernacht als we bij het huisje op de heuvel arriveren.

En dan is het alweer zondag, de laatste dag voor ons. Het is wederom prachtig zonnig weer. We doen eerst wat we moeten doen, koffertjes inpakken, beetje poetsen en opruimen. Dan lopen we nog even naar János om te vertellen wanneer Mario en ik in oktober weer komen. 


Want dan zal de betonvloer in het gastenverblijf klaar zijn en uitgehard, zodat wij weer verder kunnen met de muren. En zo hebben de meisjes ook meteen nog iets van ons dorpje kunnen zien. 


Maar het is nu echt tijd geworden om te vertrekken. Ik maak nog wat foto’s om aan Mario te laten zien. Op één van de foto’s is al een beetje gras te zien op de zandvlakte. 


Als je goed kijkt dan. We stoppen nog In Siófok, want een bezoek aan Hongarije is niet compleet zonder even het meer gezien te hebben. Maar wat ik hier zie overtreft al mijn verwachtingen. Er is een zandstrand ontstaan. 


Het is zolang droog in Hongarije dat het Balatonmeer een stuk lager is komen te staan. In al die jaren dat wij in Hongarije komen, heb ik dit echt nog nooit gezien! Nog een kopje thee op het terras en we moeten echt verder, anders zijn we niet op tijd op het vliegveld. Anderhalf uur later rijden we de parkeerplaats op. Na een goeie vlucht zijn we om half 5 weer in Eindhoven. Wat was het gezellig en wat hebben we een leuk weekend gehad! Iets wat ik nooit meer ga vergeten en we waren even geen moeder en geen vrouw van, nee even waren we weer meisjes.

Groetjes,
Marti